Zelf gemaakt: een dubbele cheeseburger

Vanuit de Verenigde Staten schrijft over wat haar opvalt. Vandaag: over de gedwongen herrijzenis van de Amerikaanse thuiskok.
Illustratie Eliane Gerrits

‘Hoe moet dat nu?” vroeg de klusjesman toen hier alles op slot ging. „De restaurants gaan dicht.” Hij had nog nooit zelf gekookt. Ook zijn moeder, bij wie hij woont, niet. Ja, alleen met Thanksgiving, dan is ook alles dicht. Dan zet ze een voorgebakken kalkoen op tafel met aardappelpuree uit een pakje en jus uit een zakje. De volgende dag is iedereen blij dat ze weer uit eten kunnen.

De klusjesman is niet de enige. Al jaren wordt het einde van de zelfbereide maaltijd aangekondigd. Amerikanen geven meer geld uit aan restaurants dan aan boodschappen. Maar dertig procent van alle maaltijden wordt zelf klaargemaakt. Zelfs het eten thuis is voor veertig procent afhaal of opwarm.

Restaurants, en dan vooral de spotgoedkope fastfoodketens, zijn geen luxe, maar bittere noodzaak. Zeker in de snelkookpan van het moderne leven. Als je moet jongleren met meerdere banen, op onregelmatige tijden werkt of een alleenstaande ouder bent, dan is koken juist een luxe. En dan heb ik het nog niet eens over de lange rijen voor de voedselbanken.

Buitenshuis eten begint al met het ontbijt. Kinderen halen vaak ergens onderweg een bagel of muffin. Op school lunchen ze in de kantine – voor arme kinderen vaak de enige fatsoenlijke maaltijd van de dag.

De Amerikaan die zijn bammetjes in een broodtrommel van huis meeneemt, moet ik nog tegenkomen. ’s Avonds zijn er pizza’s of taco’s of het restant van de lunch uit de doggy bag.

Maar nu we allemaal in ons huis opgesloten zijn, is daar ineens de keuken. Wat doe je daar eigenlijk precies? De zoekopdrachten voor recepten op het internet rijzen de pan uit. Mensen lopen verdwaasd te dolen tussen de schappen in de supermarkt. Wanhopig proberen ze de smaak- en vetbommen van het gemakseten te reproduceren. Wat heb je bijvoorbeeld allemaal nodig voor de mac ’n’ cheese, die kleffe hap doorgekookte macaroni met een saus van ‘kaasproduct’ die je in iedere cafetaria treft? Hoe maak je in hemelsnaam chicken nuggets of curly fries?

Zelfs de chique New York Times speelt in op dit verlangen met recepten voor troosteten, zoals onlangs voor hash browns met bacon. Een machtig gerecht van gebakken geraspte aardappel dat je bij elk McDonald’s-ontbijt geserveerd krijgt. Om het naar Nederlandse begrippen te vertalen: het is alsof je iedere dag in de snackbar eet en plotseling zelf in de keuken een patatje oorlog, frikandel of bamibal moet bereiden. Niet de gemakkelijkste gerechten.

‘En?”, vraag ik de klusjesman als ik hem weer zie. „Hoe is het je vergaan?” Makkelijk was het niet, vertelt hij. De supermarkten hadden niet wat hij zocht. Nergens kon hij de juiste ingrediënten vinden voor zijn favoriete driedubbele cheeseburger. Maar, hij had wel zelf gehaktballen gemaakt, zoals die van de Italiaan op de hoek. „From scratch”, zegt hij er trots bij en maakt knedende gebaren met zijn vingers. Zijn moeder had er ook van gesmuld.

Er is dus nog hoop. Wellicht brengt het virus met alle ellende ook de wonderbaarlijke herrijzenis van de Amerikaanse thuiskok.

Reacties naar pdejong@ias.edu