Necrologie

Johan Ooms: ingehouden en bedachtzaam acteur

Johan Ooms 1944-2020 Johan Ooms was een acteur op de achtergrond. De titelrol in de musical ‘De zoon van Louis Davids’ bracht hem naar de voorgrond.

Johan Ooms
Johan Ooms Foto Paul Koeleman

Alles bij elkaar moet Johan Ooms meer dan honderd toneelrollen hebben gespeeld, plus nog enkele tientallen tv-rollen en een paar filmrollen. Maar hij bleef bijna altijd een acteur op de achtergrond – gespecialiseerd in werk op de vierkante millimeter, dat hij met uiterste zorgvuldigheid en toewijding verrichtte. Hij was geen toneelspeler die de aandacht trok met stemverheffing of grote gebaren, maar met het tegendeel: ingehouden en bedachtzaam.

Johan Ooms is donderdag gestorven op 75-jarige leeftijd. Eén rol bracht hem naar de voorgrond, in 1983, toen hij de titelrol speelde in de musical De zoon van Louis Davids. De precisie waarmee hij de vooroorlogse variété-artiest gestalte gaf, en met een fluisterzacht stemmetje en schitterende dictie diens liedjes zong, maakte terecht veel indruk. Het was alsof daar de echte Davids tot leven werd gewekt.

Ooms was een telg uit een familie van scheepstimmerlieden in Amsterdam. Zelf werd hij echter al vroeg aangetrokken door kinderoperettes en ander amateurtoneel. In 1968 slaagde hij aan de Amsterdamse toneelschool. Zijn carrière speelde zich vooral af in de tijd dat de grote theatergezelschappen nog een groot aantal acteurs in vaste dienst hadden. Hij begon in 1968 bij het Nieuw Rotterdams Toneel, werkte bij toneelgroep Globe (in Eindhoven) en was acht jaar lang verbonden aan het Publiekstheater, waaruit later Toneelgroep Amsterdam voortkwam. Pas na zijn musicalrol werd hij freelance-acteur.

Door een aandoening aan zijn stembanden zag Johan Ooms zich in 2004 gedwongen het toneel achter zich te laten. Hij speelde sindsdien alleen nog een gastrolletje als pater in de tv-serie Flikken Maastricht.

Toen de Coöperatie Laatste Wil onlangs een recent video-interview met hem op YouTube plaatste over zijn vaste voornemen om zelf te bepalen wanneer zijn leven lang genoeg had geduurd, maakte hij een broze indruk. Maar hij had, naar eigen zeggen, „een bevoorrecht leven” gehad.