Reportage

Veel Indonesiërs omzeilen het reisverbod, want het Suikerfeest vier je thuis

Ramadan tijdens corona Aan het einde van de vastenmaand reizen normaal tientallen miljoenen terug naar huis. De president heeft mudik nu verboden, maar veel Indonesiërs glippen door de mazen van het net. „Ga niet naar huis, juist uit liefde voor je familie.”

Op een markt in Jakarta sluit de Indonesische politie een illegale kledingverkoop aan het eind van de ramadan.
Op een markt in Jakarta sluit de Indonesische politie een illegale kledingverkoop aan het eind van de ramadan. Foto Bay Ismoyo/AFP

De politiemannen maken hun selectie snel en geroutineerd. Vlak voor een afrit staan ze middenop de snelweg. Van achter hun glimmende zonnebrillen beoordelen ze al het verkeer dat langs komt.

Een bomvolle Toyota Avanza, de standaard gezinswagen in Indonesië, moet linksaf. Ofwel: de tolweg af, terug hoofdstad Jakarta in. De inzittenden kijken beteuterd, hun kofferbak puilt uit met dozen en tassen. Vrachtwagens met lading mogen doorrijden. Een kleine laadbak, met voorin drie man dicht op elkaar geplakt, mag ook door. Een personenbusje met een chauffeur en verder maar één passagier moet dan weer linksaf.

De politie probeert mudik tegen te houden, de jaarlijkse exodus van Indonesiërs van de stad waar ze werken naar hun geboortegrond. Aan het einde van vastenmaand ramadan, in aanloop naar het Suikerfeest, reizen normaal gesproken tientallen miljoenen Indonesiërs terug naar huis. De grote meerderheid van het land is islamitisch.

Rode zone

Dit jaar gaat het anders. President Joko Widodo heeft de mudik verboden. Het risico op verspreiding van het coronavirus is met al dat reizen te groot. Al helemaal vanuit hoofdstad Jakarta, de rode zone van het land waar ongeveer een derde van de coronabesmettingen is vastgesteld. „Ga niet naar huis, juist uit liefde voor je familie”, zei Joko Widodo.

Maar de drang om te gaan is voor veel Indonesiërs sterk. „Mudik is traditie”, zegt politieagent Joko Sutriono. Hij moet nu verkeer tegenhouden terwijl hij normaal elk jaar juist zijn best doet alle auto’s zo soepel mogelijk de stad uit te krijgen. „Snel, snel, naar huis, roepen we dan. Dit is anders, het is veel zwaarder om te doen. We moeten ons realiseren dat het voor een goed doel is.”

De politie houdt bij een checkpoint in Bandung weggebruikers tegen die geen geldige reisdocumenten kunnen overhandigen. Foto Timur Matahari/AFP

Sutriono vertelt ook wat voor toeren mensen uithalen toch langs de controleposten te komen. Tegen het breken van de vasten, zo rond zes uur ’s avonds, staan ze met hun auto’s op de parkeerplaats vlak voor het checkpoint te wachten. Zodra de agenten naar de kant gaan om wat te eten, springen zij in hun auto en scheuren ze langs. „Dit is maar een voorbeeld. Ze zijn slim en verzinnen van alles.”

In lokale media gaan foto’s en filmpjes rond van inventieve Indonesiërs die toch zijn betrapt onderweg. Twee mannen die zich onder een lading kroepoek hadden verstopt. Een groepje passagiers in een personenbusje op een grote truck met een zeil eroverheen. Mensen die zich in de laadruimtes van grote touringcars verstoppen, zodat de bus leeg lijkt.

Zwart vervoer

Er is een levendige handel in zwart vervoer, waarbij chauffeurs zoveel mogelijk de grote wegen en de controles ontwijken. Ze vertrekken vaak midden in de nacht en rijden door de jalur tikus, de rattenweggetjes. De politie heeft in de afgelopen weken tienduizenden auto’s gevraagd om te keren en nam honderden busjes en auto’s in beslag. Ze doet ook mobiele controles – maar iedereen weet dat het ‘vangnet’ vol gaten zit.

Lees ook deze reportage:Dit is zo verdrietig, zegt de werkloze Balinese hoteleigenaar

Zo’n illegale trip van Jakarta naar Tegal, in het midden van Java, kost tussen de 500.000 en 600.000 roepia, omgerekend tussen de 30 en 36 euro. Niet te betalen voor Cipto, zeker niet nu hij toch al amper inkomsten heeft. Cipto is chauffeur van een blauwe bajaj, zoals een tuktuk in Indonesië heet, en hij zint nog op een list om mudik te kunnen gaan. „Misschien kan ik een brommer lenen van een vriend.”

Zijn vrouw en kind wonen in Tegal, maar Idul Fitri is voor hem ook een kans met oude vrienden bij te praten. „Iedereen komt tegelijk terug. Het is een soort reünie.” Op de dag van het Suikerfeest gaat hij langs bij buren, familie en vrienden om vergiffenis voor zijn fouten te vragen. Over de verspreiding van het coronavirus maakt hij zich weinig zorgen, ook al woont hij in één van de rode zones van Jakarta. „Ik houd de eerste dagen meer afstand. Ik douche twee keer per dag en was mijn handen vaak.”

Regels zijn verrommeld

Waar de regering kort voor de ramadan onverbiddelijk was, zijn de regels daarna verrommeld. Binnenlands vliegverkeer was eerst helemaal verboden, maar mocht een paar dagen later onder voorwaarden ineens weer wel. Een brief van je werkgever plus een negatieve coronatest volstaan. Kort daarna doken online aanbiedingen van certificaten met een negatieve uitslag voor Covid-19 op. Voor 70.000 roepia, 4.50 euro, word je coronavrij verklaard. Foto’s gingen rond van passagiers in de rij op het vliegveld van Jakarta. Dicht op elkaar, mapje documenten onder de arm.

Zelfs voor de politie zijn de regels onduidelijk, moppert politieman Joko Sutriono. Hij heeft geen goed woord over voor de decreten waar verschillende ministers steeds mee komen. Sutriono vindt de maximale boete die er op mudik staat ook belachelijk hoog: 100 miljoen roepia, 6.000 euro. „Alsof mensen dat kunnen betalen! Ze kunnen vaak niet eens aan eten komen.” Nee, natuurlijk delen ze die boete niet uit. „Laat die ministers maar eens met ons mee komen kijken, dan zie je hoe moeilijk dit is.”

Met medewerking van Sarah Sayekti.