Profiel

Deze filosofische bankier schudt Suriname wakker

Steven Coutinho Als directeur van de grootste commerciële bank van Suriname bekritiseert Steven Coutinho ongebruikelijk openlijk het wanbeleid en de corruptie onder president Bouterse. Ook – of juist – nu het land komende maandag naar de stembus gaat. „Het systeem moet aangepakt worden.”

Bankdirecteur Steven Coutinho is kritisch over de machthebbers in Suriname: „Vroeger werd ik altijd al de klas uitgestuurd omdat ik tegen de leraar in ging.”
Bankdirecteur Steven Coutinho is kritisch over de machthebbers in Suriname: „Vroeger werd ik altijd al de klas uitgestuurd omdat ik tegen de leraar in ging.” Foto Merlin Daleman

Op een vroege zondagochtend eind januari, terwijl de meeste Surinamers nog slapen of in de kerk zitten, gebeurt er in de oude koloniale binnenstad van Paramaribo iets bijzonders. Een paar honderd bankemployees, burgers en prominente Surinamers verzamelen zich met protestborden en spandoeken voor De Surinaamsche Bank (DSB). Ze komen protesteren tegen een dreigend ontslag van bankdirecteur Steven Coutinho.

De bankier is datzelfde turbulente weekend uitgegroeid tot een ware volksheld, omdat hij in een interview fel heeft gereageerd op het schokkende nieuws dat er meer dan honderd miljoen dollar aan kasreserves is verdwenen bij de Centrale Bank. Geld van Surinaamse spaarders. „Dit is diefstal, we zijn misleid door de Centrale Bank!”, zegt Coutinho boos en emotioneel op de radio. Twee dagen later, als Coutinho de menigte voor ‘zijn’ DSB toespreekt, barst hij opnieuw uit: „Deze rotzooi moet nu een keer stoppen!” Gejuich en applaus barst los.

Lees ook: Suriname geschokt na diefstal door centrale bank

Misstanden

Wie is deze bankdirecteur, die als een van de weinige prominenten in Suriname zijn mond de afgelopen tijd open durfde te doen over misstanden? Die niet terugdeinst om kritiek te leveren op de in Suriname zo gevreesde autoriteiten? Ook niet nu het land zich opmaakt voor cruciale landelijke verkiezingen, komende maandag, waarbij de positie van de sinds 2010 regerende president Desi Bouterse centraal staat.

Zijn opmars als vertolker van de onvrede begint met een bijeenkomst in het kantoor van Bouterse, half januari. Steven Coutinho (43) is samen met negen andere commerciële bankdirecteuren uitgenodigd. Sinds vorig jaar zijn hun banken verplicht om een kwart van het spaargeld in harde valuta te ‘parkeren’ bij de Centrale Bank, als buffer. Tijdens de bijeenkomst deelt Bouterse hun mee dat die kasreserves zijn ‘verdwenen’. „We wisten niet wat we hoorden, we waren compleet in shock”, vertelt Coutinho rustig en analyserend in een lang vraaggesprek via WhatsApp.

Coutinho: „Bouterse zei: ‘Jullie banken moeten de samenleving geruststellen’. We zeiden toen tegen Bouterse: ‘Je kunt mensen niet rustig houden terwijl ze gedupeerd zijn.’ Een week lang hoorden we niets meer van de regering, tot het nieuws via de media naar buiten kwam. Ik zat inmiddels in Nederland en werd gebeld door Surinaamse media om een reactie te geven. Ik was woedend en geëmotioneerd, dit was immers gewoon diefstal.”

Coutinho’s uithaal sloeg in als een bom. De autoriteiten, niet gewend aan deze manier van kritiek, waren woedend. Maar veel Surinamers voelden zich juist gesterkt. „Het was voor het eerst dat iemand, zeker op zo’n positie, op zo’n een stevige en eerlijke manier uiting gaf aan wat duizenden Surinamers al heel lang voelen en denken, maar niet durven te zeggen”, zegt Gregory Smart (40), accountmanager bij DSB. „In Suriname geef je kritiek altijd bedekt en verbloemd. Zeker als je op de positie zit van Steven. Onze geschiedenis heeft al uitgewezen dat je dan een kopje kleiner wordt gemaakt en je een carrière verder wel kunt vergeten.”

Corruptie en schulden

Ook het moment van Coutinho’s kritiek, slechts enkele maanden voor de zeer spannende verkiezingen van maandag 25 mei, was van belang. Het land staat er economisch slecht voor en is de afgelopen vijf jaar verder afgegleden. Met een staatsschuld die is opgelopen tot 2,4 miljard dollar (ruim 80 procent van het bbp), een opeenstapeling van nog meer schulden en een desastreus uitgavenpatroon bevindt Suriname zich op het randje van bankroet.

Ondertussen stapelen de financiële drama’s en corruptieschandalen zich verder op. Vlak voor de roof van de kasreserves werd de directeur van de Centrale Bank, Robert van Trikt, opgepakt op verdenking van corruptie in een andere zaak. Recentelijk maakte het Openbaar Ministerie bekend dat het minister Gilmore Hoefdraad van Financiën, die al jaren onder vuur ligt vanwege zijn economische wanbeleid, wil vervolgen voor oplichting en illegale monetaire praktijken.

Waarom zouden we het zoveelste land zijn dat bananen op een boot zet en exporteert?

Steven Coutinho

Toch heeft alle ontevredenheid, op een paar kleinere betogingen na, niet tot groot of aanhoudend massaprotest geleid. Coutinho kan dat wel verklaren: „Een groot deel van de bevolking is passief. Ze voelen zich machteloos tegenover iemand als Bouterse, terwijl ik zeg: Bouterse heeft in feite geen enkele macht. Surinamers hebben hem de macht gegeven, en zij kunnen hem die macht weer afnemen. Voor mij is Bouterse ook niet de schuldige van de problemen, ik wijs niet met de vinger naar hem. Hij is slechts symptoom van een scheefgegroeid economisch en historisch patroon, dat heel veel gewone Surinamers in een bepaalde positie heeft gemanoeuvreerd waardoor ze denken dat ze niet meer over zichzelf beschikken. Velen hebben een laag zelfbeeld, wat voortkomt uit het idee dat ze niets mogen en kunnen. Ze wachten vervolgens tot de overheid ze komt redden. Ze nemen zelf geen verantwoordelijkheid.”

Dat Coutinho – een groot gebouwde en charismatische man, die rustig en met kracht zijn woorden kiest – wel zijn mond opendoet, komt door zijn moeite met onrecht en zijn afkeer van autoriteit, denkt hij. „Vroeger werd ik altijd al de klas uitgestuurd omdat ik tegen de leraar inging.”

Dat herinnert ook Michael Loswijk zich, een jeugdvriend met wie Coutinho op het Vrije Atheneum in Paramaribo zat. „Hij ging in discussies met leraren, maar hij was ook enorm fanatiek. Toen we in de vijfde zaten, leerde hij de boeken voor de zesde al. Hij wilde de beste zijn, daar werkte hij keihard voor en het lukte hem ook.”

Coutinho’s positie als ‘buitenstaander’ maakt het uiten van kritiek ook makkelijker dan wanneer hij helemaal in het ‘systeem’ zou zitten. Hij is tijdelijk aangesteld om de DSB van verdere economische ondergang te redden. En hij woonde, behalve in Suriname, in verschillende andere landen, zoals Nederland, de VS, Curaçao en Australië, waar hij deels opgroeide. Dat gaf hem een bredere blik, denkt hijzelf. „Maar ik ken de Surinaamse cultuur en mentaliteit heel goed, alleen laat ik me er niet door weerhouden.”

Vrijheid en verantwoordelijkheid

Binnen de DSB is de bedrijfscultuur sinds de komst van Coutinho behoorlijk veranderd, zegt accountmanager Gregory Smart, die een groot financieel project toevertrouwd kreeg. „Ik kreeg de ruimte en zijn vertrouwen om er zelfstandig aan te werken. Hij zei wel: neem je die vrijheid, dan neem je ook de verantwoordelijkheid. Ik werk nu zeven jaar bij de bank en heb vier directeuren versleten, maar nooit was er een die me geen bevelen gaf.”

Bij vorige directeuren maakte Smart mee dat als hij een onderzoeksrapport schreef, zij van bovenaf wilden bepalen wat de conclusie moest zijn. „Ook al was dat niet mijn conclusie en klopte het niet, ik moest het toch in het rapport schrijven. De verandering nu bij de bank voel je. Door de nieuwe leiderschapsstijl van Steven durven medewerkers hun visie te geven, mensen worden gewaardeerd en voelen zich erkend. Ik denk niet dat we op zondagochtend zo vroeg ons bed waren uitgekomen voor een andere directeur. Wij wilden hem niet kwijt, en daarom stonden we daar.”

Zolang we niet naar de diepere oorzaken kijken, maakt het niet uit wie er aan de macht komt

Steven Coutinho

Elders in de samenleving werkt de hiërarchische machtscultuur volgens Coutinho verlammend op de bevolking. „Je ziet dat al in de opvoeding van Surinaamse kinderen, in het onderwijs en binnen de bedrijfscultuur. Als ouders praten, moeten kinderen stil zijn. Regels worden opgelegd aan kinderen, maar ook volwassenen wordt niet geleerd zelf na te denken. Dit hele systeem is te herleiden naar onze koloniale geschiedenis: op de plantages werd met hiërarchie, angst en straf geregeerd, het hele systeem was erop gericht om onderdrukking en afhankelijkheid te creëren. We hebben ons hier nooit echt van bevrijd en losgemaakt, maar er onze samenleving op gebaseerd, onze politiek naar ingericht, het onderwijs. Kortom, het zit nog in ons.”

Natuurlijke hulpbronnen

Coutinho ziet dit ook terug in de economie van zijn land, waar weinig ruimte is voor vernieuwing en ouderwets wordt gedacht. „Het idee dat de agrarische sector je land vooruit helpt, zoals veel Surinamers geloven, is achterhaald. We kijken in Suriname al eeuwen naar onze natuurlijke hulpbronnen, maar het helpt het land niet vooruit. Waarom zouden we het zoveelste land zijn dat bananen op een boot zet en exporteert? Waarom kijken we niet naar wat we voor additionele producten van bananen kunt maken, of van rijst, en richten we ons daar op?”

Het economisch beleid van de laatste jaren is volgens Coutinho funest geweest. Dit werd vormgegeven door de omstreden minister Hoefdraad, die door het OM verdacht wordt van minstens elf corruptiezaken. „Ik vind zijn keuzes onbegrijpelijk. Het land staat op de rand van faillissement. De regering is een bedelaar geworden, die inmiddels al 130 miljoen dollar geleend heeft bij ons, de lokale banken. Zelfs nu, na het verdwijnen van de kasreserves – die, zo verklaarde de vicepresident, onder meer zijn ingezet voor de aankoop van aardappelen en uien - hebben ze ons alweer om hulp gevraagd. Maar van DSB krijgt de overheid niets meer.”

Coutinho werd onlangs in The New York Times, die een uitgebreid artikel aan hem wijdde, de ‘filosoof-bankier’ genoemd. Dit omdat zijn visie op Suriname verdergaat dan uitsluitend het denken in economische oplossingsmodellen. In zijn boek Breaking Rank (uit 2018) beschrijft hij hoe post-koloniale samenlevingen als de Surinaamse nog gevangen zitten in diepgewortelde machtsstructuren en hoe deze doorbroken kunnen worden. „Veel mensen hopen dat er na de verkiezingen een heel nieuwe wind gaat waaien, met een andere regering en een beter economisch beleid. Maar zolang we niet naar de diepere oorzaken kijken, maakt het niet uit wie er aan de macht komt. Ons zelfbeeld, ons idee van wie we zijn en wat we kunnen moet worden aangepakt.”