Opinie

Versoepeling van maatregelen vraagt om gezond verstand

covid 19

Commentaar

Nederland gaat weer iets verder van het slot. In lijn met de aankondiging van 6 mei worden de beperkingen in verband met het coronavirus per 1 juni versoepeld. De ontwikkeling van het aantal besmettingen en ziekenhuisopnames verloopt dusdanig dat het kabinet het verantwoord acht de teugels iets te laten vieren. Daarmee loopt Nederland in de pas met omringende landen.

Het is al vaker opgemerkt: geleidelijk van het slot halen is aanzienlijk ingewikkelder dan het radicaal afkondigen van een lockdown. Dat blijkt ook wel. De brief aan de Tweede Kamer van deze week waarin minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid, CDA) namens het kabinet de versoepelingen aankondigt is met maar liefst 44 pagina’s aanzienlijk langer dan eerdere brieven over dit onderwerp. En ook in de Tweede Kamer, waar het kabinet nog altijd brede steun geniet voor de hoofdlijnen van het beleid, zijn er meer vragen zoals afgelopen woensdag tijdens het debat met de meest betrokken ministers bleek.

Vragen die zich concentreren op de uitvoering en de effectiviteit van de maatregelen; niet over de noodzaak. Het kabinet heeft die vragen ten dele over zichzelf afgeroepen. De zogeheten ‘intelligente lockdown’ is een gedifferentieerde lockdown. Dat leidt al gauw tot interpretatieverschillen en dus tot verzoeken om opheldering. Wat kan of mag nog wel en wat niet? Lastig, maar niet onoverkomelijk zoals tijdens de eerste fase is gebleken. En verre te prefereren boven een uniforme oekaze. Nederland is ondanks alle beperkingen toch nog enigszins leefbaar. En getuige de cijfers over de ontwikkeling van het virus is dit niet onverantwoord gebleken.

Maar het kabinet zorgt ook onnodig voor verwarring. Dat is het duidelijkst te zien bij de mondkapjesdiscussie die de vorm van een klucht heeft aangenomen. Nadat lange tijd het beschermende nut hiervan is betwijfeld - volgens premier Rutte (VVD) kon het mondkapje als gevolg van onjuist gebruik zelfs contraproductief werken – wordt het per 1 juni toch voorgeschreven in het openbaar vervoer. Maar, aldus een richtlijn, dit mogen geen medische gecertificeerde dus extra beschermende maskers zijn. Deze blijven gereserveerd voor medewerkers in de zorg. Maar die medische mondkapjes zijn nu al op grote schaal bij allerlei winkelketens te koop.

Voorts geldt de maskerplicht voor in het openbaar vervoer. Voor wie de trein verlaat is het dragen slechts een advies, omdat volgens het kabinet op stations het 1,5 meter afstandregime van toepassing is. Het hanteren van de 1,5 meter tussenruimte is daartegen juist bij het in- en uitstappen moeilijk. Hier lijkt de voor overtuigingskracht essentiële logica zoek.

Vanaf 1 juni wordt Nederland weer iets normaler. Met de nadruk op iets. Want de gevolgen van Covid-19 zijn nog altijd immens. Uitzicht op een vaccin is er nog niet. Evenmin is nog duidelijk hoe het virus zich ontwikkelt. Wat dit betreft zijn de jongste berichten dat het wel degelijk door dieren kan worden overgedragen zeer verontrustend.

Naarmate de crisis langer duurt is het vragen om discipline een grotere opgave. Dat bleek de voorbije weken al toen het door ongemak gevoede ongeduld duidelijk toenam. Het gaat telkens weer om de afweging tussen vrijheid van de een en verantwoordelijkheid voor de ander. Uiteindelijk komt het neer op het gezond verstand van zowel de bevolking die wordt aangesproken als van de handhavers. Dat is niet zonder risico, maar wel zo wenselijk.