Recensie

Recensie Strips

Strip over de niet te stoppen verteller René Goscinny

Stripbiografie ‘Het verhaal van de Goscinny’s’ is een boeiende strip over het leven van René Goscinny, de scenarist van ‘Asterix’. Helaas geeft de tekenaar zijn dochter wat te veel ruimte.

Beeld uit de strip ‘Het verhaal van de Goscinny’s’ van Catel & Anne Goscinny.
Beeld uit de strip ‘Het verhaal van de Goscinny’s’ van Catel & Anne Goscinny. Credit Catel en Editions Grasset & Fasquelle

De naam René Goscinny (1926-1977) hoort bij Asterix, bij Lucky Luke, Hoempa Pa, De kleine Nicolaas en Iznogoedh. Hij is een van de beste stripscenaristen ter wereld; een grafische biografie is alleen al daarom op zijn plaats. Zijn dochter Anne, zelf schrijfster en de beheerder van de nalatenschap van haar vader, zette zich aan die taak. Ze maakte er een vreemde mengvorm van, waarin ze zelf een prominente rol opeist, samen met haar vriendin én tekenaar Catel Muller.

Een reden voor deze rare biografische vorm vinden we in het voorwoord. Bij hun eerste ontmoeting vraagt Anne aan Catel om het leven van haar vader te verstrippen. Catel roept dat dat onmogelijk is: „Ik ben alleen geïnteresseerd in vrouwenlevens. En jouw vader was een man.” Daarna ontdooit de stripmaakster en besluit, na behoorlijk wat overredingskracht van Anne, dat het tóch mogelijk is. De biografie zal gaan over René, maar zij en Anne doen ook mee.

Aan de hand van de steunkleuren herkent de lezer het perspectief: blauw voor het leven van René, okergeel voor de particuliere bijdragen van Catel en Anne. Een ongewild bijeffect is dat de sfeer tussen beide ‘kleuren’ steeds verder uit elkaar gaat lopen.

De cover van de strip Het verhaal van de Goscinny’s. Credit: Catel en Editions Grasset & Fasquelle

Smeuïge anekdotes

De jeugd van René Goscinny, geboren in Parijs, speelt zich af in Argentinië. Als de Tweede Wereldoorlog voorbij is, vertrekt hij naar Amerika, omdat hij vermoedt dat zijn kansen om door te breken als striptekenaar daar groter zijn. Aan de hand van smeuïge anekdotes en ontmoetingen met onder anderen Mad-oprichter Harvey Kurtzman, leert de lezer vooral wat een gedreven en toegewijde creatieveling Goscinny is. Hoewel, van lieverlede komt hij erachter dat zijn scenario’s op meer bijval kunnen rekenen dan zijn tekenwerk. Langzaam zien we de altijd tekenende jongeling veranderen in een niet te stoppen verhalenverteller. Niets komt vanzelf, Goscinny werkt dag en nacht.

Als Goscinny uiteindelijk in Frankrijk belandt en daar kennis maakt met Albert Uderzo, weet de lezer hoe laat het is. De beide heren kunnen het uitstekend met elkaar vinden en als er een ideetje moet worden bedacht voor een nieuwe strip, zien we Asterix ontstaan – aan de keukentafel, zonder ook maar het geringste vermoeden dat het de populairste Europese strip zou worden.

Pagina uit de strip Het verhaal van de Goscinny’s. Credit: Catel en Editions Grasset & Fasquelle

Wat scènes als deze nog sterker maken, zijn de originele schetsen, opzetjes en uitgetypte scenario’s die zijn toegevoegd. Anne heeft vrijuit geput uit de privécollectie van haar vader en die pagina’s geven de overigens prettig getekende biografie beslist meerwaarde.

Hoe anders is de sfeer in de okergele passages, die van Anne en Catel. De dames zitten met opgetrokken knietjes op de bank babbelend wijn te drinken, gunnen elkaar onophoudelijk tenenkrommende complimentjes en proosten op alle successen, terwijl ze in de achtertuin bij het zwembad rondhangen. En ach, het familieleven van Anne, met haar schatten van kinderen, dat is toch prachtig, zeg.

Het is tot daaraantoe, maar geen van de biografische zaken die ter sprake komen, hadden niet ook in het verhaal van René zelf gepast. Als dit de knieval van Catel is om het niet uitsluitend over mannen te hoeven hebben, dan heeft ze het tegengestelde bereikt. Zij en Anne zetten zichzelf te kijk.

Lees ook: Yoshiharu Tsuges verhalen hebben een vervreemdende tweedeling