Robine de Lange-Tegelaar, president van de Rotterdamse rechtbank.

Foto Jan de Groen

Interview

Rechtbankpresident: rechters hebben zich uit de naad gewerkt

Rechtspraak Rechtbankpresident Robine de Lange-Tegelaar verwerpt de kritiek op rechters in de coronacrisis, van onder anderen korpschef Henk van Essen. „Heel pijnlijk en heel onterecht.”

Robine de Lange-Tegelaar (57) heeft zichzelf al aangemeld. De president van de Rotterdamse rechtbank is bereid als politierechter in te vallen om extra zittingen te draaien. Het is een van de manieren waarmee rechters vanaf volgende maand in Rotterdam en andere plaatsen willen proberen de mede door de coronacrisis vergrote stapel strafzaken weg te werken. „Er zijn genoeg rechters die nu zeggen: kom maar op”, vertelt De Lange.

Twee à drie rechters zullen in juni twee keer in de week ’s avonds tot 22.00 uur nooddiensten doen als politierechter. Bij de magistraten is het alle hens aan dek.

De verdachten die gedagvaard worden om in de avond te verschijnen zijn de ‘vrijevoeters’. „Als we gedetineerden laten aanvoeren, zitten we met een probleem. Dan zouden ze hier ook moeten overnachten.”

Na negen weken van intensief crisismanagement maakt De Lange, tevens voorzitter van de landelijke presidentenvergadering en lid van het landelijk crisisteam van rechters, een getergde indruk. Al wil de magistraat zelf dergelijke „kwalificaties” niet gebruiken. Ze vertelt liever dat ze een „een enorme drive heeft om te laten zien wat er is gebeurd. Ik vind alle kritiek van de afgelopen weken op de rechtspraak heel pijnlijk en heel onterecht voor onze mensen die zo hard hebben gewerkt. Het is met kunst- en vliegwerk in grote mate gelukt de rechtspraak door te laten gaan. Dat is volstrekt onderbelicht gebleven in de media. Dat is schadelijk voor onze organisatie.”

De rechtbankpresident herhaalt de boodschap in alle toonaarden. Het gerechtelijk apparaat heeft zich sinds het uitbreken van de coronacrisis „uit de naad gewerkt” om „met stoom en kokend water” de rechtsstaat overeind te houden. Maar het gemopper van rechtsgeleerde buitenstaanders die de indruk wekken dat magistraten dit voorjaar vooral in hun tuin van de zon hebben genoten, overheerst. Henk van Essen, de nieuwe korpschef van de politie, sprak in NRC zijn zorgen uit over de snel oplopende voorraad strafzaken. De rechtsstaat stond volgens de politiebaas bijna stil.

Lees meer over de zorgen van korpschef Henk van Essen: 40.000 strafzaken liggen op de plank

Alleen urgente rechtszaken

De fysieke behandeling van strafzaken was twee maanden grotendeels opgeschort. Het verlengen van voorlopige hechtenis en supersnelrecht ging via telehoren. Dat kon niet anders nadat het kabinet een intelligente lockdown afkondigde, beklemtoont De Lange. „Het was een volstrekt logische beslissing dat wij als rechterlijke macht besloten dat iedereen voor zover mogelijk thuis moest gaan werken. Alleen urgente rechtszaken werden toch behandeld. De strafadvocaten eisten trouwens ook onmiddellijke sluiting van de rechtbanken omdat ze zittingszalen zagen als potentiële besmettingshaarden voor het coronavirus.”

Na half maart zijn de rechters aan een „immense logistieke operatie” begonnen. Alle rechters kregen voor zover nodig een laptop. Alle rechters moesten gaan skypen en telehoren, iets dat tot nu toe slechts mondjesmaat gebeurde. „We hielden er ernstig rekening mee dat een totale lockdown zou worden afgekondigd en iedereen thuis moest blijven. Alle aandacht ging dus uit naar het regelen van rechtspraak op afstand. In dat kader is ook het systeem van veilig, versleuteld mailen versneld ingevoerd. Tot nu toe kon communicatie wettelijk alleen per post en per fax. Dit is al improviserend allemaal gelukt. Een enorme stap voorwaarts.”

Terwijl de schoonmaakster halverwege het vraaggesprek binnensluipt in de werkkamer op de rechtbank voor het tweemaal daags ontsmetten van de deurklink, vertelt De Lange dat de crisis ook voordelen heeft. Doordat rechters weinig of geen zitting deden, konden de achterstanden bij handels-, kanton- en bestuursrechtszaken voor het grootste deel weggewerkt worden. „We zijn er nog niet helemaal doorheen, maar de voorraden zijn enorm gedaald.” De Lange zegt „geen absolute cijfers” te kennen maar laat doorschemeren dat het landelijk om duizenden zaken moet gaan.

Fysieke zittingen hervat

Per jaar doen rechters ruim 1,5 miljoen rechtszaken. Zo’n 75 procent van het normale aantal zaken is de afgelopen weken afgehandeld. In de sector strafzaken – 20 procent van het totaal – zijn de achterstanden verder opgelopen. De afgelopen week is weer voorzichtig begonnen fysieke zittingen te houden. Prioriteit ligt bij het strafrecht, jeugdrecht en familierecht. „Nu pas komen we toe aan de vraag: wat is de omvang van de voorraad in strafzaken en hoe gaan we die te lijf?”

De politie schat dat die achterstand ruim 40.000 dossiers omvat. Joep Simmelink, advocaat-generaal bij het Openbaar Ministerie, denkt dat de werkvoorraad al 55.000 strafzaken bedraagt.

Lees de voorstellen van Joep Simmelink om de achterstanden weg te werken: De achterstand is alleen buiten de strafrechter om op te lossen

Rechter De Lange zegt nog niet te weten hoe groot de schade is. „De zaken liggen niet bij ons en we hebben de afgelopen twee maanden heel weinig strafzaken binnengekregen.” Van belang is volgens haar dat OM en de politie de omvang van de achterstand goed in kaart brengen. Het overleg tussen OM, rechtspraak en politie daarover vindt binnenkort plaats. „Vervolgens denk ik dat we er met het OM zeker gaan uitkomen hoe de zaken die rechters gaan behandelen worden ingepland.”

Het OM kan dan beoordelen welke zaken ze zelf kunnen afdoen met een strafbeschikking, met een transactie of met een sepot en welke verdachten gedagvaard moeten worden.

Of het OM meer strafzaken zelf moet gaan afhandelen om de rechters te ontzien, wil De Lange niet zeggen. „Daar ga ik niet over”, zegt ze, maar voegt eraan toe: „De wettelijke bevoegdheden daarvoor zijn er en ik vind het volstrekt logisch dat het OM van die bevoegdheden gebruikmaakt en ook kijkt hoe ze dan zorgvuldig aan de slag kunnen. Ik denk dat wij ook via themazittingen en door het slimmer gebruiken van de zittingsruimte achterstanden kunnen wegwerken.”