Openbaar vervoer nog niet bedoeld voor plezierritjes

Openbaar vervoer Reizen met het OV betekent straks: alleen noodzakelijke reizen, mondkapje op, afstand houden en de fiets mag niet mee.

Reizigers in de Amsterdamse Noord/Zuidlijn. Vanaf 1 juni worden mondkapjes verplicht in het openbaar vervoer.
Reizigers in de Amsterdamse Noord/Zuidlijn. Vanaf 1 juni worden mondkapjes verplicht in het openbaar vervoer. Foto Koen van Weel/ ANP

Mondkapjes op, is vanaf 1 juni het devies in het openbaar vervoer. Wie zich daar niet aan houdt, kan uit trein, tram, bus of metro worden verwijderd en loopt het risico op boetes. Shawls of andere gezichtsbedekkers als alternatief zijn onvoldoende, zo maakte premier Rutte woensdagavond bekend.

Het openbaar vervoer telde voor de coronacrisis dagelijks ongeveer 2,4 miljoen reizigers (dagelijkse ‘incheckers’). Daar is nu door de lockdown nog maar 10 tot 15 procent van over. Vanaf juni moet de capaciteit weer omhoog naar 40 procent.

Honderdduizenden reizigers krijgen dus straks dagelijks te maken met de verplichting een mondkapje te dragen.

Lees ook: Kabinet komt met stappenplan voor uitweg uit coronacrisis

En dat terwijl het wetenschappelijk bewijs dat grootschalig gebruik van mondkapjes beschermt tegen het virus dun is, aldus Rutte. Er is hooguit „beperkt positief effect ter voorkoming dat je een ander besmet”. Maar de vervoersbedrijven hebben de afgelopen weken gelobbyd voor verplichte mondkapjes en het kabinet heeft daarnaar geluisterd.

Vervoersbedrijven gaan de mondkapjes niet uitdelen, zei Rutte. Passagiers moeten er zelf voor zorgen. Ze kunnen de kapjes kopen, ze mogen ze zelf maken - zolang ze maar geen medische mondkapjes gebruiken, want die zijn bestemd voor het zorgpersoneel.

Geen plezierritjes

Maar passagiers krijgen daar wel iets voor terug, zo blijkt uit afspraken die het kabinet met de vervoersbedrijven heeft gemaakt. Vanaf juni rijden zij weer de oude dienstregeling, zoals die ook voor de coronacrisis gold. Materieel en personeel wordt weer voluit ingezet.

Op stations, bushaltes en perrons moeten reizigers anderhalve meter afstand blijven houden, maar in tram, bus, trein en metro is dat niet mogelijk. Daar zal één meter het criterium zijn. Alleen op die manier, met de volle inzet van materieel en personeel, kunnen de vervoersbedrijven 40 procent van de vervoerscapaciteit van vóór de lockdown garanderen.

Zo verwacht het openbaar vervoer in juni de passagiersgroei te kunnen opvangen als leerlingen uit het voortgezet onderwijs het MBO weer naar school gaan en de horeca en andere sectoren weer op gang komen.

Lees ook: Gedragsregels voor passagiers openbaar vervoer

Wel of niet met het openbaar vervoer gaan blijft voorlopig een vrijwillige keuze, niemand krijgt een vervoersverbod. Wel blijft de huidige afspraak staan dat het openbaar vervoer er niet voor plezierritjes is. „Mijd de spits”, zei staatssecretaris Stientje van Veldhoven (Infrastructuur en Waterstaat, D66) woensdagavond. „Met z’n allen naar het strand met de tram gaat nu gewoon niet.” Om die reden ook is het meenemen van een fiets in de trein voortaan verboden en vervalt het recht op samenreiskorting voor abonnementhouders.

Omdat de ruimte in het openbaar vervoer beperkt blijft, wil het kabinet dwingende afspraken maken met het onderwijs, culturele instellingen en werkgeversorganisaties om werk-, openings- en lestijden te spreiden. Colleges zouden bijvoorbeeld tussen 11 uur ’s ochtends en 15 uur ’s middags gegeven kunnen worden. En van werkgevers wordt gevraagd thuiswerken te blijven stimuleren.

Zolang die spreiding lukt, zo benadrukt voorzitter Pedro Peters van OV-NL, de brancheorganisatie van de openbaar vervoersbedrijven, blijft gebruik van het openbaar vervoer voorlopig een vrijwillige keuze. Op de lange termijn, als de economie weer op volle toeren moet draaien maar met handhaving van de anderhalvemetersamenleving, is dat niet mogelijk. Dan zijn gedwongen spreiding van het passagiersaanbod en reserveringsapps volgens hem noodzakelijk.

Controleurs

Passagiers krijgen weer vaker te maken met controleurs en andere ordehandhavers. Voor hen hebben de vervoerders op grote schaal mondkapjes en handschoenen ingekocht. De Buitengewone Opsporingsambtenaren krijgen extra bevoegdheden. Zo mogen zij straks ook boetes uitdelen als passagiers zich niet houden aan de coronamaatregelen, zoals het verplicht dragen van een mondkapje.

Vervoersbedrijven krijgen van het kabinet financiële compensatie voor de verliezen die ze lijden door het lagere aantal passagiers. In 2020 gaat het om naar schatting 1,6 tot 1,8 miljard euro.

Lees ook: Ov steeds verder in financiële nood

REACTIES SECTOREN
Riet Devilee (64) mantelzorger, Veldhoven

„Elke dag ga ik of gaat één van mijn zussen naar mijn moeder van 87, die sinds vorig jaar erg zwak is door hartfalen. We koken, wassen, doen de boodschappen en ruimen het huis op. Sinds de coronacrisis kom ik nu elke week een extra dag om te poetsen, omdat de huishoudelijke hulp niet meer komt. Die heeft mijn moeder, uit angst voor besmetting, afgezegd.

„Ik was blij verrast toen bekend werd gemaakt dat mantelzorgers zich vanaf 18 mei kunnen laten testen op het coronavirus. Dan kan ik met een iets geruster hart zorg verlenen. Ik ben nu best bang om mijn moeder te besmetten, maar ik moet haar blijven opzoeken, want ze kan echt niet zonder mijn hulp.

„Hopelijk kunnen medewerkers in de huishoudelijke hulp binnenkort ook getest worden. Ook ben ik blij dat de pedicure weer mag werken. Die heeft mijn moeder hard nodig. Ze heeft gewoon pijn aan haar voeten als ze loopt.”

Rian Roos (49) , bedrijfsleider Salt & Pepper Kappers, R’dam

„Zeven weken zijn we dicht geweest. Een voordeel is wel dat we nu voor het eerst van ons leven merken hoe onmisbaar een kapper is voor mensen. Sinds een paar dagen stroomt onze mailbox vol met verzoeken om een afspraak. Zaterdag gaan we met twee vrouwen achter de telefoon zitten om alle afspraken te kunnen inplannen. Na veel gedoe en met hulp van kennissen hebben we zo’n tweeduizend mondkapjes weten aan te schaffen. We hebben ook een apparaat gekocht zodat we ontsmettingsmiddel via voetbediening in onze handen krijgen om besmetting te voorkomen. We zijn erg opgelucht dat we weer aan de slag kunnen want de bodem van het bedrijf kwam in zicht. Gelukkig hebben we niemand van onze zestien kapsters hoeven te ontslaan. We gaan kijken of we zeven dagen in de week open kunnen en eventueel ook ’s avonds. We hebben de gemeente al gevraagd of we donderdag met Hemelvaart ook open mogen.”

Peter Geerken (57) buschauffeur, Arnhem

„Bij het luisteren naar premier Rutte ging ik vast rekenen. Als mijn trolleybus straks voor 40 procent gevuld mag zijn, betekent dat twintig passagiers maximaal. Dat zijn er nu al meer! Als er straks meer wordt gereisd, worden dat er nog meer. Dat maakt me bang. Ik zie die drommen al voor mijn deur staan. Wie controleert of ze allemaal een mondkapje dragen? Ik niet. Ik ben buschauffeur, geen politieagent. Een vrouw met zo’n verboden boerka, mocht er laatst van mij ook in.

„Neem een spatscherm ter bescherming, zegt Rutte dan. Nou, we hebben laatst met zo’n plexiglas ding proefgedraaid. Je wilt niet weten hoe dat glas me tegemoet schitterde. Met zo’n ‘schitterscherm’ valt echt niet te rijden.

„Nu is het beter geregeld. Passagiers moeten achterin instappen en daar chippen. Bij het naar voren lopen, mogen ze niet verder dan de ketting, drie meter achter mij. Die houdt iedereen op afstand.”

Eric Juffermans (51), eigenaar van restaurant De Engel, Lisse

„Ik heb een redelijk positief gevoel overgehouden aan de persconferentie en zie de nieuwe maatregelen als een veelbelovend begin. Ik ben vooral blij dat ons restaurant binnenkort weer open mag. Weliswaar passen daar normaal 150 tot 200 mensen in, en mogen er straks veel minder naar binnen, maar toch… Ook ben ik blij dat de terrassen weer open mogen.

„Ik blijf wel achter met veel vragen. Geldt dat maximum van dertig personen in een restaurant voor een bepaalde oppervlakte? Dertig personen kunnen voor de ene horeca-eigenaar meer dan genoeg zijn, voor de ander bijna niks. Ook ben ik benieuwd hoe het nieuwe financiële steunpakket eruit gaat zien. Wij hebben ook onder de nieuwe maatregelen zeker nog financiële ondersteuning nodig om het te redden. Door de coronacrisis zijn we als het ware twee jaar terug in de tijd geworpen. Alle potjes, zoals die voor ons pensioen, zijn leeg. De teller staat weer op nul.”

Gasten dineren in een glazen kooi. De restaurantsector bereidt zich voor op het bedienen op anderhalve meter afstand. Foto Eva Plevier/ Reuters