‘Je vaart, je ziet de sterrenhemel, je denkt na’

Dit ben ik Iedereen heeft verschillende identiteiten. Hoe worden we wie we zijn? Deze week: Siep Konijn (80), die naar zee ging tegen de wil van zijn vader. Na negen jaar op de grote vaart koos hij toch voor een leven aan wal.

Foto Dieuwertje Bravenboer

‘Ik was altijd al avontuurlijk. Een jeugdvriend van mijn moeder was missionaris op Timor. Die kwam langs, ik was zes of zeven. Meteen wou ik ook naar de missie. Mijn schoolcarrière was niet zo florissant. In de zomer spijbelde ik nogal eens met een vriend. Met een biebboek gingen we in de buitenlucht liggen. Zo heb ik de levens van alle poolreizigers gelezen.

„Van het lyceum werd ik afgestuurd. Een tijdje werkte ik op het land en haalde toen de ULO met mijn hakken over de sloot. Eigenlijk wou ik vliegenier worden, straaljagerpiloot. Je had die Gloster Meteors die laag overvlogen, dat sprak mij aan. Maar het mocht niet. Toen hoorde ik van iemand dat je een beurs kon krijgen voor de Zeevaartschool.

„Mijn vader vond het niks, dus mijn moeder ook niet. Geleidelijk zag ze wel dat ik het graag wilde. Ik kreeg haar zover dat ze handtekeningen zette voor de studiebeurzen. Die bleken al op te zijn, maar ik kon met een renteloos voorschot van College Zeemanshoop naar de Zeevaartschool. Tot de Kerst kreeg ik de kans om me te bewijzen. Ik ben keihard gaan werken.

„Mijn vader had gewild dat ik bij hem in de zaak kwam. Hij was radio- en fietsenmaker. Ik was de oudste van zeven kinderen. Gemakshalve heb ik gedacht: na mij komt nog wel een zoon, en nog een. Iemand van Zeemanshoop kwam mijn vader vragen wat hij tegen varen had. ‘Daar ken niks van komme’, zei mijn vader. Hoeren en snoeren, dat was het. Nog een paar maanden heeft hij lichte wrok gekoesterd.

‘Negen jaar heb ik gevaren bij de koopvaardij. Eerst op Oost-Afrika en de Perzische Golf, later op Afrika, Australië, Nieuw-Zeeland. Dat land, daar was ik verliefd op. Mooie natuur. Mooie vrouwen ook. Ik zat een keer aan tafel met een collega, een stugge Fries. Ik zeg: ‘Arie, ik ben verliefd’. Hij zegt: ‘Alweer?’ In elke stad een andere schat, zo was het wel een beetje. Voor de rest vaar je, zie je de sterrenhemel, denk je na over wat je beleeft.

Iemand kwam mijn vader vragen wat hij tegen varen had. ‘Daar ken niks van komme’, zei mijn vader. Hoeren en snoeren, dat was het.

„Op mijn 28ste ben ik gestopt. Het nieuwtje was eraf en een leven lang op zee zag ik toch niet zitten. Aan wal kwam ik mijn geliefde tegen, Marina. Een jaar of acht stond ik als wiskundeleraar voor de klas. Later haalde ik mijn lesbevoegdheid Engels en kreeg een baan als leraar Engels op de Zeevaartschool. Na mijn pensionering heb ik nog jaren scheepvaart-Engels gegeven bij de Nautische Verkeersdienst en de Italiaanse kustwacht.

‘Ik heb drie lieve kinderen. Een is hetero, twee zijn homo. In mijn jeugd bestond dat niet. Natuurlijk bestond het, maar niet in mijn beleving. Een van mijn eerste schepen was een groot vrachtpassagiersschip. Daar zaten veel homo’s op. Zo ontdekte ik dat het bestond. Moeilijk te accepteren vond ik het niet. Ouders die daaronder gebukt gaan hebben dan zelf een rotleven, en ze maken het ook rot voor hun kind.

„In 2012 kreeg ik longkanker. Ik rookte nog, stiekem af en toe een sigaartje. Je hebt mazzel als je het redt. Ik kreeg vier chemokuren, 31 bestralingen, de volle mep. Ik zag gigantisch op tegen de vierde chemo. Die heb ik niet meer nodig, zei ik tegen mijn oncoloog. Hij zei: ga even een blokje om. Hij wist dat ik door de zure appel heen zou bijten. Je wilt niet dat je kinderen later zeggen: papa kon het niet meer aan.

„Ik had een goede conditie. Daar ben ik mijn best voor blijven doen. Wandelen, buiten zijn, tuinieren. Ik zit op sloeproeien, een zeevaartschoolsport. Met onze sloep Piet Haverkamp, genoemd naar een groot Nederlands zeevaartkundige, deden we in 2015 mee aan de Vogalonga in Venetië, en afgelopen najaar weer aan de Grachtenrace Amsterdam.

„Ik denk wel dat ik nieuwsgierig ben. Vaak denk ik: nu ben ik zo oud, maar dit had ik nog niet meegemaakt. Laatst ben ik voor het eerst gaan kanoën met Strava, een app waarop je kunt zien waar je heen bent gevaren. Ik kon precies zien waar ik de wal indook om naar een vogelnest te kijken.”