Opinie

Nul euro

Tommy Wieringa

Vierhonderdvijftig pagina’s gruwelproza kreeg de Haagse cultuurwethouder onlangs aangeboden door de Adviescommissie voor Kunst en Cultuur. In opdracht van de wethouder heeft de commissie alle culturele instellingen in Den Haag die subsidie aanvroegen langs de meetlat van de ‘Code Diversiteit & Inclusie’ gelegd. Diversiteit en inclusie zijn zo voor de commissie de nieuwe lidwoorden geworden: ze komen respectievelijk 154 en 110 keer in het adviesrapport voor. Organisaties die de code onderschrijven en ten uitvoer brengen, hebben, zoals het rapport duidelijk maakt, meer kans op subsidie dan degenen die de kantjes er vanaf lopen. Wie meedoet krijgt lekkers, wie weigert de roe. Want kunst en cultuur in Den Haag moeten „divers, eigentijds en voor iedereen aantrekkelijk en toegankelijk zijn”, meent D66-wethouder Robert van Asten. Brave woordjes, je hoort ze vaak. Meestal betekenen ze niets, maar uit de mond van degene die het geld verdeelt, krijgen ze opeens iets beklemmends.

Het is een onuitroeibaar misverstand onder bestuurders dat kunst voor iedereen bestemd zou moeten zijn. Dat ze zelfs voor iedereen aantrekkelijk moet zijn, zoals de wethouder zegt. De riolering is voor iedereen, de hemel boven ons hoofd en de lucht die we inademen zijn voor iedereen, maar kunst, nee, dat is voor mensen die ervan houden. Je kunt wel proberen om zoveel mogelijk mensen ervan te leren houden, maar voor iedereen is het dan nog altijd niet.

Het is een gevaarlijk egalitair misverstand dat het begrip ‘prescriptive art’ in herinnering roept, waarmee de Britse historicus Richard Overy de kunst van het Derde Rijk en de Sovjet-Unie typeert. De Große Deutsche Kunstausstellung van 1937 bestond uit voorgeschreven kunst: pastorale landschappen en heroïsche portretten. De immense Sovjettentoonstelling ‘Industrie van het socialisme’ van 1939 net zo. „Beide exposities”, schrijft Overy, „waren manifestaties van officiële kunst. De schilderijen en beelden waren niet het product van spontane artistieke expressie maar van staatsdwang- en instemming”. Volgzaam maakwerk. Kunst voor iedereen. „Want de kunstenaar schept niet voor de kunstenaar, maar voor het volk, en wij zullen erop toezien dat het volk wordt ingeroepen om zijn kunst te beoordelen”, aldus een mislukt kunstschilder die het nog tot rijkskanselier schopte.

De ideologie van de dag heet diversiteit en inclusie. „Veel instellingen”, schrijft de commissie minzaam, „zijn op de goede weg. Met name instellingen die kozen voor een gezonde introspectie op hun artistiek-inhoudelijke koers en hun positie in het veld, blijken ook over diversiteit en inclusie en bedrijfsvoering gedegen en haalbare plannen te presenteren.”

Ik waag te veronderstellen dat het andersom is: wie de signaalwoorden diversiteit en inclusie handig laat oplichten in zijn aanvraag, krijgt de centen, ongeacht de artistiek-inhoudelijke koers. Wie gewoon goede programma’s wil maken en niet gewiekst genoeg is om diversiteit en inclusie te simuleren, leest het dodelijke ‘niet honoreren’ onder zijn aanvraag.

Het internationale Crossing Borderfestival is een van de slachtoffers. Nul euro. Hoewel de commissie alle vertrouwen heeft in de programmering van het festival, schrijft ze, „mist ze een overtuigende toelichting op de artistieke keuzes en de borging van de eigen artistieke identiteit in de organisatie”. Borging van artistieke identiteit? Wtf? Het zakje erbij opgerookt, jongens? Allez, zulke lulkoek is blijkbaar voldoende om een gerenommeerd literatuurfestival de nek om te draaien.

Ik bezocht Crossing Border soms als bezoeker en soms als artiest, en was er altijd enthousiast over. De gemiddelde kwaliteit was hoog, nooit dacht ik aan diversiteit en inclusie wanneer ik naar al dan niet diverse of inclusieve optredens keek. Maar het is niet vanwege zulke particuliere overwegingen dat ik erover begin. Waar het om gaat is dat een van de commissieleden deze week is aangesteld als de nieuwe directeur van Writers Unlimited, het concurrerende Haagse literatuurfestival. Als kernlid van de adviescommissie had Ellen Walraven een beslissend aandeel in het desastreuze advies over Crossing Border én de subsidieverhoging voor haar nieuwe werkgever Writers Unlimited. De voorzitter van de commissie houdt staande dat het advies integer tot stand is gekomen, de wethouder weet wel beter en weigert elk commentaar. Hoe dan ook is door deze belangenverstrengeling het advies van de commissie in één klap minder waard dan het papier waarop het gedrukt staat.

Tommy Wieringa schrijft elke week een column op deze plaats.