‘Cultuur heeft aanjaagfunctie in tijden van economisch herstel’

Raad van Cultuur De culturele sector leeft momenteel in een nachtmerrie, aldus de Raad van Cultuur. De sector moet gesteund worden in nieuwe initiatieven en benut worden als aanjager van de economie.

Voorzitter van de Raad van Cultuur Marijke van Hees tijdens de presentatie van het advies voor het cultuurstelsel 2021-2024.
Voorzitter van de Raad van Cultuur Marijke van Hees tijdens de presentatie van het advies voor het cultuurstelsel 2021-2024. ANP/Robin van Lonkhuijsen

„Voor de culturele en creatieve sector is de impact van de coronamaatregelen in de achterliggende en de komende maanden een nachtmerrie.” Met deze woorden openen Marijke van Hees en Jakob van der Waarden, respectievelijk de voorzitter en de directeur van de Raad van Cultuur maandag hun brief aan minister Ingrid van Engelshoven (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, D66). In de brief doet de Raad onder meer een voorstel om niet alleen samen met de rijksgesubsidieerde instellingen naar de toekomst van de cultuursector te kijken, maar breder. De cultuursector in zijn gehele breedte heeft namelijk een aanjaagfunctie voor zowel de economie als het inrichten van de samenleving.

De „stedelijke regio’s, fondsen en het veld van makers, instellingen en ongesubsidieerde aanbieders” moeten betrokken worden in bijvoorbeeld ontwerpvraagstukken voor de anderhalvemeterscenario’s

Stimulerende rol

Door de coronacrisis zal de sector volgens de Raad moeten inzetten op veranderingen die blijvend zijn, maar die de sector ook weerbaar maken tegen dit soort crises. Om die reden wordt de komende tijd ingezet op „digitalisering, differentiatie van aanbiedingsvormen en herontwerp van ruimtes en publieksactiviteiten”. Hoe die veranderingen en versterking van de sector aangepakt kunnen worden, wil de Raad in beeld brengen tussen 4 juni en 1 november.

Lees ook: ‘Nu kan juist de mindset van een kunstenaar helpen’

Behalve gericht op het beschermen van de culturele sector benadrukt de Raad ook dat deze sector een aanjaagfunctie heeft. „We zien momenteel dat in de culturele- en creatieve sector enorm veel initiatieven en nieuwe ontwerpen ontstaan die breed toepasbaar zijn.” Om de verschillende werelden aan elkaar te koppelen ziet de Raad een „stimulerende rol weggelegd” voor het ministerie in deze. „De sector heeft aantoonbaar een aanjaagfunctie in tijden van economisch herstel.”

Coulancebeleid

De brief van de Raad komt een dag nadat de cultuurwethouders van de vier grote steden – Amsterdam, Rotterdam, Utrecht en Den Haag – met een open brief in de Volkskrant het Rijk opriepen om extra geld vrij te maken voor de culturele sector omdat de gemeenten niet genoeg geld hebben voor de cultuursector. In die brief stelden ze dat er in die vier steden alleen al tot 1 juli een verlies zal zijn van 114 miljoen euro en vrezen ze dat „cultureel erfgoed onomkeerbaar dreigt te verdwijnen”.

De Raad stelt in haar brief over de hele culturele sector dat deze naar schatting bijna 1 miljard euro aan inkomsten is misgelopen. Dit verlies zal in de zomermaanden, waarin er geen festivals kunnen plaatsvinden, alleen maar groter worden. Om die reden hoopt de Raad dan ook dat de minister haar coulancebeleid voor door het rijk gesubsidieerde instellingen laat doorlopen in 2021 om de noodzakelijke veranderingen te ontwikkelen en in te voeren. Dat alles is nodig, sluiten de voorzitter en de directeur hun brief af, opdat „de sector ondanks de wereldwijde crisis een belangrijke bijdrage kan blijven leveren aan de cultuur, aan de kunst, aan de schoonheid”.