Recensie

Recensie Media

Gecomponeerd door de CIA?

Een podcast over Wind of Change onderzoekt een helemaal niet zo onwaarschijnlijke complottheorie uit de Koude Oorlog.

De West-Duitse rockband Scorpions.
De West-Duitse rockband Scorpions. Foto Michael Ochs Archives/Getty Images

Het nummer Wind of Change (1991) van de West-Duitse rockband Scorpions is ‘de soundtrack’ van de val van de Sovjet-Unie. De krachtige eerste zinnen – ‘I follow the Moskva, Down to Gorky Park, Listening to the wind of change’ – zouden zelfs aan die revolutie bijgedragen hebben. Het nummer inspireerde een generatie die opgegroeide onder communistische bewinden met westerse waarden.

Maar wie schreef de tekst van Wind of Change? Was het Scorpions-voorman Klaus Meine – in een Mickey Mouse-schoolschriftje in 1990? Of was het de Amerikaanse inlichtingendienst CIA?

Dat laatste hoorde onderzoeksjournalist Patrick Radden Keefe (The New Yorker) in 2011 van een bron binnen de Amerikaanse inlichtingenwereld. Een fabeltje, dacht hij. Totdat Keefe op onderzoek uitging en zoals Alice in Wonderland het konijnenhol intuimelde.

De podcast Wind Of Change, die op 8 mei op Spotify verscheen, is het resultaat van negen jaar zoeken naar een antwoord. In acht afleveringen van zo’n drie kwartier volgt Patrick Radden Keefe de broodkruimels van een complottheorie die (ex-)spionnen, hair-metal rocksterren, drugsmokkelaars en speelgoedmakers achter hebben gelaten. „Dit verhaal klinkt gek genoeg om waar te zijn”, vertelt een spion aan Keefe.

Het nut van desinformatie

Muzikanten zijn in het verleden al eens wapens geweest voor de CIA. Die financierde in 1961 heimelijk de concerttour van zangeres Nina Simone in Nigeria. Zo werd de kritische burgerrechtenactivist opeens een propagandamiddel voor het Westen in de Koude Oorlog die werd uitgevochten op het Afrikaanse continent. Keefe vraagt zich na een paar afleveringen dan ook terecht af of hij zelf geen propaganda maakt door dit schijnbare succesverhaal van de CIA zuurstof te geven.

Wind of Change zorgt voor een fris briesje in de afgesloten wereld van dit moment. De complottheorie die Keefe onderzoekt lijkt uit een onschuldigere tijd te komen. Zonder corona, Obamagate of Fake News, maar wel met Bon Jovi en G.I. Joe-speelgoed.

Keefe weeft in de podcast een meeslepend narratief en muzikaal tapijt van grappige feitjes over spionagetechnieken, de geschiedenis van ‘glam metal’, de Koude Oorlog en het nut van desinformatie. Om de absurditeit van zijn zoektocht luchtig te houden, doorbreekt Keefe regelmatig de vierde muur à la Fleabag’s Phoebe Waller-Bridge. Zo legt de journalist midden in zijn interview met de Scorpions-voorman aan de luisteraar uit waarom hij er op dit moment voor kiest om direct op de man te vragen naar zijn band met de CIA.

Het is een ingenieuze manier om spanning op te bouwen en de luisteraar wat bij te brengen over de journalistieke methode. Het werkt ook goed om de soms dunne verhaallijnen en de lengte van de afleveringen wat verder op te rekken.