‘Heb je dat zélf gemaakt?’

kruipt achter het aanrecht en leert er haar moeder beter kennen. Afl. 11
Foto Wai Chan en Getty Images

Al weken ben ik – net als vele anderen die plots aan huis zijn gekluisterd – in de ban van zuurdesembrood. Natuurlijk stond ik voor een leeg gistvak in de supermarkt. Bij gebrek aan beter besloot ik zelf een desemstarter te maken en vanwege een overschot aan tijd dompelde ik me onder in talloze YouTube-filmpjes over hoe je een desemstarter onderhoudt, waar je het allemaal voor kunt gebruiken, de diverse vouwtechnieken en rusttijden. Het duurde even maar inmiddels ben ik bedreven in het bakken van heerlijk brood, baghrir (duizendgatenflensjes), focaccia’s en pizza’s zonder dat het inferieure supermarktgist eraan te pas hoeft te komen.

Ik probeerde mijn moeder in al mijn desementhousiasme mee te krijgen maar ze wilde er niets over horen. In de ramadan wijkt ze het liefst zo min mogelijk af van haar vaste gewoontes omdat ze tijdens het koken niets mag proeven.

In één van de telefoongesprekken probeerde ik toch uit te leggen wat er zo fantastisch is aan zuurdesembrood. Het is makkelijk – je hoeft het deeg niet te kneden of knokkelen! – en hartstikke gezond. Ik weet niet hoe lang ik in het luchtledige had gesproken, maar ergens halverwege mijn promopraatje had mijn moeder de telefoon opgehangen.

In een laatste poging haar te bekeren besloot ik een brood voor haar te maken en een klein potje starter. „Als ze het geproefd heeft, wil ze het vast gebruiken”, zei ik tegen mijn zus die mijn drang naar erkenning maar overdreven vond. Terwijl het deeg in de koelkast lag te rusten, stuurde ik mijn moeder een foto van de starter. Twee seconden later belde ze.

„Dat is khmira beldia”, zei ze enthousiast. Verbluft: „Heb je dat zélf gemaakt?”

Als jong meisje in Marokko was het koken en bakken in het huishouden haar taak geweest. Ze had meer dan eens geprobeerd desemstarter te maken, maar het was haar nooit gelukt. „De vrouwen in onze wijk hadden allemaal hun eigen recept. Sommigen gebruikten karnemelk of yoghurt, anderen honing. De vrouw van de apotheker gebruikte thee in plaats van water.” Opgetogen vertelt ze over harsha, panbrood, met desemstarter op basis van thee. „Dat was mijn favoriet.”

Mijn oma stuurde mijn moeder er geregeld op uit om khmira beldia bij één van de buren te halen, bij wie hing af van waar ze het voor nodig had. „Ik ben niet verder gekomen dan rogge en water, hoor”, dek ik mezelf in. Toch is ze enthousiast. „Neem je morgen wat mee? Dan gebruik ik het in de pannenkoekjes voor het Suikerfeest.”