Het coronavirus zat in nertsen, katten, mensen en het stof

Covid-19 In Brabantse fokkerijen hebben nertsen het coronavirus aan elkaar overgedragen – en aan ten minste één persoon.

Nertsen in fokkerijen kunnen het cornavirus aan elkaar en aan mensen doorgeven, blijkt uit Nederlands onderzoek.
Nertsen in fokkerijen kunnen het cornavirus aan elkaar en aan mensen doorgeven, blijkt uit Nederlands onderzoek. Jeroen Jumelet/ANP

Helemaal spijkerhard is de conclusie nog niet, maar hoogstwaarschijnlijk heeft een nerts met Covid-19 op een nertsenfokkerij in Noord-Brabant een medewerker besmet. Dat blijkt uit een onderzoek dat is uitgevoerd in opdracht van het ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij. Dat is een wereldprimeur. Het zou de eerste keer zijn dat het nieuwe coronavirus SARS-CoV-2 betrapt is op een infectie vanuit een dier naar de mens.

Onderzoeksleider Arjan Stegeman, veterinair epidemioloog bij de faculteit Diergeneeskunde aan de Universiteit Utrecht, benadrukt dat de conclusie nog niet vaststaat. „Niet voor niets gebruikte minister Schouten het woord aannemelijk in haar brief aan de Tweede Kamer hierover.”

Maar de combinatie van genetisch onderzoek en een inventarisatie van de omstandigheden maakt het wel heel aannemelijk dat de medewerker door nertsen besmet werd, zegt Stegeman. „De erfelijke code van het virus dat we bij de medewerker aantroffen is sterker verwant aan die van het virus bij nertsen dan de nu bekende codes van het virus bij de mens. Deze persoon werkte nog maar enkele weken op het bedrijf. Ook dat komt overeen met het scenario. Ten derde bleek uit ons onderzoek dat mensen in de stal blootgesteld worden aan het virus, bijvoorbeeld via stofdeeltjes die makkelijk ingeademd kunnen worden.”

Het onderzoeksteam wil de bevindingen nog verder onderbouwen door ook zoveel mogelijk virussequenties van Covid-19-patiënten in de omgeving van de fokkerijen te bepalen. „Dan hopen we te kunnen zien hoe de virussen bij nertsen geworteld zijn in virussen bij mensen in de regio. Maar dat onderzoek is nog niet afgerond.”

Het onderzoek begon nadat op 26 april bij twee nertsenfokkerijen werd vastgesteld dat de dieren besmet waren met SARS-CoV-2. Op 7 mei bleken ook nertsen bij twee andere bedrijven geïnfecteerd met het virus. Al die bedrijven liggen in het oosten van de provincie Noord-Brabant, waar in het begin van de epidemie ook veel menselijke besmettingen waren.

Overdracht van nerts op nerts

Uit de genetische sequenties van de virussen die het team in samenwerking met de virologiegroep van Marion Koopmans van het Erasmus MC in kaart bracht zijn meer conclusies te trekken, zegt Stegeman. „De variatie in virussen op één nertsenbedrijf is veel groter dan de variatie die we bijvoorbeeld zien bij een uitbraak in een verpleeghuis. Dat betekent dat er overdracht van nerts op nerts moet zijn geweest. Ook zien we dat de virusinfecties bij de eerste twee bedrijven vanuit een heel verschillende bron bij de mens kwamen.”

Drie bedrijven zitten op dezelfde plek in de genetische stamboom van het virus. Tussen twee van die bedrijven is een duidelijk verband. Voor het andere bedrijf wordt onderzocht of verwilderde katten het virus mogelijk hebben overgedragen. Stegeman: „Voor katten is een nertsenstal een luilekkerland, ze houden van nertsenvoer en kunnen er in de stal makkelijk bij. Hoewel de bedrijven omheind zijn, vinden katten altijd wel een manier om binnen te komen.”

Op het bedrijf zijn „met enige moeite” elf verwilderde katten gevangen, waarvan er drie antistoffen tegen het virus in het bloed hadden. Het virus zelf werd niet meer aangetroffen. „Deze katten zijn gesteriliseerd of gecastreerd voordat ze weer zijn vrijgelaten. Dat helpt bij het voorkomen dat ze zich over een groot gebied verspreiden.”

Besmettelijke dierziekte

Landbouwminister Carola Schouten (ChristenUnie) heeft naar aanleiding van de onderzoeksresultaten besloten om infectie met SARS-CoV-2 bij nertsen aan te wijzen als besmettelijke dierziekte. Dat betekent niet alleen dat de infectie meldingsplichtig wordt, maar ook dat zo nodig vergaande maatregelen genomen kunnen worden, zoals in het uiterste geval het ruimen van besmette bedrijven. Alle nertsenbedrijven worden vanaf nu wettelijk verplicht hun dieren te laten testen op antistoffen, om te zien of zij het virus hebben gehad.

„Zo lang de infectie actief rondgaat bij de dieren, en die dus virus uitscheiden, is er risico voor mensen in de directe omgeving”, zegt viroloog Marion Koopmans. „Dat is niet anders dan rond een menselijke patiënt.” Om die reden moeten alle medewerkers van nertsenfokkerijen persoonlijke bescherming dragen.

„De verwachting is dat deze infectie door de bedrijven waait”, zegt Koopmans, „en dat verspreiding stopt als veel dieren immuniteit hebben opgebouwd.”

Maar of dat zo is, zal het onderzoek nog moeten uitwijzen, zegt Stegeman: „We moeten er wel alert op blijven dat het stopt. Nu is het risico van besmetting vanuit nertsen naar mensen nog verwaarloosbaar, ten opzichte van het risico door andere mensen besmet te raken. Op de drieëneenhalf miljoen infecties wereldwijd tussen mensen onderling is er nu één van nerts naar mens. Maar straks, in de staart van de epidemie, wil je niet dat er nog een reservoir aan virussen overblijft in nertsenfokkerijen.”