Mariëtte Hamer, SER-voorzitter: „De economie moet weer op gang komen. Daaraan kun je je oorspronkelijke doelen verbinden.”

Foto David van Dam

Interview

Advies denktank: ga investeren en werk sámen in Europa

Mariëtte Hamer | Initiatiefnemer denktank SER-voorzitter Hamer richtte een denktank op voor advies aan het kabinet over economisch herstel ná de crisis. Ze is kritisch over het gebrek aan Europese samenwerking en solidariteit.

Mariëtte Hamer is goed in het bij elkaar brengen van mensen. Dus richtte de voorzitter van de Sociaal-Economische Raad (SER) de Denktank Coronavirus op. „Ik dacht: al die kennisinstituten gaan nu hetzelfde doen. We gaan allemaal monitoren, willen er allemaal van proberen te leren en gaan allemaal aanbevelingen doen. Laten we de boel bij elkaar harken.” Nu werken onder andere CPB, DNB, SCP, CBS, WRR, Clingendael, Onderwijsraad, sociale partners en de kroonleden van de SER samen. Premier Rutte omarmde Hamers denktank toen de Tweede Kamer vorige maand vroeg om een bredere groep experts dan de medici en virologen uit het Outbreak Management Team. De denktank geeft gevraagd en ongevraagd advies.

En nu, twee maanden later, ligt er een eerste stuk. „De eerste vraag van het kabinet was: wat wil je ons in zijn algemeenheid meegeven”, zegt Hamer. „Nou, dat is dit.” In het voorwoord staat dat de denktank „de contouren van het beleid naar herstel van de economie en de terugkeer naar het leven van alledag” schetst. Wij bemoeien ons niet met de exitstrategie om uit de lockdown te komen, zegt Hamer. Je moet het zo zien, zegt ze: „De motor heeft helemaal stilgestaan. Wij kijken: hoe krijg je die motor weer aan de praat en waar moet je dan op letten?”

Lees ook het interview met Mariëtte Hamer van afgelopen najaar over het herwonnen zelfvertrouwen van de SER.

De denktank heeft een „herstelagenda” geformuleerd die bestaat uit tien thema’s, waaronder ‘werk samen in Europa aan het economisch herstel’, ‘laat geen generatie verloren gaan’ en ‘aan de slag met de nieuwe agenda voor de arbeidsmarkt en sociale zekerheid’. Heel concrete aanbevelingen ontbreken, het gaat meer om de richting. Maar de uitwerking komt nog, belooft Hamer. De ene keer zal de denktank een thema verder uitwerken, de andere keer pakt de SER een onderdeel op, of één van de andere kennisinstellingen.

Wat is de belangrijkste boodschap?

„We moeten ons voorbereiden op een diepe recessie. Dat we allemaal ziek kunnen worden, weten we nu. Maar we moeten mensen weerbaarder maken, om ook de economisch minder rooskleurige tijden door te komen. Onze boodschap aan de politiek is: pak de agenda die je aan het maken was, weer op. Je had allerlei doelen en ambities: de groeiagenda, het Klimaatakkoord, het diversiteitsbeleid. En: ga investeren.” Extra investeringen van de overheid zijn „nuttig en nodig”, schrijft de denktank. De lage rentestand maakt het ook mogelijk. „Dat kan die motor laten lopen”, zegt Hamer. Het investeringsfonds dat ver voor de coronacrisis werd aangekondigd door de ministers Wopke Hoekstra (Financiën, CDA) en Eric Wiebes (EZ en Klimaat, VVD) „moet er gewoon komen”, zegt ze. Juist in deze crisis. De overheid zou al die miljarden bijvoorbeeld kunnen steken in infrastructurele projecten, zoals een goede railverbinding tussen Randstad en regio’s, en in kennis, innovatie en sleuteltechnologieën zoals kunstmatige intelligentie. En in verduurzaming, zodat ook de klimaatdoelen worden gehaald.

Tot de werkgevers: zet die jongeren nou niet de deur uit

Mariëtte Hamer Denktank Coronacrisis

In de Kamer zegt het ene kamp: juist in crisistijd moet je aan verduurzaming werken. Het andere zegt: in een crisis moet je daar even niet over beginnen.

„Omdat het tegenover elkaar wordt gezet! Als je zonnepanelen op het dak gaat leggen, biedt dat een hoop werkgelegenheid. Als je je moet gaan herinrichten op de nieuwe fase, doe het dan meteen duurzaam. De economie moet weer op gang komen en daaraan kun je je oorspronkelijke doelen verbinden. Bij duurzaamheidsbeleid is altijd het adagium: als wij het alleen doen, zijn we niet meer competitief. Daarom zeggen wij ook: doe nou de dingen in Europa samen.”

U bent ronduit kritisch over het gebrek aan Europese samenwerking.

„Het lijkt soms net alsof Nederland tegenover Europa staat. Wij doen een dringend beroep op iedereen: zie nou wat de winst is als je dit met elkaar in Europees verband doet. Je hebt elkaar hard nodig. Opwaartse convergentie is belangrijk: neem de landen die niet zo ver zijn als wij, mee.”

Dat was niet de inzet waarmee minister Hoekstra in Brussel onderhandelde over noodhulp voor Zuid-Europa.

„Wij gaan als denktank natuurlijk niet zeggen: dat doet die minister goed of fout. Maar voor de volgende fase zeggen we: kies dan voor saamhorigheid. We zijn afhankelijk van elkaar. Uiteindelijk profiteert ook Nederland als we in Europa allemaal op hetzelfde niveau komen.”

Maar u schrijft ook over Europese beleidsafstemming.

„Mensen begrijpen het niet als Nederland in de corona-aanpak afwijkt van de landen om ons heen. De vakantie staat voor de deur. Het zou ontzettend helpen als we overal dezelfde regels hanteren.”

Tot slot. U maakt zich zorgen over jongeren en vrouwen.

„Vooral de generatie die zich nu voorbereidt de arbeidsmarkt op te gaan, heeft langdurig last van deze crisis. Wij richten ons dus tot werkgevers met een oproep: zet die jongeren nou niet meteen de deur uit. Een slechte start op de arbeidsmarkt kan grote negatieve gevolgen hebben. Verder zien we in elke recessie dat vrouwen sneller geneigd zijn een stapje terug te doen of er eerder uit worden gezet. In deze crisis zie je ook dat vrouwen meteen veel minder uren werken. We waarschuwen: verval niet in die oude patronen. Ga niet terug, ga vooruit.”