In Zuid-Amerika stapelt de cocaïne zich op nu het virus ook de drugssmokkel ontregelt

Narcotica De coronapandemie verstoort ook de distributieketens van de internationale cocaïnehandel ernstig. Smokkelaars moeten hun drugs tijdelijk opslaan óf nog vindingrijker worden dan normaal.

De Hondurese autoriteiten onderschepten begin deze week een partij van 124 kilo cocaïne, vlakbij de grens met Guatemala.
De Hondurese autoriteiten onderschepten begin deze week een partij van 124 kilo cocaïne, vlakbij de grens met Guatemala. Foto Honduras National Inter-Institutional Security Force / AFP

Het was een kleine, maar veelzeggende onderschepping, die de Peruaanse douane 12 maart deed. In de zeehaven van Callao trof ze tussen een lading mondkapjes met bestemming Hongkong ook een kilo cocaïne aan. Drie dagen later zou Peru in de strijd tegen het nieuwe coronavirus een van de strengste lockdowns ter wereld afkondigden. Op de valreep hadden smokkelaars nog geprobeerd dit ladinkje naar hun afzetmarkt te krijgen.

De vondst is illustratief voor de impact die de pandemie heeft op de drugssmokkel. Zoals de hele wereldhandel wordt ook deze schaduweconomie (totale geschatte omvang: 360 miljard dollar) ontregeld door het virus. Ze is niet geheel stilgevallen, maar criminelen moeten wel een nog grotere vindingrijkheid dan gebruikelijk aan de dag leggen. Corona verstoort hun distributieketens ernstig, concludeert het Drugs- en Criminaliteit-bureau (UNODC) van de Verenigde Naties in een donderdag verschenen onderzoek.

Onze vrees is dat als alles weer normaal is, hele grote partijen in ‘one go’ verscheept gaan worden

Bob Van den Berghe Container Control Program UNODC

Bij cocaïne is dit goed te zien in de landen van productie en doorvoer in Latijns-Amerika en de Caraïben. Hier lijkt de cocaïne zich op te stapelen. „De productie zal inmiddels wel iets teruggeschroefd zijn. Maar in veel labs en plantages zullen voorraden aangelegd worden. Onze vrees is dat als alles weer normaal is, hele grote partijen in one go verscheept gaan worden”, legt Bob Van den Berghe telefonisch uit. Bij het UNODC runt de Belg een wereldwijd programma om smokkel via zeecontainers tegen te gaan.

De afgelopen jaren liep de productie van cocaïne fors op, met name in Colombia na het vredesverdrag (uit 2016) tussen guerrillabeweging FARC en de regering. Goedkope en kwalitatief goede coke overspoelde de westerse afzetmarkten. Nu de drug tijdelijk lastiger verscheept kan worden, is in Brazilië en VS al een stijging van de straatprijzen gesignaleerd. Tegelijkertijd, suggereert het UNODC-rapport, zal consumptie lager liggen omdat er geen uitgaansleven meer is – al is coke een drug die ook veel in de huiselijke sfeer gebruikt wordt.

Lees ook deze vierdelige serie over de route die cocaïne aflegt

In Europa zijn nog geen tekenen van schaarste. Dit is deels te danken aan het feit dat kartels – eerder nog dan sommige regeringen – begin dit jaar voorzagen dat het virus de wereld op slot zou gooien. Snel nog zetten ze tonnen cocaïne op de boot naar Europa.

Tot half maart leidde dit tot een fikse stijging van het aantal inbeslagnames in de regio. Er werd 23,5 ton onderschept, waarvan 17,5 ton op weg was naar Europa. Ter vergelijking: in heel 2019 (een recordjaar) werd hier 77 ton coke onderschept, waarvan 57 ton bestemd voor Europa, met name Antwerpen en Rotterdam. Ook in die twee invoerhavens is dit jaar meer coke in beslag genomen, meldden Nederlandse en Belgische autoriteiten.

In de haven van de Noord-Spaanse stad Vigo werd in april een lading van 4 ton cocaïne onderschept. Kort voordat hun landen half maart in lockdown gingen verscheepten Latijns-Amerikaanse kartels nog grote partijen van de drug richting Europa. Foto MIGUEL RIOPA / AFP

Kansberekening

Smokkel van cocaïne naar Europa gaat veelal via zeecontainers, waarbij ze verstopt wordt tussen een deklading als fruit. Aangezien er nog ananassen en bananen in Europese winkelschappen liggen, is deze smokkelmethode in principe nog beschikbaar. De uitdaging voor narcos is momenteel vooral de drugs op een schip te krijgen. Rond half maart gingen veel landen in lockdown en werd de uitvoer veel minder, hoort Van den Berghe van politie en justitie ter plekke. „Het is vooral voor kleine organisaties moeilijk geworden om drugs van de plantages naar havens te krijgen, nu het overal wemelt van de politie en leger.”

Ook, stelt Van den Berghe, is er in uitvoerhavens minder bedrijvigheid, waardoor smokkelaars eerder opvallen. „Tegelijkertijd zal er minder streng geïnspecteerd worden, omdat de autoriteiten druk zijn met Covid-19, dus vallen gaten in de beveiliging waar ze gretig gebruik van maken.”

Drugshandelaren doen aan kansberekening. Omdat de winstmarges op hun product zo hoog zijn, kunnen ze incalculeren dat een vast deel van hun handelswaar onderschept wordt, naar schatting gemiddeld een tiende. Het is de kunst dat pakpercentage het laagst te houden.

De ene crimineel is daar in coronatijd beter voor gepositioneerd dan andere. Dit is bijvoorbeeld goed te zien bij de cokesmokkel naar de VS – samen met Europa de belangrijkste afnemer. Omdat Amerikaanse lucht- en zeehavens goeddeels dicht zijn, verloopt deze nu nog sterker dan voorheen over land. Hiervan zullen vooral de grote Mexicaanse organisaties profiteren omdat zij die routes naar de Amerikaanse zuidgrens exclusief in handen hebben. Dit verzwakt hun Colombiaanse rivalen.

Van den Berghes voorlopige indruk is dat vooral grotere kartels „flexibel en professioneel” genoeg zijn om deze crisis te doorstaan. Zij zijn wendbaarder om nieuwe smokkelroutes te openen en staan sterker om een tijdelijke dip te overleven. De pandemie leidt zo tot een soort triage tussen gezonde en minder gezonde narco-entrepreneurs – net als in de bovengrondse economie.