Ouderlingen Jehova’s mogen niet zwijgen bij misbruik

Verschoningsrecht Een Jehova’s getuige die misbruik onderzoekt, is geen gewone geestelijke, oordeelt de rechter. Hij heeft geen verschoningsrecht.

Jehova’s getuige in de Jaarbeurs.
Jehova’s getuige in de Jaarbeurs. Foto Jeroen Jumelet/ ANP

Mag een ouderling van Jehova’s Getuigen Nederland, een christelijke gemeenschap met ongeveer dertigduizend leden, zich beroepen op het verschoningsrecht dat voor geestelijken geldt?

Die vraag stond centraal in een zaak die was aangespannen door Jehova’s Getuigen Nederland na politie-invallen en huiszoekingen bij ouderlingen en in het hoofdkantoor in Emmen.

De invallen vonden plaats op 19 november 2018 en waren onderdeel van een strafrechtelijk onderzoek naar negen (oud-)leden van de Jehova’s Getuigen. Zij worden verdacht van seksueel misbruik. De organisatie diende een klaagschrift in omdat zij de invallen „intimiderend en onrechtmatig” vinden. Ouderlingen, stelde de advocaat van de Jehova’s getuigen, vallen onder het zogeheten verschoningsrecht en hoeven een geheim dat hun in vertrouwen is verteld niet zomaar prijs te geven.

Daar gaat de rechtbank in Zwolle niet in mee, bleek vrijdag bij de uitspraak. Een ouderling die onderzoek doet in een misbruikzaak, verleent geen geestelijke zorg, stelt de rechter.

Daar komt bij dat een geheim niet per se geheim blijft binnen de religieuze gemeenschap. Meldingen van seksueel misbruik worden vaak door een intern comité van ouderlingen onderzocht, dat bepaalt wat er met de vermeende dader moet gebeuren. Daarmee vervalt het verschoningsrecht, volgens de rechter. „Er is geen sprake van een functionele geheimhoudingsplicht.”

Seksueel misbruik toegedekt

Eerder dit jaar stapte de organisatie ook al naar de rechter om via een kort geding de publicatie van een onderzoek naar seksueel misbruik binnen de gemeenschap te blokkeren. Ook dit werd door de rechter afgewezen.

Het rapport, van de Universiteit Utrecht in opdracht van het ministerie van Justitie en Veiligheid, liet zien dat honderden mensen binnen de Nederlandse gemeenschap van Jehova’s getuigen melding deden van misbruik in hun kinderjaren én dat dit misbruik werd toegedekt. Het wordt niet altijd gemeld bij de politie, er is geen adequate hulp voor slachtoffers en daders worden door een intern rechtssysteem berecht, oordeelde het rapport.

De kerk gaat mogelijk in cassatie tegen de uitspraak van vrijdag. In een reactie noemt bestuurslid Michael van Ling de rechterlijke uitspraak „zeer verontrustend”. „We verwachten dat de overheid het verschoningsrecht van religieuze bedienaren respecteert.”