Foto Andreas Terlaak

Interview

‘Moskeeën moeten nu online sterk zijn’

Geloof Imam Abdelouahab Bozhar (31) preekt tijdens deze ramadan in een lege moskee. Via livestreams bereikt hij zijn gemeenschap. „Ook nu kunnen moslims bij me terecht.”

De hartjes stromen binnen op het scherm van de techniekjongen in moskee Centrum de Middenweg in Rotterdam. Dat gebeurt eigenlijk altijd als imam Abdelouahab Bozhar (31) preekt en dat livestreamt op Facebook. Bozhar heeft zojuist de vrijdagpreek gehouden en het vrijdaggebed voorgeleid.

Het is middenin de ramadan. Onder normale omstandigheden zou de moskee tot de nok gevuld zijn. Nu bidt slechts een handvol mensen achter de imam. Onder hen Jacob van der Blom, medeoprichter van de moskee. Hij laat de verslaggever binnen en doet de deur meteen weer op slot. „Anders komen er mensen naar binnen.”

Surreëel, vindt ook de imam. De eerste keer preken voor een lege moskee wist hij niet waar te kijken. „En het licht van de camera was zo fel.” Dus concentreerde hij zich maar op de glas-in-loodramen.

Het gebouw staat midden in een witte wijk, het was voorheen eigendom van de apostolische gemeenschap. Hoogst ongebruikelijk: zij negeerden een hoger bod van een kinderopvangaanbieder om het voor de geloofsgemeenschap te behouden. Al was het dan een ander geloof. Enkele elementen, zoals de ramen, de bidbankjes en de kansel, zijn behouden.

Van onwennigheid is nu in ieder geval geen sprake meer. De livestream verloopt vlekkeloos. De minbar waar Bozhar achter staat, is behangen met ultraprofessionele microfoons. Dat geldt ook voor het nisje ernaast waar de gebedsoproeper, een jongeman in zwart Hugo Boss-shirt gelovigen oproept te komen bidden. Voor de vorm dan. De techniekjongen met een tafeltje midden op het bidtapijt doet de rest.

Mensen afwijzen is niet wat je leert als je echt in de bronnen duikt

Abdelouahab Bozhar Imam

Bozhar, in een kraakverse witte djellaba („zo zie ik er maar eens per week uit, hè”) begint en eindigt zijn preek met smeekbedes in het Arabisch, maar de kern is in het Nederlands. Dat is, zegt Van der Blom, een van de redenen waarom de circa 240 leden tellende gemeenschap juist déze moskee kiest, al moeten ze daarvoor de wijk uit fietsen. De taal, maar ook de ruimte voor ideologische diversiteit. „Lange baarden zijn welkom, géén baarden zijn welkom. Als je je maar niet bemoeit met andermans baard.” Abdelouahab Bozhar is trots dat zijn moskee gastvrij is, zegt hij als de gebedsruimte weer leeg is.

Wat is een gastvrije moskee?

„Iedereen moet zich er thuis voelen. En niet scheef aangekeken worden. Je hoort verhalen van jongeren die een moskee binnenlopen met een gouden schakelketting [goud dragen is in de islam verboden voor mannen, red.] en dan te horen krijgen: ‘Wat doe je hier? Hoor jij niet beter in een discotheek?’ Hoe ga je zo’n jongen ooit nog terug de moskee in krijgen?”

Geldt die gastvrijheid ook voor vrouwen? Homoseksuelen?

„Ja, absoluut! Wat maakt hen minder gelovig dan een ander? Mensen afwijzen is niet wat je leert als je echt in de bronnen duikt. Wij merken dat heel veel vrouwen naar deze moskee komen omdat het er niet toe doet hoe ze gekleed zijn of welke huidskleur ze hebben. En vooral: of ze wel of geen hoofddoek dragen. Dat kan ons helemaal niets verroesten.”

Bozhar is geboren in Tanger, Marokko, opgroeien deed hij in de Rotterdamse wijk Overschie. Samen met drie zussen en een broertje. Wanneer hij in groep 4 zit, besluiten zijn ouders dat het beter is als hij onderwijs in Marokko volgt. Als enige van het gezin woont hij de daaropvolgende drie jaar bij zijn oom en tante in Tanger. Hij leert er het Arabische schrift. Bozhar: „Ik was kind, ik wist niet beter. Het was niet ideaal, maar ik paste me aan. Ik heb het er eigenlijk nooit met mijn vader over gehad, ik denk dat hij zich daarmee voorbereidde op een terugkeer naar Marokko. Totdat mijn moeder het niet meer trok en hem onder druk zette: of je haalt mijn kind terug, of we gaan allemaal.”

Was dat niet moeilijk: voor de derde keer je draai moeten vinden?

„Ik heb er in ieder geval geen slechte herinneringen aan overgehouden. Er waren in Overschie twee basisscholen, een witte en een zwarte. Mijn vader koos de witte, hij vond het belangrijk dat ik met Hollandse kinderen in de klas kwam om mijn taalachterstand in te halen. Ik was elf en ik had moeite met de G-klank. Ik was de enige Marokkaan in het hele gebouw. Maar ik was zelfstandiger dan mijn leeftijdgenoten, dat hielp.”

Hebt u eigenlijk een imamdiploma?

Hij lacht. „Technisch gezien bestaat dat niet in Nederland. Maar als je vraagt naar mijn religieuze opleiding, die heb ik genoten in Saoedi-Arabië. In Nederland volgde ik al koranles en theologie in de moskee. Daarna heb ik de hbo-opleiding voor islamdocent gedaan in Amstelveen, doordeweeks geef ik les aan een middelbare school. Maar ik had honger naar meer kennis. Op mijn negentiende deed ik de kleine bedevaart naar Mekka. Daar hoorde ik een groep jongeren in traditionele kledij Nederlands spreken. Zij bleken studenten aan de universiteit van Medina. Dit is wat ik wil, dacht ik. Uiteindelijk verbleef ik er bijna zeven jaar.”

Wat heeft de moslimgemeenschap in Nederland aan kennis van de ‘Saoedische’ islam?

Lacht weer: „Ik weet heus wel wat de vooroordelen zijn als je zegt dat je in Saoedi-Arabië hebt gestudeerd. Je zal dan wel salafist zijn of wahhabiet of welke term daar nu weer voor bestaat. Maar het ligt echt wat genuanceerder. Ik ging erheen met de mentaliteit: het zit zus of zo in de islam en klaar, zwart-wit. Maar ik heb daar geleerd het grijsgebied te verkennen. Om tot een oordeel te komen, wendt een geleerde zich eerst tot de heilige teksten. Vervolgens kijk je naar andere zaken, zoals de gewoonten van een land, de tijd, de plek en zelfs de omstandigheden. De profeet Mohammed, vrede zij met hem, gaf weleens twee verschillende antwoorden op dezelfde vraag. Want wat op jou van toepassing is, geldt niet automatisch ook voor een ander.”

„Hoe is het om nu imam zonder gemeenschap te zijn?

„Iedereen baalt natuurlijk enorm dat juist onze heiligste maand, de ramadan, een maand van spirituele opleving, in deze tijd valt. Wij hebben als moskee gelukkig snel naar online kunnen schakelen, omdat we altijd al actief waren op dat gebied. Wij bieden veel lezingen en preken online. We hebben ook een talkshow. Maar voor veel moskeeën zorgen de coronamaatregelen voor een financiële aderlating. Normaal halen ze tussen de 10.000 en een ton aan donaties binnen in deze maand. De enige moskeeën die overeind blijven zijn de moskeeën die online sterk zijn en veel teruggeven aan de gemeenschap.”

Wat bedoelt u daarmee?

„Je kunt in deze tijd alleen succes hebben als moskee als je veel doet voor de gemeenschap. Ruimte beschikbaar stellen, jongerenactiviteiten ontplooien, goed kinderonderwijs aanbieden, iets terugdoen voor de wijk. Dat zie je vaak bij moskeeën met hoogopgeleide mannen en vrouwen in het bestuur en mensen die jong van geest zijn. En dan is men wel bereid te doneren. Maar als je naar een moskee gaat en je krijgt het gevoel dat je alleen mag komen bidden, en daarna moet wegwezen zodat de lampen uit kunnen want dat scheelt op de energierekening, tja.”

Lees ook: Ramadan tijdens corona: bidden via Zoom, eten in Hangouts

Maar kunnen moslims nu ook zonder moskee bij u terecht?

„Ja, natuurlijk! Ik ben er voor een gesprek, voor geestelijke verzorging, een luisterend oor, voor advies en voor mediation. Normaal gesproken word ik na het vrijdaggebed door twee of drie mensen aangeklampt. Nu word ik benaderd via Facebook, Instagram en WhatsApp. Ik krijg allerlei vragen over zaken die een moslim dagelijks meemaakt. Doe ik het gebed wel goed zo? Mag ik werken als caissière waar ik alcohol moet scannen? En sinds corona ook: mag ik naar de livestream kijken en dan thuis achter ‘jou’ bidden? Of mogen we ook het gebed gezamenlijk uitvoeren met anderhalve meter afstand tussen elkaar? Maar er komen ook heel veel vragen over ernstige zaken, zoals scheidingen.”

Neemt dat toe door de thuisquarantaine?

„Er valt mij geen toename op, er spelen in onze gemeenschap altijd al veel huwelijksproblemen. Hoogstens vragen mensen nu vaker hoe ze de relatie goed houden nu ze zo op elkaars lip zitten, niet alleen stellen maar ook kinderen en hun ouders en broers en zussen. Vroeger gaf ik aan iedereen mijn telefoonnummer en dan werd ik platgebeld. En bij iedereen was het spoed. ‘Ik dreig nu uit huis te lopen’, of ‘ik dreig nu te scheiden’. Ik heb inmiddels wel geleerd niet te veel hooi op mijn vork te nemen.”

U bent 31, imam, docent, coach, u bent getrouwd en hebt twee kinderen. Het lijkt of alles van een leien dakje gaat, uw achternaam betekent nota bene ‘hij die altijd geluk heeft’. Wanneer hebt u het echt moeilijk gehad?

„In Medina had ik het heel moeilijk, ik heb vaak genoeg overwogen om te stoppen. Wat doe ik hier in de woestijn, dacht ik. De samenleving daar is zo hard, ik zag schaamteloos racisme, overal waar ik kwam. Een heilige stad maakt de inwoners niet heilig, begreep ik al snel. Ik voelde me aan het eind ook niet meer op mijn plek daar. Bovendien had ik het financieel zwaar.”

Bozhar is „God heel erg dankbaar” dat het leven hem tot nu toe „relatief makkelijk vergaat”, zegt hij. Tegelijk: „Ik heb er ook veel voor moeten laten. Een imam moet van onbesproken gedrag zijn. Dat is een voortdurende strijd, want je bent maar een mens.

Lees ook: ‘In deze tijd is er meer ruimte voor dankbaarheid’

„Ik probeer altijd zakelijk te blijven, dat betekent na een lezing of preek niet blijven hangen. Ik probeer ook niet te speels of lollig te zijn als ik aan het werk ben, want ik heb gewoon een taak: het woord van God verkondigen en de woorden van de profeet. En mensen uitnodigen tot het goede.”