Analyse

In crisistijd komt zilver echt op de tweede plaats

Deze rubriek belicht elke maandag ontwikkelingen op de markten. Ditmaal: de zilverprijs.

De laatste keer dat het verschil tussen de goud- en zilverprijs zo groot was als afgelopen maart, doorkruisten driemasters van de VOC, volgeladen met peper en kruidnagel, de wereldzeeën. Sinds 1687 kwam het niet voor dat je voor goud 125 keer meer betaalde dan voor zilver, becijferde de bekende Britse grondstoffenspecialist Ross Norman voor de Financial Times.

Er gebeuren vreemde dingen met de edelmetalen. Toen landen links en rechts vanaf maart maatregelen invoerden om de corona-uitbraak te stoppen, kelderden de beurskoersen. Zilver en goud kelderden mee – ofschoon goud van oudsher bekendstaat als veilige haven. Terwijl goud hard viel, viel zilver nog harder. En waar goud inmiddels opkrabbelt, blijft zilver ver achter.

„De prijs van zilver hangt meer dan die van goud samen met de staat van de economie”, zegt Arjen van der Meer van vermogensbeheerder Optimix. „Zilver heeft meer industriële toepassingen.” iPhones, auto’s, batterijen: daar zit het allemaal in.

Volgens CPM Group, een Amerikaans onderzoeksbureau dat zich specialiseert in grondstoffen, was van al het zilver dat vorig jaar gedolven werd 68 procent bestemd voor de industrie. Bij goud was dit 14 procent. Van het goud dat de mijnbouw wereldwijd uit de grond haalde, smolten edelsmeden driekwart om in kettingen, ringen en oorbellen. Bij zilver is dit net een derde.

„De sterke daling van zilver in maart komt precies daardoor”, zegt Van der Meer, doelend op het effect van een instortende industriële vraag. De behoefte nam door de coronamaatregelen drastisch af. De autofabrieken in Duitsland vielen stil, in China stopten ze met batterijen maken, uit de Verenigde Staten kwamen even geen medische apparaten meer. Van der Meer: „De lockdowns, de erop volgende groei-implosie: dat weegt zwaar voor zilver.”

Zie de cijfers. Vanaf 5 maart, toen de maatregelen allengs ingrijpender werden, tuimelde zilver in twee weken naar een dieptepunt van 11,90 dollar (11,04 euro) per troy ounce (31,1 gram). Zo laag stond die prijs in elf jaar niet. De min in maart bedroeg 30 procent. In hetzelfde tijdsbestek ging er bij goud 11 procent af, waarbij het dieptepunt op 1.486,05 dollar per troy ounce werd bereikt.

Dat zilver zo veel harder daalt, komt ook door de aard van de markt ervoor, zegt Georgette Boele, grondstoffenanalist bij ABN Amro. „De markt voor zilver is veel kleiner. Goud spreekt tot de verbeelding. Veel meer partijen handelen in goud, denk alleen al aan de centrale banken die er voorraden van aanleggen.”

Het gevolg daarvan is dat de zilvermarkt gevoeliger is voor beweging. Omdat minder partijen in zilver handelen, zijn ook minder partijen nodig om de prijs te beïnvloeden. Als er veel vraag is, gaat de zilverprijs harder omhoog dan die van goud. Ziet niemand de twee edelmetalen zitten, dan gaat zilver ook sneller omlaag.

Goud koerst inmiddels comfortabel op een prijs van 1.716 dollar, hoger dan voor de coronaperikelen. Zilver heeft zijn verlies nog niet goedgemaakt. Niet gek, zegt Boele van ABN Amro. „De vooruitzichten voor de economie zijn nou eenmaal nog even doom and gloom.” Maar, zegt Van der Meer van Optimix, „als we een beetje fatsoenlijk uit de lockdowns komen, zou de inhaalrace dichtbij kunnen zijn”.

Optimisten wijzen in de zakenkrant Financial Times op de vele toepassingen in schone energie die zilver heeft: zonnepanelen, elektrische auto’s, zelfsturende auto’s, de 5G-infrastructuur. Voor de lange termijn blijft het edelmetaal dan ook een interessante belegging, zegt Van der Meer. Zeker nu de prijs ervan relatief laag is.