Opinie

Moe

Ellen Deckwitz

De afgelopen weken ben ik ziek geweest en nee, ik weet uiteraard niet of het Covid-19 betrof omdat mijn beroep niet noodzakelijk genoeg is om bij de huisarts een test te kunnen afsmeken. Ik had wel elk symptoom, van ijlen tot hoofdpijn, van verdwenen smaakzin tot hoestbuien van dertien op de schaal van Beaufort. Toen de koorts ging liggen, was ik uitgeput. De benauwdheid maakte plaats voor een vermoeidheid die tot op de dag van vandaag voortduurt, en toen ik vorige week na een stukje wandelen op apegapen lag, belde ik toch maar een bevriende huisarts.

„Weet jij hoelang ik nog moe blijf?”, vroeg ik.

„Oeh”, zei ze, „geen idee, het is zo’n nieuw virus. Van veel coronapatiënten is wel bekend dat ze lang na afloop echt gesloopt zijn. We rekenen nu voor elke week ziek een maand herstel. Als je geluk hebt.”

Sodeju. Ze vertelde dat ze de gehele ziekte, het verloop, de symptomen en eventuele chronische klachten, nog amper in kaart hebben. In hoeverre het permanente orgaanschade oplevert, longaandoeningen veroorzaakt, beroertes bij jonge mensen: elke week komt er meer verontrustende nasleep bij, en dan is maandag ook nog eens bekend geworden dat een nieuwe ernstige kinderziekte ook vermoedelijk verband houdt met Covid-19.

„Maar”, zei ik, „is het dan niet heel dom dat er per 1 juni versoepeling optreedt? Als we niet weten wat de langetermijngevolgen zijn? Moeten we niet extra voorzichtig zijn tot we weten waar we mee te maken hebben?”

Ze verzuchtte dat die versoepeling inderdaad niet handig was. Die avond kroop ik doodmoe in bed. Het was half negen. Wat als het aantal besmettingen weer oploopt, dacht ik. De laatste weken was het alweer flink drukker in de publieke ruimte en ook in mijn eigen omgeving zag ik dat men losser werd. Toch nog even voor de tweede keer op een avond naar de supermarkt voor een extra fles wijn. Toch die verjaardag vieren, braaf op anderhalve meter afstand maar wel met zijn allen van hetzelfde toilet gebruikmaken. Kinderen die weer bij vriendjes mogen spelen. Je wordt slordiger als je geen idee hebt wat je riskeert. Als je denkt dat het maar een soort griep is. Iets waar je niets aan overhoudt. En dat terwijl op dit moment nog niemand weet wat de gevolgen van deze ziekte zullen zijn voor je werk of zelfs levensverwachting.

Vanaf 1 juni komen er weer besmettingen bij, daar kan je vergif op innemen, en zal een deel van de zieken te maken krijgen met langdurige gevolgen. Rillend dacht ik aan vroeger, toen ik mijn gezondheid zo voor lief nam. Haar droeg als kleding waaraan ik zo gewend was geraakt dat ik nooit echt heb stilgestaan bij het gewicht.

Ellen Deckwitz schrijft op deze plek een wisselcolumn met Marcel van Roosmalen.