Bankierseed blijft ook na vertrek geldig

Tuchtrecht Ook als een medewerker is vertrokken uit de financiële sector, kan hij of zij nog tuchtrechtelijk worden vervolgd. Dat blijkt uit een uitspraak in hoger beroep.

Om welke bank deze tuchtrechtzaak draaide maakte de Stichting Tuchtrecht Banken niet bekend. Bijgaande illustratieve foto is gemaakt in een filiaal van ABN Amro. Foto Robin van Lonkhuijsen/ANP
Om welke bank deze tuchtrechtzaak draaide maakte de Stichting Tuchtrecht Banken niet bekend. Bijgaande illustratieve foto is gemaakt in een filiaal van ABN Amro.

Foto Robin van Lonkhuijsen/ANP

Bankmedewerkers kunnen ook na hun vertrek bij een bank aan de tuchtregels van de financiële sector worden gehouden. Dat is de conclusie van een tuchtuitspraak in hoger beroep, die vrijdag werd bekendgemaakt.

Sinds vijf jaar zijn medewerkers van Nederlandse banken gehouden aan tuchtrechtregels, omdat ze de bankierseed hebben afgelegd. Volgens de Commissie van Beroep van de Stichting Tuchtrecht Banken blijven na vertrek bij een bank de tuchtregels voor „open en eerlijk zijn” en voor geheimhouding van klantgegevens en gelden.

Lees ook: Vijf jaar bankentuchtrecht: wel het zwarte schaap, (nog) niet de baas

Valse bewijzen

De Commissie van Beroep deed uitspraak in een klacht tegen een uitzendmedewerker die als klantadviseur dagelijkse bankzaken verwerkte bij een financiële instelling – welke is niet bekendgemaakt. Die persoon zou volgens de klacht geld hebben opgenomen van een rekening van een klant. In zowel tweede als eerste aanleg werd de uitzendmedewerker vrijgesproken van de oorspronkelijke klacht.

Tijdens de tuchtprocedure werden echter door de aangeklaagde valse bankafschriften aangevoerd als bewijzen. Dat achtte de Tuchtcommissie in eerste aanleg wel bewezen, maar niet tuchtrechtelijk strafbaar omdat de persoon in kwestie niet meer bij de bank werkte. In de wetteksten over het bankentuchtrecht was geen bepaling opgenomen over voormalige medewerkers.

Naleving geschaad

De Commissie van Beroep gaat hier nu tegenin. „Een eenmaal afgelegde bankierseed kan wel degelijk leiden tot verplichtingen na vertrek bij de bank”, schrijft de commissie in een persbericht. Als dat niet zo zou zijn, zou de naleving van het bankentuchtrecht ernstig worden geschaad. „Bankmedewerkers zouden zich dan kunnen onttrekken aan tuchtrechtelijke verplichtingen door bijvoorbeeld ontslag te vragen.” De uitzendmedewerker heeft nu een berisping gekregen. De veroordeelde krijgt daarnaast een vermelding in een register, dat Nederlandse banken kunnen inzien.

De uitspraak is onder meer interessant omdat er nog een besluit moet worden genomen over eventuele tuchtrechtelijke vervolging van de huidige topman van ING, Ralph Hamers. Die vertrekt over twee maanden naar het Zwitserse UBS. Tegen hem en andere bestuurders van ING zijn klachten ingediend over de (teruggedraaide) loonsverhoging voor de top in 2018 en de schikking, vlak daarna, van 775 miljoen euro die de bank met justitie had getroffen vanwege ernstige nalatigheid in de screening van klanten en transacties.