OM gaat ‘fors meer’ strafzaken zonder tussenkomst rechter afhandelen

Rechtspraak De voorraad strafzaken is de afgelopen maanden volgens Justitie sterk toegenomen door het uitbreken van het coronavirus.

De voorraad strafzaken is de afgelopen maanden volgens Justitie sterk toegenomen en er zijn forse achterstanden opgelopen.
De voorraad strafzaken is de afgelopen maanden volgens Justitie sterk toegenomen en er zijn forse achterstanden opgelopen. Foto Remko de Waal/ANP

Het Openbaar Ministerie wil de steeds verder oplopende voorraad strafzaken wegwerken door eenvoudige zaken vaker zelf af te handelen, zonder tussenkomst van de rechter.

Justitie heeft besloten „fors meer zaken” te gaan afhandelen met een zogeheten strafbeschikking. De officier mag een strafbeschikking opleggen voor overtredingen en misdrijven waarvoor maximaal zes jaar gevangenisstraf kan worden opgelegd. Het gaat om strafbare feiten als eenvoudige mishandeling, winkeldiefstal, openbare dronkenschap, bedreiging, rijden onder invloed, ordeverstoring en vandalisme. „Als deze zaken kunnen worden beoordeeld en afgedaan door een officier van justitie, wordt de voorraad strafzaken substantieel kleiner en kan de rechtspraak zich vooral richten op de zwaardere zaken”, aldus een woordvoerder van het OM.

Lees ook een interview met rechtbankpresident Robine de Lange-Tegelaar: rechters hebben zich uit de naad gewerkt

De voorraad strafzaken is de afgelopen maanden volgens het OM sterk toegenomen door het uitbreken van het coronavirus en het vervallen van de meeste strafzittingen. Het OM wil niet zeggen hoe groot de totale stapel achterstallige zaken is, maar naar verluidt is die hoeveelheid opgelopen tot vijftigduizend.

Niet seponeren

Het OM is voorlopig niet van plan zaken te gaan seponeren, omdat ze te lang blijven liggen. Maar in de toekomst gaat dit misschien wel gebeuren. „Een zaak kan worden geseponeerd als het gaat om een strafbaar feit dat enige jaren geleden is gepleegd, eenvoudig van aard is, waarin geen slachtoffers zijn, en geen sprake is van recidive. Als de voorraad stijgt, kan het tijdelijke gevolg zijn dat er meer zaken onder deze criteria gaan vallen, dan voor de uitbraak van het coronavirus”, aldus het OM.

Het college van procureurs-generaal zegt dat de werkdruk voor OM’ers de komende tijd zal toenemen. Het college wil in overleg met de vakbonden en de medezeggenschapsraad over de wijze waarop de extra inzet kan worden gerealiseerd, aldus OM-baas Gerrit van der Burg. „We zien absoluut het maatschappelijk belang van deze aanpak, maar dat mag niet ten koste gaan van het welzijn van de OM-collega’s, de medewerkers van andere organisaties in de keten en de advocatuur.”

Mogelijk tot in 2022

Lees ook de voorstellen van advocaat-generaal Joep Simmelink om de achterstanden weg te werken

Het OM zegt met verschillende organisaties, waaronder de advocatuur, Slachtofferhulp Nederland, politie, Raad voor de Rechtspraak, Reclassering en CJIB nauw samen te werken aan de verdere afstemming en precisering van de aanpak, die mogelijk doorwerkt tot in 2022. Van der Burg: „Wij hebben zeker ook oog voor de noden van deze organisaties. Deze crisis vraagt om stevige oplossingen, uiteraard gebaseerd op de belangen en rechten van verdachten, slachtoffers en andere betrokkenen. Het is onverteerbaar als geen recht wordt gedaan. Hoe langer berechting op zich laat wachten, hoe groter de druk wordt op het vertrouwen in het functioneren van de rechtsstaat. Het kan niet zo zijn dat er een totaal verstopte strafrechtketen ontstaat met oude strafzaken.”

De rechters laten desgevraagd weten ,,geen groot voorstander van OM-afdoening’’ te zijn. Toch hebben ze, aldus een woordvoerder van de Raad voor de Rechtspraak, „gezien de huidige uitzonderlijke omstandigheden begrip voor tijdelijke maatregelen”. Tussen het OM en rechters is nog geen overeenstemming over een gezamenlijke aanpak. „Het is uiteindelijk belangrijk om tot een gezamenlijk plan van aanpak te komen om de achterstanden in de keten in kaart te brengen en weg te werken, omdat we allemaal van elkaar afhankelijk zijn. Die gesprekken vinden nu plaats.”