Interview

Jac van Steen: ‘Mensen geven elkaar nu zoveel warmte’

Hoe gaat het met? Veel kunstenaars zijn hun podium kwijt. Wat doen ze nu? Dirigent Jac van Steen rijdt IJslandse paarden en denkt na over nieuwe, coronaproof concertformules.

„Ik was in Praag om Mahlers Zesde symfonie te dirigeren toen we acuut moesten stoppen. Sindsdien ben ik thuis in Brabant en vul mijn tijd met nadenken, mijn IJslandse paarden verzorgen en veel lesgeven. Ik coach onder meer vier dirigenten van rond de 17 jaar, voor wie ik nu meer aandacht heb dan ooit. Blij als een kind in een speelgoedwinkel zie ik ze via Zoom in hun kamertjes voor het eerst Bruckner dirigeren. Ontroerend.

„De eerste dagen was ik in shock. Daarna ging ik oplossingen bedenken. Je móét wel; als we het klassieke concert niet omvormen, zijn grote orkesten de komende tijd kansloos. Dus ik vat dit maar op als een kans voor vernieuwing.

„Concerten met musici op veilige afstand vereisen kleiner bezette werken. Die zoek ik nu op. Ook groot romantisch repertoire in goede bewerkingen. Ik ben dol op Haydn, maar een heel seizoen met kleine klassieke symfonieën lijkt me niet de weg.

„Ik werk veel in het Verenigd Koninkrijk, waar mijn optredens tot zeker 1 januari 2021 zijn stopgezet. Voor freelancers aldaar is het gruwelijk, zij beginnen op zijn vroegst in december weer. En in Londen zien orkesten ook niks in compactere formats, uit angst dat de subsidiegever of sponsor dan later zegt: aha, het kan met dertig musici dus óók!

„Wat ik hoop, is dat in november de uitvoering van Peter Benoits zelden uitgevoerde oratorium De Oorlog kan doorgaan. Maar dat vraagt wel driehonderd musici op het podium. Corona moet dan dus wel écht onttroond zijn, en daar heb ik op die termijn ernstige twijfels over. Maar niet alles is ellende. Mensen geven elkaar nu zoveel warmte, tonen zoveel betrokkenheid. Dat heb ik in lange tijd niet zo ervaren.”

In deze videoboodschap laat Jac van Steen zien hoe hij nu aan zijn dirigeerstokjes komt.