Recensie

Recensie Muziek

In The Eddy is muziek de taal waarin je echt met elkaar praat

Netflix De jazzy serie The Eddy klinkt en voelt steeds weer anders. De setting in veelkleurig Parijs is te cool om je aan het soms struikelende verhaal te ergeren.

Trompettist Ludovic Louis in jazzclub The Eddy.
Trompettist Ludovic Louis in jazzclub The Eddy. Netflix

Parijs houdt van jazz. De stad is al bijna een eeuw een toevluchtsoord voor Afro-Amerikaanse jazzmusici die het racisme en de narcoticabrigade van hun geboortegrond ontvluchten. In de Netflixserie The Eddy volgen we de gevierde pianist Elliott Udo die naar Parijs komt gedreven na de dood van zijn zoon. Hij begint een jazzclub en een nieuwe band.

Maar de problemen stapelen zich op: hij krijgt te maken met de georganiseerde misdaad, zijn wilde dochter komt bij hem wonen, bandleden haken af. We zien hem de hele tijd rondrennen om alles te fixen, terwijl zijn wereld uit elkaar valt. Elliot weigert zelf nog een noot te spelen. Om ongeveer dezelfde reden waarom hij moeite heeft met liefde en vriendschap: wanneer hij zijn gevoel toelaat, komt er ondraaglijke pijn los.

Plots ondergeschikt

De serie doet denken aan Treme, de serie over New Orleans. De series gaan allebei over muziek, hebben eenzelfde trage tempo, en geven alle ruimte aan het portretteren van de personages en de omgeving waaruit ze komen. De plots zijn ondergeschikt aan de karakter- en milieutekeningen. Zo krijg je in The Eddy een mooi beeld van veelkleurig Parijs: naast de Afro-Parijzenaren volg je ook de Arabische straatjongeren in de Banlieu, de Marokkaans-Franse middenklasse, Polen en andere Oost-Europeanen. In de serie wordt Engels, Frans, Arabisch en Pools door elkaar gesproken. Een hoogtepunt is een Marokkaanse begrafenis. Waar anders krijg je een minutenlange scène te zien waarin de oude vader en de puberzoon een overledene wassen? Hoe verschillend de personages ook zijn, ze hebben allemaal gemeen dat ze moeilijke levens lijden, en dat ze troost vinden in vriendschap en muziek.

Muziek staat centraal, net als in La La Land, de bekendste film van regisseur en producer Damien Chazelle. Die musicalfilm ging ook over een jazzclubeigenaar, maar daar houdt de vergelijking wel op. La La Land is zwaar gestileerd, The Eddy is juist gedraaid in de onrustige, grofkorrelige cinema-véritéstijl, wat weer doet denken aan zijn andere intense jazzfilm: Whiplash.

Britse schrijver Jack Thorne wisselt de ruigrealistische scènes af met tamelijk zoete passages rond de boodschap „samen staan we sterk”. Verder kan het verhaal inhoudelijk soms wat struikelen. Dit pik je omdat de setting zo cool oogt, en je je laat meenemen door de personages. André Holland (Moonlight) speelt de adellijk coole jazzclubeigenaar; Amandla Stenberg (The Hate U Give) zijn verwende, wilde dochter, en de Poolse actrice en zangeres Joanna Kulig (Cold War) zijn ex-vriendin, die te veel van hem houdt.

Jazzclubeigenaar Elliot (André Holland) en zijn wilde dochter Julie (Amandla Stenberg). Netflix

Bovenal is het de door alle scènes geweven muziek die The Eddy werkelijk draagt en optilt. In wervelende, gelukkig weinig gladgestreken live-performances, in ‘spontane’ geïmproviseerde scènes - neem de ontroerende en meevoerende jamsessie in New Orleans-stijl na die eerdergenoemde begrafenis. Muziek blijkt de taal waarin echt met elkaar gesproken wordt: woedend wenend, juichend en jubelend.

Modern eclectisch jazzgeluid

In het multiculturele Parijs is de jazz een smeltkroes van stijlen. Muziek die Arabische, Noord-Afrikaanse en Latijns-Amerikaanse achtergronden kruist, een modern eclectisch jazzgeluid uit de banlieue waar een nieuwe generatie musici zich naar de andere kant van de periferie probeert te ontwikkelen. De gemengde, modern creatieve stijl doet soms denken aan de jazz van de Frans-Libanese trompettist Ibrahim Maalouf.

Nee, hier bepaald niet het romantische cliché van grootstedelijke jazzromantiek uit de jaren vijftig in de kleine, half verduisterde nachtclub. Weg blijft de serie van jazzstandards, op bijvoorbeeld Duke Ellingtons ‘Drop Me Off In Harlem’ na. De huisband van de jazzclub – ‘echte’ musici uit alle windstreken zoals pianist Randy Kerber en trompettist Ludovic Louis aangevuld met hoofdrolspelers die een instrument leerden spelen (Amandla Stenberg op klarinet) speelt veelal nieuwe nummers. De door de gevierde Amerikaanse muziekproducer Glen Ballard met pianist Kerber geschreven jazzliedjes hebben een laag instapniveau. Zeker door het lichte, tegen pop aanschurkende stemgeluid van actrice Joanna Kulig – al lijkt ze gaandeweg vrijer te worden. Voor de soundtrack is ‘Kiss Me in the Morning’ ingezongen door de Britse zangeres Jorja Smith.

Maar het groepsgeluid zónder vocalen is zonder meer ferm, gedreven en groovy met blazers, die je bij de lurven pakken. Dat is geen acteerwerk. Dat is muziek maken zonder barrières. Los uit de pols; zeker aangezet door het eigenlijk minstens zo jazzy camerawerk. Het klinkt en voelt steeds weer anders.

Luister hier naar de soundtrack: