Monument voor de Tachtigers

Standbeeld Amsterdam barst van de standbeelden. Vaak lopen of fietsen we er snel aan voorbij zonder echt te kijken, terwijl er toch zoveel moois tussen zit. De komende tijd staan we elke week even stil bij één standbeeld.

Foto Katrien Mulder

Middenin het Oosterpark, verscholen tussen het riet, staan twee punten van roestvrijstaal: een golf en een vlam. Ernaast staat een metalen kastje, met achter glas een gedicht van Hendrik Marsman:

Hij was van vuur

een golf, een vlam,

een stromend stuk natuur.

Marsman schreef dit gedicht toen Herman Gorter, de belangrijkste dichter binnen de literaire beweging de Tachtigers, in 1927 overleed. Het standbeeld heet dan ook heel toepasselijk Monument voor de Tachtigers.

Het beeld werd in 1992 gemaakt door Jan Wolkers (1925-2007). Hij studeerde in 1953 af aan de Rijksacademie in Amsterdam als beeldend kunstenaar. Ondanks zijn vele bekende boeken beschouwde hij zichzelf op de eerste plaats als kunstenaar. Zo zei hij zelf bij zijn literaire debuut (Serpentina’s Petticoat) in 1961: „Ik ben een beeldhouwer die een boek heeft geschreven.” Toch voelde Wolkers geen tegenstelling tussen zijn werk als beeldhouwer en als schrijver. „In dezelfde tijd dat ik met schilderen begon, ging ik mij ook voor literatuur interesseren. Karrenvrachten poëzie heb ik verzwolgen, vooral veel van de Tachtigers.”

Foto Ceescamel

Het is dan ook niet verwonderlijk dat Jan Wolkers dit beeld maakte, als eerbetoon aan de Tachtigers. Maar waarom staat het beeld juist op deze plek, verscholen tussen het riet?

Dat heeft alles te maken met een huis, zo’n honderd meter er vandaan. De Tachtigers vormden in de jaren tachtig van de negentiende eeuw een vernieuwende beweging binnen de Nederlandse literatuur. De leden van de groep kwamen regelmatig samen bij Willem Witsen, die woonde op het adres Oosterpark 82. De tweede vrouw van Witsen heeft het hele huis, inclusief inboedel, na haar overlijden nagelaten aan het Rijk.

Het huis zelf wordt sindsdien, conform haar wens en in de traditie van Witsen, ter beschikking gesteld aan schrijvers als tijdelijke woonruimte. Onder anderen Bert Voeten en Marga Minco verbleven er, en Thomas Roosenboom voltooide in het huis zijn bekroonde roman Gewassen Vlees.