Recensie

Recensie Vormgeving

Monument van hoogmoed verdwijnt

Nauwe verwanten / Architectuur Amsterdam De dagen van de garage Kempering in de Bijlmermeer zijn geteld. Maar op Oostenburg is een nieuwe betonnen parkeerkolos verrezen.

Garage Kempering in de Bijlmer.
Garage Kempering in de Bijlmer. Foto Herman Bunzing

Wie het imposante karkas van de Kempering-garage in de Bijlmermeer wil bewonderen, moet haast maken. Nu twee weken geleden de laatste ‘ongedocumenteerden’, asielzoekers zonder documenten die hier lange tijd verbleven, de garage zijn uitgezet, is de afgelopen dagen een voorzichtig begin gemaakt met de sloop van de vier enorme betonnen vloeren die rusten op een woud van kolommen. Eerder al werden de gevels van glazen lamellen verwijderd, zodat voorbijgangers nu in het geraamte van het stervende betonmonster kunnen kijken.

Bijna vijftig jaar is de Kemperinggarage geworden. In zijn beginjaren was de garage onderdeel van een van de honderden meters lange galerijflats, de voornaamste grondstof van de oorspronkelijke Bijlmermeer, de ‘stad van de toekomst’ die omstreeks 1970 werd gebouwd. Net als de andere Bijlmerflats was de Kempering bedoeld als een verticaal dorp in de geest van Le Corbusiers beroemde Unités d' Habitation, de woonblokken op poten met eigen voorzieningen als winkels in Marseille en andere steden.

Anders dan verwacht werd de Kempering Flat geen dorpsidylle

Vanaf de verhoogde Karspeldreef konden de eerste bewoners van de Kempering hun garage binnenrijden. Bij de ingang van de luchtbrug tussen de garage en hun flat zou een kiosk of een gezellig barretje komen, zo hadden de idealistische ontwerpers van de Amsterdamse dienst Stadsontwikkeling bedacht. De overdekte luchtbrug en de flatgalerijen hadden ze bedoeld als autoloze straten voor spelende kinderen en koffiedrinkende of borrelende ouders.

Maar een dorpsidylle is de Kempering nooit geworden. Van begin af waren de grauwe parkeergarage en galerijen van ruw beton naargeestige plekken waar de bewoners zo kort mogelijk wilden zijn. Criminelen en junkies verbleven er des te liever. In 1984, een jaar of twaalf na de oplevering, stond de Kempering voor de helft leeg.

Sloop

Nadat de Kemperingflat, zoals zo veel van de galerijflats in de Bijlmermeer, in de jaren negentig in het kader van een rigoureuze stadsvernieuwing was gesloopt begon de leegstaande garage aan een tweede leven. Het restant van de Kempering diende, onder meer als atletiekbaan en zowel de binnen- als de buitenkant werd versierd door graffiti-kunstenaars. Ook werden er theatervoorstellingen gegeven en zelfs een festival gehouden. Een deel van de garage kwam in gebruik als kerk van de locale Ghanese Pinkstergemeente, waarvan het bord met de Engelstalige aankondiging van de kerkdiensten nog altijd aan de gevel hangt. Zo groeide de Kemperinggarage de afgelopen decennia uit tot een markante herinnering aan de hoogmoed van stedenbouwers, die met de naburige Talibah-moskee (compleet met koepel en minaretten) uit 1985, nieuwe woontorens en bakstenen rijtjeshuizen en de lompe, brutalistische metrobanen een schitterend bizar ensemble vormt.

Garage Kempering in de Bijlmer. Foto Herman Bunzing

Er zijn de afgelopen jaren dan ook verschillende plannen gemaakt om de Kempering als monument te behouden. Maar zelfs het eenvoudige voorstel om er een multifunctioneel buurtcentrum van te maken, bleek financieel niet haalbaar. Uiteindelijk besloot het stadsdeel Zuidoost in 2019 om de garage te slopen.

Maar dit betekent niet dat de Kempering nu van de aardbodem verdwijnt. Een aantal onderdelen van de garage, zoals het kerkdienstenbord van de Pinkstergemeente en enkele graffiti-werken, blijven bewaard. Bovendien maakt het Street Art Museum in Amsterdam-Noord een 3D-video van de garage, die de basis wordt van een virtuele tocht die museumbezoekers met behulp van een VR-bril door de Kemperinggarage kunnen maken. En stadsdeel Zuidoost wil dat de nieuwbouw van honderd woningen die voor de garage in de plaats komt de contouren krijgt van de Kempering. Zo blijft de oude Bijlmergarage behouden als ‘mentaal monument’, zoals deze nieuwe vorm van erfgoedbeheer wordt genoemd.

Haute couture

Terwijl de dagen van het Kemperingmonster zijn geteld, is op het vroegere industriegebied van het oostelijke eiland Oostenburg onlangs een parkeergarage voor zevenhonderd auto’s opgeleverd. Nu staat de langwerpige betonkolos nog zielig alleen bij het prachtige, gestripte stalen skelet van een van de monumentale hallen die machinefabriek Werkspoor naar een ontwerp van A.L. van Gendt, de architect van het Concertgebouw, omstreeks 1900 liet bouwen. Maar over enkele jaren zal de garage ingeklemd zitten tussen woningblokken. Uiteindelijk moeten er op het voormalige industriegebied, waar de VOC eens haar schepen bouwde, 1.800 nieuwe woningen komen.

Net als de Kemperinggarage is Parkeerhuis Oostenburg, zoals de garage chic heet, vrijwel helemaal opgebouwd uit geprefabriceerde betonelementen. En al bestaat de Oostenburgs garage uit twee delen, waarvan de vloerhoogtes verschillen, in wezen is ook het Parkeerhuis niet meer dan een opeenstapeling van vloeren op kolommen.

Parkeerhuis Oostenburg, ontworpen door MIX architectuur. Foto Herman Bunzing

Maar terwijl het ontwerpwerk van de no nonsense Bijlmergarage in 1970 tot een absoluut minumum beperkt bleef, is aan de voor- en achtergevel van de Oostenburg garage juist opmerkelijk veel aandacht besteed. De architecten van MIX die het Parkeerhuis ontwierpen, hebben vier verschillende betonelementen laten maken, met verschillende formaten en elk met een eigen structuur, waaronder die van riet en ruw houten bekistingsplanken. Daarmee hebben de architecten twee mooie abstract-geometrische gevelcomposities gemaakt die zich tot de simpele glazen bekleding van de Kempering verhouden als haute couture tot confectie.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.