Opinie

Stop de verkettering van de oudere witte man

Aylin Bilic

Er is nogal een kruistocht gaande. Feministen, anti-racisten, televisiebazen, maar ook doorsnee personeelsfunctionarissen lijken geen van allen veel op te hebben met de witte man van vijftig of ouder. Hij zou machthebber zijn en dus schuldig.

Wie googlet op ‘witte man’ – eigenlijk is het ‘blanke man’ – vindt bovenaan artikelen in keurige kranten met titels als ‘Het land van de witte man is mijn land niet’, ‘De begrafenis van de witte man’ en ‘In 2050 is de witte man getemd’. Vervang ‘witte man’ door ‘Turk’ ‘moslim’ of ‘vrouw’ en het land zou te klein zijn. Maar voor het beledigen van de witte man gelden blijkbaar andere principes.

Bleef het maar bij beledigen en jennen. Het discrimineren van de witte man is het verbale niveau al lang ontstegen. De witte man wordt in het dagelijks leven gepakt waar het maar kan. Soms openlijk, maar meestal nog enigszins in het geniep. Zo lekte twee weken terug uit dat de NOS de witte man, liefst de wat oudere, al jarenlang stiekem discrimineert. Er was zelfs een zogenoemde ‘divibokaal’ in het leven geroepen voor redacteuren die zoveel mogelijk vrouwen en allochtonen aan tafel wisten te ritselen, en de witte man dus wisten te weren.

Wat bij de NOS gebeurt, is helaas geen uitzondering. De anti-wittemannen-mindset is inmiddels ver doorgesijpeld in de samenleving. Bij de overheid, op universiteiten, in het bedrijfsleven: wie wit is, man, en de 45 gepasseerd, heeft bij sollicitaties een driedubbele aantekening bij zijn naam, heb ik de laatste jaren gemerkt. Neem de TU Eindhoven, waar de witte man er sinds vorig jaar helemaal niet meer in komt. Tenzij het echt niet anders kan.

Ook in de politiek zie ik het momenteel gebeuren. Volgend jaar zijn er Tweede Kamerverkiezingen. De komende maanden stellen politieke partijen hun kandidatenlijsten op. Jong, vrouw, of allochtoon: wie aan twee (of meer) van zulke kwalificaties voldoet, wordt veel politieke partijen bijkans ingetrokken.

Zij hebben de economie decennia draaiende gehouden en een schat aan ontwikkeling en ervaring

Niet alleen ter linkerzijde van het politieke spectrum. Binnen de VVD ken ik redelijk wat politieke, mannelijke talenten die hun sporen de afgelopen decennia verdiend hebben in de maatschappij, en het land graag een aantal jaren zouden dienen als Kamerlid. Maar vrijwel geen van deze politieke nieuwkomers wordt gevraagd. Ook bijvoorbeeld de politiecommissaris niet, die op de radio uitstekend overeind bleef bij een kruisverhoor door Sven Kockelmann, een van de beste interviewers van Nederland. Een man die inhoudelijk zeer sterk is en door zijn jarenlange ervaring aan de top geleerd heeft hoe je door samenwerken echt iets kunt bereiken. Tegelijk zie ik jonge, vrouwelijke twintigers en dertigers – daar zitten zeker getalenteerden tussen – bij wie politieke scouts hun vingers aflikken. Waarom eigenlijk? Of ze straks overeind blijven aan de interruptiemicrofoon in de Tweede Kamer is afwachten, of ze moeilijke dossiers weten te doorgronden al helemaal. En of ze niet veel meer getrokken worden door ambitie en het aantrekkelijke salaris van een volksvertegenwoordiger dan door overtuiging en roeping om het land te dienen: ik heb soms mijn twijfels.

De jongere geïnteresseerden in de politiek hebben meestal een paar jaar werkervaring, denken massaal dat ze over tien jaar minister zijn, hebben het inkomen van Kamerlid hard nodig voor de hypotheek op hun droomhuis, en gaan waarschijnlijk nog aan de baby’s. Dat dat laatste zich moeilijk laat combineren met dag en nacht klaar staan voor het landsbelang, weet iedereen die kinderen heeft.

Tegelijk laat de politiek ervaren vijftigers of ouder links liggen. Terwijl zij de economie al decennia draaiende hebben gehouden, daarbij een schat aan ontwikkeling en levenservaring hebben opgedaan, hun karakters en temperament hebben gepolijst, en financieel onafhankelijk zijn, zodat ze het voor het geld niet hoeven te doen. En nu de kinderen het huis uit zijn, kunnen ze hun tijd en toewijding volledig richten op het dienen van het vaderland.

Het paradoxale is: ik ken geen tijdperk of cultuur waar jongeren ooit het land bestuurden. Altijd zijn het de ouderen die aan het hoofd van een natie of een stam gestaan hebben. Dat was in Europa zo, in het Midden-Oosten, in China en Japan; maar ook in tribale samenlevingen waar opperhoofden zich doorgaans lieten ondersteunen door een adviesraad van stamoudsten. Neem de bijbel, waar de ‘oudsten’ vaak het laatste woord hebben bij moeilijke beslissingen.

We zijn in dit land dus bezig met een uniek experiment. Niet eerder in de geschiedenis werden wijsheid en ervaring zo aan de kant geschoven en gediscrimineerd. Uit pure ideologie. Ideologie, ik dacht dat we daar na de val van de Muur wel klaar mee waren. Dat we besloten hadden dat eindelijk gezond verstand en pragmatisme moesten prevaleren. Helaas, niets blijkt minder waar.

Aylin Bilic is ondernemer en publicist. Ze schrijft om de week op deze plaats.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.