Reportage

Zeeland wacht met smart op de Duitsers

Toerisme in coronatijd Na een dramatisch voorseizoen hopen de Zeeuwen op zomerse topdrukte – op anderhalve meter afstand. „Het begint weer te leven.”

Oma’s Snoepwinkel in het historische plaatsje Veere. Snoep is een „troostaankoop” in coronatijd, zegt eigenaar Jan Mosmans.
Oma’s Snoepwinkel in het historische plaatsje Veere. Snoep is een „troostaankoop” in coronatijd, zegt eigenaar Jan Mosmans. Foto's Wouter van Vooren

Flessenlikkers, daar zijn Amerikaanse toeristen gek op. Op tulpentour komen ze per boot en bus langs het Zeeuwse plaatsje Veere. „Kijk, dít is de Hollandse zuinigheid, vertellen we erbij”, zegt winkelier Jan Mosmans. „Daar schraap je zo een pak yoghurt mee leeg. Past best in mijn koffer, denken ze dan. En dertig Amerikanen kopen zo’n ding van 2,95 euro. Heb je toch weer negen tientjes.”

Maar sinds de coronacrisis zijn er geen Amerikanen meer in Veere. „Die verwacht ik de komende twee jaar niet”, zegt Mosmans. „In Amerika is het nog een puinhoop. Ze zijn sowieso wat bangig.”

Met zes winkels in Veere leeft Mosmans van het toerisme. Ook de beste klanten bleven de laatste weken thuis: Duitsers, Belgen en Nederlanders. In april kelderde Mosmans’ totale omzet met 96 procent naar 14.000 euro, zegt hij. Om zijn twintig werknemers te kunnen blijven betalen, heeft hij een aanvullende hypotheeklening afgesloten.

Het historische Veere, een van de trekpleisters van Walcheren, is een stilleven geworden. ‘Vrij’ staat er in groene letters op de borden voor alle parkeerterreinen. Mosmans kleinste zaak, Oma’s snoepwinkel – met toverballen en duimdrop – draaide sommige dagen nog het best. „Want snoep is een troostaankoop.”

Misschien is de schade nog te beperken, hoor je nu op het schiereiland. Horeca en de terrassen mogen vanaf 1 juni weer open van het kabinet.

Ook de Veiligheidsregio Zeeland, die extra strenge maatregelen voor het toerisme had genomen omdat de provincie maar twee ziekenhuizen heeft, versoepelt weer. Hotels, pensions en bed and breakfasts mogen sinds 15 mei weer helemaal open, campings voor de helft en per 1 juli mogelijk helemaal. Ook strandhokjes mogen weer gebruikt worden.

Lees het artikel In Zeeland is het crisistijd, niet langer vakantietijd

Afgelopen zaterdag was in Veere voor Mosmans de beste dag in zeven weken – met nog steeds 85 procent omzetverlies. „Bijna reden om een flesje open te trekken na alle ellende. Het begint weer te leven.”

Als veel Nederlanders vanwege corona dit jaar op vakantie in eigen land gaan, kan het hier zelfs druk worden. Zo is er voor het toerisme in Walcheren een dubbele werkelijkheid aan het ontstaan. Enerzijds bestaat de vrees voor een grote crisis die de regionale ontwikkeling terugwerpt. Tegelijkertijd moeten ze het massatoerisme straks in de anderhalvemetersamenleving zien in te passen.

‘Voorseizoen naar de knoppen’

In 2018 had Zeeland in totaal 18,6 miljoen overnachtingen en 42 miljoen dagbezoeken, volgens een rapport van het Kenniscentrum Kusttoerisme van april. Het was goed voor 1,85 miljard euro aan bestedingen, oftewel ruim 9 procent van de werkgelegenheid in de provincie.

Met zulke grote getallen is de coronaschade voor de toeristische sector ook flink: tot begin mei gaat het om 220 miljoen euro omzetverlies, volgens onderzoek van branchekoepel Toeristisch Ondernemend Zeeland (TOZ). Het zal leiden tot ontslagen en faillissementen, minder investeringen en minder belastinginkomsten.

Lees het artikel Zeeland wil níét ‘als vakantieprovincie’ eindigen

„Men heeft de hoop dat de zomer toch wat goed gaat maken”, zegt Diana Korteweg Maris van het Kenniscentrum Kusttoerisme „Anderzijds, de zomer is normaal toch wel topdrukte. Dat is je basis, daar haal je niet veel in. Je hoopt de plus altijd te halen uit je voor- en naseizoen. Het voorseizoen is nu natuurlijk volledig naar de knoppen.”

Als de Duitsers weer komen, dan komt het goed, zeggen ze in Walcheren. Henk’s Viskraam in Vlissingen had begin mei de eerste Duitse klanten van dit jaar. „Ik schrok er zelf van, ik was er ontzettend blij mee”, zegt zijn dochter Marieke Marijs. In het voorjaar staan ze anders in de rij voor Heisser Backfisch.

Nu Duitsers niet meer twee weken in thuisquarantaine moeten na een lang weekend buitenland, is de hoop dat er meer de grens over durven. Vanaf Noordrijn-Westfalen zijn ze in een paar uur aan zee, veel Duitsers hebben er een vakantiehuisje. „Ihr zweites Zuhause in Top-Lage”, staat op een groot billboard langs de N57 bij de Oosterscheldekering.

Hotels aan zee hebben voor 65 tot 70 procent aan Duitse gasten, schat Peter Bommeljé in Mezger Lodges in Domburg, een van de zeven hotels die hij in Zeeland exploiteert. „Héérlijk”, lacht hij. „Duitse gasten zijn prima. Als het niet goed is, krijg je het te horen. Als het ze wel bevalt, heb je de gast van je leven. Die komt jaar na jaar weer terug.”

De zomerboekingen trekken aan, Duitsers zullen ook weer komen, denkt Bommeljé. Nu is zijn omzet nog niet de helft van een normaal seizoen. „Op korte termijn is het vertrouwen er echt nog niet. Mensen zijn heel terughoudend.”

Vooral luxere hotels, zoals hij heeft, zullen de coronacrisis voelen, zegt hij. „Aan de andere kant: het is tegenwoordig met internet zo makkelijk om met je prijs te spelen. We kunnen any second schakelen. Per saldo zal een crisis meer effect hebben op onze prijzen, de bezetting zal op jaarbasis redelijk blijven.”

Geen kerncentrale of tanker: pandemie

Bij gezinscamping De Pekelinge in Oostkapelle ontplofte de mailbox toen premier Rutte begin mei zijn exitplan voor de lockdown uitvouwde. Dat was hoog tijd, vertelt eigenaar Twan Vermeulen. „Ik zei altijd: zolang de kerncentrale in Borssele geen problemen krijgt en er geen olietanker op de kust klapt, loopt het hier goed. Een pandemie stond niet op dat lijstje.”

In 35 jaar heeft de familie een vijfsterrencamping opgebouwd met overdekt zwembad, klimhal en BMX-baan, midden tussen de akkers op drie kilometer van zee. „Dat zie je dan in een paar maanden tussen je vingers door glippen.” In de meivakantie waren hooguit vijftig van de ruim vijfhonderd plaatsen bezet. Toen ging Vermeulen uit van 30 procent verlies van de jaaromzet: 1 miljoen euro. Nu campings half open mogen, denkt hij van Hemelvaart tot juli 40 tot 50 procent vol te kunnen boeken.

Gemeenschappelijke douche- en toiletgebouwen moeten vooralsnog gesloten blijven. Hierdoor wordt de ene camping zwaarder getroffen dan de andere, zegt Vermeulen. Zijn geluk is dat hij driehonderd plaatsen met privésanitair kan verhuren, in caravans, chalets en de nieuwe hotellodges: strakke glazen boxen, pal aan het aardappelveld.

Handschoenen en een gezichtsmasker op de markt in Middelburg.
De markt in Middelburg begint langzamerhand weer meer klanten te trekken.

„Waarom dat sanitair gesloten moet blijven, wordt niet helder uitgelegd”, vindt hij. „Ik vermoed dat waterdamp als verspreidingsrisico wordt gezien. Of blijkt uit onderzoek dat corona via je billen wordt overgedragen? Als het gewoon gecommuniceerd wordt, kun je tenminste oplossingen zoeken. Douchecabines huren bijvoorbeeld, dan kunnen de toiletten wel open.”

„Daartoe is besloten”, antwoordt de woordvoerder van minister Ferd Grapperhaus van Justitie en Veiligheid (CDA), „omdat het op die plekken in de praktijk erg moeilijk is om anderhalve meter afstand te houden”.

„Ik bestrijd dat”, reageert Vermeulen. „Wij hadden voor onze toilet- en douchegebouwen al een pasjessyteem bedacht, onder toezicht van een schoonmaker van zeven uur ’s ochtends tot tien uur ’s avonds. In winkels is afstand houden ook lastig. Daar krijgen winkeliers wel de verantwoordelijkheid.”

Drukte in de binnenstad neemt weer toe

In Middelburg heeft adviseur Cees Verhage van de ondernemersvereniging het gevoel dat ze weer terug bij af zijn. Sinds het dieptepunt van de vorige crisis in 2013 is hard gewerkt aan een aantrekkelijk winkelbestand in de binnenstad. „En nu gaan er weer grote gaten vallen”, zegt Verhage in het Ondernemerslokaal vlak bij de Markt, een ruimte naast een fietsenstalling en de openbare toiletten.

„We waren denk ik een van de weinige steden hier met een lijst van bedrijven die een vestiging wilden”, vertelt Verhage. „Nou, dat ging wel over toen dat coronavirus kwam. Nu zegt iedereen: ik kijk het eerst nog wel een jaartje aan.”

„Vroeger maakten vakantiegangers misschien een keer een uitstapje naar Middelburg”, vult schipper Roland van Banning van Rondvaart Middelburg aan. „Nu komen mensen echt naar Middelburg voor de aantrekkelijke stad, dat moeten we wel vast zien te houden.”

Alle publiekstrekkers deze zomer zijn geschrapt: het korenfestival, de stadsfeesten, de watersportdagen, het jazz- en het muziekfestival, de mosselfeesten, de kermis en het nazomerfestival. Een publiekscampagne moet Middelburg in beeld houden. „Wachten tot het moment dat we elkaar weer mogen ontmoeten”, hoor je in een filmpje met melancholieke pianomuziek.

Tegelijkertijd begint het op marktdagen alweer drukker te worden in de binnenstad. Het is een vraag voor de gemeente en ondernemers: ze willen het toerisme vooral op peil houden, maar hoe houd je het prettig druk in coronatijden? Verhage: „We willen óók kunnen communiceren: Middelburg heeft de ruimte.”

Om de winkelstraten vrij te houden, gaan plantenbakken aan de kant. Het fietsverkeer wordt omgeleid en stewards gaan het winkelend publiek begeleiden. Verhage: „Er is voor een behoorlijk aantal toeristen plek, behalve op de topdagen. Dan zullen we ook moeten zeggen: kom niet naar Middelburg, even niet.”

Ruzies over tafeltjes

Hoteliers in Domburg piekeren ook over het anderhalvemeterseizoen van 2020. Ruzies over tafeltjes in restaurants, onbehaaglijke drukte in winkels en op het strand, dat willen ze voorkomen, staat in een actieplan. Ze willen dagtoeristen meer spreiden over de stranden ten oosten en westen van Domburg.

„Dit is misschien wel een mooi moment om het roer om te gooien”, oppert hotelier Peter Bommeljé. „Moeten we nog wel inzetten op die grote massa? Met alle verkeersproblematiek is het soms bijna chaos hier. Ik kan me voorstellen dat inwoners en verblijfsaccommodaties zich afvragen of het wel zo verder moet. Het ontbreekt alleen wel aan iemand die daar een beslissing in neemt. Iemand die durft te zeggen: kijk jongens, zó gaan we het doen.”

„Ja, daar zijn we mee bezig”, zegt wethouder Adri Roelse van de gemeente Veere op een van de bankjes langs de boulevard van Zoutelande – allemaal vrij. Het vlakke land van Walcheren krult hier op tot hoge groene duinen. Zeeschepen varen vlak bij het strand onverstoorbaar voorbij.

Het massatoerisme drukt binnen de gemeente Veere vooral op badplaatsen zoals Zoutelande en Domburg plus het gelijknamige plaatsje Veere, blijkt uit onderzoek van vorig jaar. Oplossingen zijn er alleen nog niet, zegt Roelse: „Het college moet met de raad bekijken wat we kunnen doen.”

Net voor de coronacrisis zat Veere nog in een politieke crisis. Het was wethouder Roelse zelf die met de partij Dorpsbelangen en Toerisme Veere (DTV) uit de coalitie met VVD en SGP/ChristenUnie stapte. „Dat liep niet lekker meer, om een lang verhaal kort te maken”, is alles wat Roelse erover wil zeggen.

Het nieuwe college van DTV, CDA en PvdA/GroenLinks, dat 19 maart is geïnstalleerd, begint dus midden in een noodsituatie. Om ondernemers te helpen, zijn inmiddels maatregelen genomen. De betaling van de ozb- en toeristenbelasting is tot 1 september uitgesteld. Horeca-ondernemers mogen een aanvraag doen om openbare ruimte tijdelijk als terras in te richten. De ‘precariobelasting’ voor het gebruik van die ruimte wil het college halveren.

Veel meer kan de gemeente niet doen, volgens de wethouder. Financiële steun zal van het Rijk en Europa moeten komen, vindt hij.

’s Avonds laat krijgt Roelse nog mails van bezorgde ondernemers. Zoals laatst van een jonge vader met een hypotheek die nu bijzondere bijstand krijgt. Roelse: „Op dat moment kan ik weinig antwoorden. Je kunt je medeleven tonen. Deze crisis overkomt ons. We moeten er samen het beste van maken.”