Recensie

Recensie Media

De flirtende verkoper bleek een psychopaat in proeftijd

True crime podcast Britta Cloetens heeft de Honda-showroom in het Vlaamse Wilrijk waarschijnlijk niet levend verlaten. Maar wat haar precies is overkomen, daarover zwijgt verkoper Tijl T. al negen jaar. Een podcast en miniserie leggen nog één keer de puzzel.

In De verdwijning van Britta Cloetens wordt het contact van de vrouw met verkoper Tijl T. gereconstrueerd.
In De verdwijning van Britta Cloetens wordt het contact van de vrouw met verkoper Tijl T. gereconstrueerd. Beeld VRT

Als de Vlaamse bankmedewerkster Britta Cloetens (25) haar oom niet had verteld dat ze op 23 april 2011 garages zou bezoeken voor een nieuwe auto, dan was verkoper Tijl T. (toen 29) nooit in beeld gekomen als haar laatste contact. Gevraagd naar het bezoek van een jonge vrouw, zocht T’s baas in het bedrijfssysteem. Daar vond de Honda-dealer een offerte op haar naam. Aangemaakt maar nooit uitgewerkt door T., die toen als enige in de zaak was en inmiddels op vakantie met verloofde en dochtertje.

Het moet haar laatste dag geweest zijn, leren we in aflevering één van de driedelige podcast De verdwijning van Britta Cloetens, die eerder als miniserie verscheen bij de VRT en op het YouTube-kanaal van de Belgische politie. De productie valt op vanwege het uitzenden van verhoren die doorgaans alleen voor betrokkenen toegankelijk zijn. We horen ook de naasten van de alleenwonende Britta. Haar buren over de was die ze ‘s nachts buiten had laten hangen, haar moeder die door Britta’s werkgever gebeld werd (waar ze bleef) en de oom die bij garages in Wilrijk, net onder Antwerpen, navraag deed. We leren Britta via hen kennen als rustige vrouw die droomde van een relatie en kinderen. Niet het type dat de politie in eerste instantie voor ogen had: een vrouw die na een wild avondje stappen met een man was meegegaan en vast zo weer opduikt.

Britta zou niet meer opduiken. Een blik op het strafblad van de verkoper – hij liep in zijn proeftijd vanwege een reeks delicten, waaronder aanranding – schudde de politie wakker. In T’s auto werden haren en bloed van Britta gevonden. „Ik wens daar niets over te verklaren”, horen we T. herhalen. Pas toen het net zich om hem sloot, ging hij praten. Britta zou op zijn avances ingegaan zijn, maar wees hem tijdens het vrijen opeens af. Ze zou aangekondigd hebben naar de politie te stappen, verklaarde T. In die stress zou hij per ongeluk de klep van de kofferbak op haar hoofd hebben laten vallen. Hij beweert dat hij toen geschrokken vaststelde dat ze geen pols meer had. In een opwelling besloot hij het lichaam ergens heen te rijden en te begraven. Waar weet hij niet meer, zegt hij sinds dat verhoor.

„Je kunt een pols opnemen om vast te stellen of iemand nog leeft”, zegt de forensisch arts daarover, „of om zeker te weten dat iemand dood is.” De ondervragers besloten met T. rond te rijden in de hoop dat hij zich de begraafplek kon herinneren. Er werd 2.000 kilometer afgelegd. Tevergeefs. Het vermoeden is dat T. helemaal niet wil dat Britta gevonden wordt, omdat haar werkelijke doodsoorzaak dan aan het licht komt. In 2015 kon moord niet bewezen worden, alleen doodslag. Tijl T. kreeg dertig jaar cel, een forse straf voor doodslag, maar wel met de kans op vervroegde vrijlating in 2026.

Lees ook de recensie van nog drie podcasts over true crime, twee Amerikaanse en een Nederlandse: Moord, vermissing, coke

Charmant en opvliegend

De verdwijning van Britta Cloetens intrigeert vanwege T’s kalme proceshouding en onschuldige uitstraling. Is deze vriendelijk ogende man, die gewoon aan het werk was, een moordenaar? Zelfs als je hem als voyeur aan het werk ziet in de garage (we zien zijn gezicht op beelden van zijn eigen verborgen camera, die hij installeerde in het plafond van een toilet) is het moeilijk een beest in hem te zien. Maar bij de bespreking van een persoonlijkheidstest, slaat je de schrik om het hart. „Hij is slim en sluw”, horen we in podcast en serie. „Een IQ van 130. Dit is een kernpsychopaat, het gruwelijkste van al.” De gladde prater T. scoorde maximaal op kenmerken als manipulatie, liegen, gebrek aan berouw en narcisme.

Ter zitting werd T. door oud-collega’s beschreven als effectieve verkoper. „Tijl werd best geapprecieerd”, tekende de Gazet van Antwerpen op. „Ik herinner hem als joviaal en charmant. Hij had ups en downs. Een hevig karakter.” T. kon nogal opvliegend zijn, en zeer eigenzinnig („his way or the highway”). Hij blowde veel, en gebruikte ook weleens zwaardere drugs.

Overtuigende theorie

De producenten, Caroline Van den Berghe en Dirk Leestmans, zetten de moordtheorie overtuigend neer, in de hoop op tips. Het geval T. geeft te denken over de rechtspraktijk: was hij al na zijn eerste delict gediagnosticeerd, dan had hij toch TBS moeten krijgen? Het betreft immers een gevaarlijke stoornis in de gewetensfunctie die hij aantoonbaar niet onder controle had.

Nu kon Tijl T. juist vanwege de gaven die zijn persoonlijkheidsstoornis met zich meebracht de reclassering om de tuin leiden en als een roofdier zijn prooien bespieden en besluipen. In een meer alerte rechtsstaat had Britta deze recidivist niet tegen het lijf hoeven lopen. Dat is wat schokt en blijft hangen na dit zorgvuldig uitgezochte, knap gemonteerde en rijk gedocumenteerde misdaadverhaal.