Reportage

Corona? Deze straatarme wijk in Sevilla vreest vooral de recessie

Sevilla Bewoners van de Spaanse volkswijk Las Tres Mil Viviendas zijn bang dat hun arme wijk weer afglijdt . „Het is hier eigenlijk altijd één en al ellende geweest. En nu helemaal.”

Vrouwen lopen voorbij een hut in de krottenwijk Las Tres Mil Viviendas.
Vrouwen lopen voorbij een hut in de krottenwijk Las Tres Mil Viviendas. Foto Javier Fergo

Om drie uur ’s middags komt het beruchtste deel van Las Tres Mil Viviendas langzaam tot leven. Met piepende banden rijden auto’s rondjes door de wijk, een van de armste van Spanje. In het hart van Polígono Sur – in de volksmond beter bekend als ‘drieduizend huizen’ – trekt een kleine groep zich weinig van Covid-19 aan. Tussen de spelonken van de flats strijden drugsdealers op gewelddadige wijze om de lucratieve hasjmarkt. „Daar moet je echt wegblijven hoor”, waarschuwt de 50-jarige Chari López Rodriguez, wijzend op een aantal hoge gebouwen. „Ze pakken je er binnen een mum van tijd alles af.” Tijdens de lockdown zijn er in de wijk al zeker zes schietpartijen geweest.

Chari López was negen toen ze met haar ouders vanuit het oude centrum van Sevilla naar Las Tres Mil Viviendas verhuisde. Ze behoorde tot de armste families van de stad die volgens een gemeentelijk plan samen met zigeuners en daklozen een nieuwe, eigen plek zouden moeten krijgen aan de zuidkant van de stad. Het plan werd bedacht onder de dictatuur van Francisco Franco (1939-1975), wiens streven was dat iedere burger een dak boven zijn hoofd zou krijgen.

Analfabeet

Bij gebrek aan elke vorm van sociale samenhang in Las Tres Mil Viviendas, groeide de wijk eind vorige eeuw uit tot een van de meest gevreesde getto’s van Europa. Begin deze eeuw weigerden buschauffeurs en taxi’s er binnen te gaan, werd er geen post bezorgd en traden alleen zwaarbewapende eenheden zo nu en dan op in een poging de drugsbazen een slag toe te brengen. Een groot deel van de ouderen was er analfabeet, de helft van de kinderen ging niet naar school.

Totdat de autoriteiten vanaf 2003 met een nieuw plan van aanpak langzaam maar zeker de macht heroverden. Sindsdien gaat het met ups and downs. „De nieuwe, zware uitbarstingen van drugsgeweld zijn niet normaal. Schietpartijen zag je hier bijna niet meer. Die baren ons nu wel zorgen”, stelt Jaime Bréton Besnier, sinds vorig jaar als speciale functionaris verantwoordelijk voor de wijk. „Gelukkig is de politie wel al jaren weer de baas in de buurt.”

De droom van Chari López om de achterbuurt te verlaten kwam niet uit, onder meer doordat ze in korte tijd haar ouders en haar echtgenoot verloor en er nu vrijwel alleen voor staat.

„Mijn man was de enige liefde in mijn leven”, vertelt ze. „Hij was 38 jaar en stierf op een dag zo in mijn armen. Sindsdien moet ik het samen met mijn enige zoon zien te redden. Ik doe het huishouden en hij zorgde voor inkomsten. Auto’s wassen, klusjes doen, schoonmaken bij de sportschool. Nu zit hij thuis. Er komt nu niets meer binnen. Zero.

Vrijwel geen gevallen

Het levensritme van Chari López en de circa 40.000 inwoners van Las Tres Mil Viviendas kwam net als dat van miljoenen andere Spanjaarden half maart abrupt tot stilstand bij het afkondigen van de nationale lockdown. Het coronavirus zélf baart de inwoners misschien nog wel de minste zorgen. Van de in totaal 230.000 bevestigde besmettingen in Spanje zijn er slechts 2.900 in de provincie Sevilla.

„Hier in de wijk zijn vrijwel geen gevallen bekend. Maar wij zien ook de beelden van de duizenden doden in Madrid. En iedereen heeft daar wel familie”, zegt Lola Galeano, die aan het hoofd staat van het naai-atelier van de religieuze organisatie Don Bosco waar vrijwilligers mondkapjes maken. Ze leidt haar bezoek rond door het enorme complex met lege lokalen waar normaliter jongeren worden bijgeschoold tot elektricien of kapper. „Nu maar hopen dat iedereen zich thuis goed houdt en niet van het pad raakt”, zegt Galeano.

Het zijn vooral de maatregelen om het virus te bedwingen die veel impact hebben. Psycholoog Violeta López, in dienst van Don Bosco: „Velen kunnen moeilijk binnen zitten. Hun leven heeft zich hier altijd buiten afgespeeld. En dan zitten ze nu opeens weken achtereen tussen vier muren. Dat zorgt voor problemen die straks pas zichtbaar worden.”

Blikjesverzamelaar

Wie zoals velen in Las Tres Mil Viviendas zijn geld buiten verdiende, in het informele circuit als blikjesverzamelaar, schoonmaker of bloemenverkoper, verdient nu niks meer en is aangewezen op noodhulp.

Zoals Chari López en haar zoon. Ze zag een paar dagen geleden om een uur of drie ‘s middags opeens uit haar raam dat de parochie van Don Bosco voedselpakketten uitdeelde, en haastte zich naar beneden. Maar net toen ze daar aankwam, deed priester Andrés González verontschuldigend het hek alweer dicht. „Ik ben nu op anderen aangewezen”, verzucht ze.

Chari López

Foto Javier Fergo

De helft van de bewoners van Las Tres Mil Viviendas was al voor de crisis werkloos. De meeste gezinnen moesten al rondkomen van duizend euro per maand of minder. Nu zich de contouren aandienen van een nationale economische ramp, zal Las Tres Mil Viviendas waarschijnlijk opnieuw afglijden. In Spanje wordt een economische krimp van 9,4 procent voorspeld, de werkloosheid zal explosief stijgen. Dat komt meestal het hardst aan in de marges van de samenleving.

Zo is het alleen al de vraag of alles wat er na de financiële crisis van 2010 in de wijk was opgebouwd weer tot leven zal komen. „Er zijn zestien educatieve centra, acht scholen en drie kinderdagverblijven. Die zijn nu allemaal gesloten. Het maatschappelijk leven ligt plat. Met alle gevolgen van dien”, legt de speciale functionaris Bréton telefonisch vanuit zijn huis uit. „Er is ons er veel aan gelegen iedereen in de wijk zoveel mogelijk kansen te geven om zich te blijven ontwikkelen”.

Daklozen

Vooralsnog is het noodverbanden leggen. Zo moest er opeens een alternatief worden bedacht voor het middageten dat zevenhonderd kinderen normaal gesproken op school krijgen – op verschillende punten kunnen nu maaltijden worden afgehaald. Drugsverslaafde daklozen mogen tijdens de coronacrisis niet meer over straat zwerven – ze worden nu opgevangen in de enorme sporthal aan de rand van de wijk. En honderden gezinnen zonder inkomen hebben opeens niets meer te eten – Don Bosco opende een voedselbank middenin de buitenwijk.

Lees ook over de Afrikaanse seizoenarbeiders in Spanje

Andrés González, ‘El Padre Andrés’ staat met zijn Don Bosco-parochie eens te meer in het middelpunt van de wijk „Het is nu extra belangrijk dat de allerarmsten te eten krijgen”, zegt de priester vanachter zijn mondkapje, terwijl hij het geïmproviseerde voedselhok op slot draait. „En iedereen is van harte welkom om naar de boodschap van God te komen luisteren.”

Voor Chari López was een tasje met melk, brood, ingeblikt vlees, rijst en zeep voorlopig precies genoeg geweest. Vandaag moet ze het zonder stellen. „Morgen maar weer proberen”, zegt ze zuchtend. Daar gaat ze – met lege handen op weg naar huis.