Boa’s de straat op voor wapenstok en pepperspray

Protest De coronamaatregelen zorgen ervoor dat boa’s vaker worden geconfronteerd met geweld. Tijd om eindelijk de uitrusting te verbeteren, vindt de vakbond.

Boa’s op surveillance in Rotterdam. In sommige gemeenten hebben boa’s wel een wapenstok.
Boa’s op surveillance in Rotterdam. In sommige gemeenten hebben boa’s wel een wapenstok. Foto’s Merlin Daleman

Met coronabestendige protestbijeenkomsten van maximaal dertig personen gaan buitengewone opsporingsambtenaren (boa’s) dinsdag in een aantal grote steden eisen dat ze voortaan met een wapenstok en pepperspray de straat op mogen. Om zich te kunnen verdedigen tegen agressie van burgers, bijvoorbeeld bij coronacontroles, willen de boa’s meer middelen dan de handboeien en de bodycam die ze nu hebben.

Volgens Ruud Kuin, voorzitter van de Nederlandse Boa Bond van de FNV, is de maat vol nadat afgelopen donderdag vier ambtenaren op het strand van IJmuiden werden belaagd door een meute jongeren. Een identiteitscontrole liep uit de hand. „Zelfs een meisje van een jaar of dertien stond een boa op de rug te meppen”, vertelt Kuin. Bij één boa werden de tanden uit zijn mond geslagen. Het hele team is volgens Kuin erg aangedaan. „Het zijn stoere mannen die zich nu aangeschoten wild voelen”.

Lees ook: Bij het zien van de boa’s stuiven de jongeren uiteen

‘De politie doet ingewikkeld’

Al jarenlang vragen boa’s om meer verdedigingsmiddelen. Er zijn in Nederland zo’n 24.000 boa’s: van leerplichtambtenaren tot boswachters. De vakbonden eisen dat in ieder geval de helft van hen – de opsporingsambtenaren belast met handhaving zoals parkeercontroleurs, gemeentelijke boa’s en boa’s in het openbaar vervoer – beter worden uitgerust. „Op een filmpje over de gebeurtenissen in IJmuiden zie je dat de jongeren wegrennen als een agent komt die zijn wapenstok trekt. Dat illustreert heel treffend hoe effectief en preventief die middelen kunnen zijn”.

Boa’s zullen dinsdag volgens Kuin hun „afschuw uitspreken” over het geweld waarmee ze worden geconfronteerd. Ze eisen dat voortaan de burgemeester kan beslissen over de uitrusting van zijn boa’s. Nu ligt de eindverantwoordelijkheid bij de minister van Justitie en die beslist na advies van onder meer de politie. En juist die politie frustreert de boel, volgens Kuin. „Ze willen hun geweldsmonopolie niet afstaan en ik zie hoe de politietop steeds heel slim de boel saboteert nadat minister Ferd Grapperhaus eind vorig jaar al een landelijke regeling heeft toegezegd. De politie doet ingewikkeld, gebruikt lijntjes met het OM en veroorzaakt steeds ruis om te verhinderen dat boa’s zich beter kunnen verdedigen”, zegt Kuin.

Het politieverzet is volgens de vakbondsman ook strategisch. „De politie wil liever meer agenten dan de boa’s betere middelen geven”. Onbegrijpelijk, aldus Kuin, want de politie heeft al lang geen tijd meer om in de wijk te surveilleren. „Dat vinden de huidige agenten niet spannend genoeg”.

Een woordvoerder van de Nationale Politie ontkent dat deze organisatie traineert. „We zijn met alle betrokkenen in overleg over criteria die moeten gelden om te bepalen wanneer boa’s in aanmerking moeten komen voor bepaalde geweldsmiddelen.”

Lees ook: De coronacrisis maakt van de boa’s de nieuwe wijkagent, schrijft Piet van Reenen, oud-directeur Politieacademie

Vakbondsman Kuin denkt aan de winnende hand te zijn met de strijd voor een betere uitrusting van de boa’s. Volgens hem is er in de samenleving „een kentering” te bespeuren. Tot een paar jaar geleden was 90 procent van de bevolking negatief over plannen boa’s uit te rusten met een wapenstok. „‘We gaan niet die debielen uitrusten met wapens’, was de overheersende opvatting”, aldus Kuin. „Nu is duidelijk dat vooral de jonge boa’s mensen zijn met een opleiding van minimaal twee jaar die bovendien voortdurend getoetst worden. Het beeld kantelt’’.

Burgemeesters steunen boa’s

Burgemeesters van het Stedennetwerk G40 – de grotere gemeenten – hebben al eerder gezegd dat boa’s „meer ruimte” moeten krijgen „voor de inzet van geweldsmiddelen”. Ook Tweede Kamerlid Chris van Dam (CDA), partijgenoot van minister Grapperhaus, is om. „De vroege sneue parkeercontroleur bestaat niet meer. De boa van vandaag houdt zich bezig met bestuursrechtelijke handhaving. Hij doet meer dingen waar boeven pijn van hebben en moet zich dus ook kunnen verdedigen”, aldus Van Dam.

De nieuwste taak van de boa’s, de handhaving van coronavoorschriften, heeft het werk van deze handhaver extra zwaar gemaakt. Het aanspreken van grote groepen mensen op naleving van nieuwe regels en het opleggen van soms hoge boetes valt niet steeds in goede aarde, vertelt Kuin. „Ik hoor van boa’s dat ze de afgelopen weken meer agressie hebben meegemaakt dan ze normaal in een heel jaar ervaren”.