Interview

President Rekenkamer: ‘Neem besluit voor overheidssteun niet overhaast’

Interview | Arno Visser Van eerdere crises valt te leren. Miljardensteun voor bedrijven? Denk aan Fokker, aan RSV. „Anders gaat de geschiedenis zich herhalen”, zegt de president van de Algemene Rekenkamer.

Dat de huidige coronacrisis diep en heftig is, ontkent Arno Visser niet, maar de president van de Algemene Rekenkamer waakt voor grote woorden als ‘ongekend’, ‘uniek’ of ‘indringend’. „Het is heel link die te snel te gebruiken”, zegt hij in een toelichting op de jaarlijkse doorlichting van het regeringsbeleid afgelopen jaar. Als je te snel het etiket ‘ongekend’ op een crisis plakt, waarschuwt Visser, dreigen ook ongekende en ondemocratische maatregelen. De overheid moet tijdens een crisis niet te snel op het denkspoor ‘nood breekt wet’ belanden.

Visser: „Je kunt in dit soort tijden niet zeggen: goh, lastig al die procedures, we gooien de democratie maar even overboord. Wettelijke waarborgen zijn er ook voor noodsituaties.”

Daarnaast is geen enkele crisis volgens hem ‘ongekend’. „Van eerdere crises kunnen we juist leren.”

Voor de vijfde maal bood Visser (54) op de traditionele derde woensdag van mei – Verantwoordingsdag – de Tweede Kamer de verantwoordingstukken aan. En hij is nog altijd even streng. „Ondanks de inspanningen die de rijksoverheid heeft gedaan om inzicht te krijgen in de kwaliteit van beleid, lijkt het zicht op de resultaten nog vaak te worden belemmerd”, schrijft hij in de inleiding van het verantwoordingsrapport 2019.

Het is een stokpaardje van de Rekenkamer: Ministeries geven jaarlijks ruim 250 miljard euro uit, maar kunnen nog altijd niet goed uitleggen of dat goed en doelmatig wordt besteed. „De vraag of de burger waar krijgt voor zijn belastinggeld, kunnen we ook dit jaar niet goed beantwoorden.”

Steunmaatregelen

Hoewel het oordeel van de Rekenkamer over het afgelopen regeringsjaar gaat, ontkomt de toezichthouder er niet aan stil te staan bij de coronacrisis nu. Visser wil nog geen recensie geven van het crisisbeleid van het kabinet, met het aan banden leggen van de bewegingsvrijheid van burgers en de tientallen miljarden euro’s die het aan economische steunmaatregelen heeft aangekondigd. „Ik wil me niet bezondigen door nu achteroverleunend een oordeel over 2020 te geven – dat komt bij het verantwoordingsonderzoek volgend jaar. We zullen apart onderzoek doen naar alle coronamaatregelen en de effecten ervan. Wel proberen we nu de boodschap van 2019 te linken aan de huidige situatie.”

En laat de Rekenkamer daar vrij toevallig een duidelijke casus voor hebben onderzocht: de aankoop in februari 2019, voor een kleine 750 miljoen euro, van 14 procent in Air France-KLM. Daarbij ging van alles mis. Nu, ruim een jaar later, wil minister Wopke Hoekstra (Financiën, CDA) opnieuw belastinggeld in de luchtvaartmaatschappij steken. Hij werkt aan een pakket van 2 miljard tot 4 miljard euro aan leningen en garanties voor de Nederlandse tak KLM.

Het oordeel van de Rekenkamer over de aandelenaankoop van vorig jaar is vernietigend: de transactie is onrechtmatig geweest. Hoekstra had het parlement tevoren toestemming voor de investering moeten vragen. Hij informeerde slechts enkele leden van de Tweede Kamer, en de Eerste Kamer in het geheel niet. Daardoor had hij wettelijk niet de benodigde budgettaire ruimte om die 744,4 miljoen euro belastinggeld uit te geven.

De Rekenkamer had de jaarrekening van het Rijk over 2019 moeten afkeuren

De omvang van deze bestuurlijke omissie, opgeteld bij een paar andere tekortkomingen, is zo groot dat de Rekenkamer eigenlijk de gehele jaarrekening van het Rijk had moeten afkeuren. Maar omdat het parlement al in maart 2019 de verwerving van het belang in Air France-KLM alsnog goedkeurde, had zo’n oordeel materieel niet veel zin, legt Visser uit.

Bij de eerste grote crisismaatregelen van nu lijkt het kabinet al lering te hebben getrokken uit deze tik op de vingers. Er wordt nu volop overlegd met Tweede én Eerste Kamer – voor elke extra euro economische noodsteun moeten beide Kamers aanvullende begrotingswetten aannemen. Visser is daar tevreden over. „Er is iets geleerd over de omgang met het parlement. Ons rapport heeft z’n schaduw vooruitgeworpen.”

Lees ook dit portret van Arno Visser bij zijn benoeming in 2015

Toch maakt Visser zich zorgen over de wijze waarop het kabinet bezig is om met belastinggeld bedrijven te ondersteunen: behalve voor KLM heeft het kabinet inmiddels ook een reddingsplan van bijna 400 miljoen voor scheepswerf IHC aangekondigd.

Niet per se effectief, vindt Visser. In het verantwoordingsrapport noemt hij slechte ervaringen bij eerdere reddingsoperaties. Die reiken van de „voldongen feiten” waarmee het kabinet-Balkenende IV in 2008 enkele systeembanken voor ondergang behoedde, tot het drama rond scheepswerf RSV begin jaren tachtig. Ondanks miljardensteun ging dat concern alsnog failliet. Visser verwijst naar de parlementaire enquête daarnaar: „Er was te makkelijk tot overheidssteun overgegaan.”

Industriebeleid

Bij nieuwe reddingsplannen zal de Tweede Kamer heel goed moeten kijken naar de conclusies die de Rekenkamer twintig jaar geleden trok over het industriebeleid in de jaren tachtig en negentig. Bij veel reddingsoperaties, zoals die van RSV en later vliegtuigbouwer Fokker, was de economische betekenis niet goed in kaart gebracht, waren de werkgelegenheidseffecten onbekend, was de financiële steun „disproportioneel” en het parlement onvoldoende geïnformeerd.

De Rekenkamer wil niet beweren dat dit nu allemaal op dezelfde manier dreigt mis te gaan. Visser wil ermee zeggen dat het parlement heel goed op moet letten. „Dat men de lessen uit het verleden ter harte neemt en de juiste vragen aan het kabinet zal stellen. Want anders gaat de geschiedenis zich herhalen.”

Over één aspect is Visser al wel uitgesproken huiverig: het tempo waarmee het kabinet al die economische noodsteun in elkaar zet. „De oorzaak van veel fouten in overheidsbeleid is meestal overhaasting. Als dingen snel gaan, gaat het ook sneller mis. Het is juist de functie van democratie wat vertraging in te bouwen, zodat je weloverwogen besluiten kunt nemen.”