Kunst kijken op het hoogste punt

Windvanen Nu de musea dicht zijn, kijkt Wim Pijbes naar beelden in de buitenruimte. Deze keer: hanen en zwanen op kerktorens.

De kerktoren van Wierum met een windvaan in de vorm van een aak, een schip dat door de plaatselijke vissers veel werd gebruikt.
De kerktoren van Wierum met een windvaan in de vorm van een aak, een schip dat door de plaatselijke vissers veel werd gebruikt. Foto Sake Elzinga

Door het hele land, op het hoogste punt in stad of dorp, prijkt op menig toren een windvaan. Het zijn de buitenbeelden die we dagelijks over het hoofd zien. Het overgrote deel staat op kerken, soms staan ze op overheidsgebouwen als gemeentehuizen of postkantoren. In de kunsthistorische literatuur vormen windvanen een niche, museaal ontbreekt het aan interesse. Jaren geleden trof ik twee vergeten windvanen aan in de diepste krochten van het Rijksmuseum. Herkomst en datering onbekend, zelfs een inventarisnummer ontbrak.

Dat is achteraf allemaal goed gekomen, maar de windvaan verdient onze aandacht. Er zitten juweeltjes tussen. Kijk bij uw volgende wandeling maar eens naar een toren in de buurt: de kans is groot dat op de spits een haan, zwaan, dolfijn of paard prijkt. Er is een oud versje dat hier op duidt:

Protestanten hebben een haantje.

Luthersen hebben een zwaantje.

Doopsgezinden hebben een huisje.

Katholieken een kruisje.

In tegenstelling tot wat in het versje wordt beweerd, heeft de haan een katholieke herkomst die teruggaat tot de negende eeuw. Toen werd bij pauselijk decreet bepaald dat torenspitsen voortaan getooid moesten worden met een haan als christelijk symbool. Eeuwen later zou een beroemde hamburgerketen wereldwijd hetzelfde doen met een gouden hoofdletter M die in een rondschrift de geliefde snack op zijn kant verraadt. Maar de haan danken we aan Paus Nicolaas I, die hiermee in heel Europa de skyline voorgoed veranderde.

De oudst bekende bronzen weerhaan, de Gallo di Ramperto, kennen we uit het Italiaanse Brescia waar in 820 de toren van de San Faustino Maggiore werd bekroond. In onze streken komt de haan nog het meest voor boven de grote rivieren, met hoge concentraties in Friesland en Groningen. De torenhaan moet ons eraan herinneren dat, zoals Jezus voorspelde, Petrus zou ontkennen dat hij hem kende, tot driemaal toe, voordat de haan zou kraaien. De haan herinnert ons telkens opnieuw aan Petrus’ ontkenning en diens berouw.

De haan is zo ook het symbool van de biecht – en siert niet alleen de toren, maar ook vaak de biechtstoel. De haan kondigt bovendien de nieuwe dag aan en daarmee het einde van de nacht, het rijk van duisternis en demonen: de nieuwe dag als overwinning van het licht op het donker. Praktisch gezien is de weerhaan natuurlijk vooral een windvaan die zijn kop in de wind draait. Daarmee zou de goede verstaander ook zichzelf kunnen zien als iemand die in zijn geloof tegenwind moet trotseren.

Lutherse kerken zijn herkenbaar aan een zwaan. Die is terug te voeren op een legende waarin een Tsjechische voorloper van de Reformatie, Johannes Hus, tot de brandstapel wordt veroordeeld. Vlak voor het voltrekken van zijn vonnis schijnt hij uitgeroepen te hebben: „Gij zult nu een gans (hus, in het Tsjechisch) braden, maar over honderd jaar zult gij een zwaan horen zingen, die zult gij moeten verdragen.” Die zwaan zou Maarten Luther worden.

De windvaan boven de kerktoren van Wierum, in de vorm van een aak, een schip dat door de plaatselijke vissers veel werd gebruikt.
Foto Sake Elzinga
Sint Maarten te paard waakt boven de Utrechtse Dom.
Foto Koen van Weel/ANP
Links: De windvaan boven de kerktoren van Wierum, in de vorm van een aak, een schip dat door de plaatselijke vissers veel werd gebruikt. Rechts: Sint Maarten te paard waakt boven de Utrechtse Dom.
Foto’s Sake Elzinga/Koen van Weel/ANP

Zwaan en haan zijn populair, op de derde plaats komt het paard. Hiervan is de betekenis minder eenduidig. Wellicht zien we hier een mythisch stormdier om kwaad en ontij af te wenden. Of verwijst het naar heiligen te paard waarvan Sint Nicolaas de bekendste is? Hoog boven alles uit waakt sinds 1382, vanaf de Utrechtse Dom, Sint Maarten te paard. Hij deelt barmhartig zijn mantel met een arme. En ook al is dat voor ons stervelingen vanaf de aarde met moeite te zien, de boodschap is niet te missen. Ook niet in onze tijd.