Drie grote wielerrondes én de klassiekers – allemaal in honderd dagen

Nieuwe kalender De UCI maakte deze week een nieuwe wielerkalender bekend. Het wordt proppen, na de zomer.

Het Critérium du Dauphiné wordt dit jaar, als de koers mag doorgaan, gereden tussen 12 en 16 augustus.
Het Critérium du Dauphiné wordt dit jaar, als de koers mag doorgaan, gereden tussen 12 en 16 augustus. Foto Tim de Waele/ Getty Images

Voor wat het waard is in een wereld waarin plannen en vooruitkijken onzinnigheden zijn geworden, kwam de internationale wielerbond UCI dinsdag met een herziene kalender, waarin een wegseizoen van zeven maanden in honderd dagen is gevat, beginnend op 1 augustus in door Covid-19 gekneveld Toscane, en op 20 november eindigend in Madrid, als de bladeren zijn gevallen. De sport heeft weer een leidraad, en dat zal voor velen als een opluchting voelen. Voor een prof niets erger dan doelloos in de rondte rijden.

De kalender gaat over wedstrijden van het hoogste niveau. Daarvan blijft het merendeel intact, te beginnen met de eendagskoers Strade Bianche. Een week later als altijd het eerste monument van het jaar, Milaan-Sanremo, bijna driehonderd kilometer lang. Het lastige aan dit gebroken jaar is dat renners zich niet met wedstrijden kunnen voorbereiden op hun eerste koersen – immers, er mag tot 1 augustus nergens ter wereld geracet worden – dus die eerste kilometers zullen wennen zijn. Nog belangrijker voor de rondes die dan volgen: zonder stage gaan Europese klassementsrenners het bij voorbaat afleggen tegen jongens die op hoogte wonen, onder hen veel Colombianen. De vraag is of zij in juli en augustus mogen reizen en een hoogtestage kunnen beleggen.

Tour de France

De Dauphiné, de eerste etappewedstrijd van deze maffe jaargang, begint op 12 augustus en is ingekort tot vijf dagen, met behoud van het zware blok in de Alpen. Meer dan ooit zal de koers waarin Chris Froome vorig jaar bijna doodsloeg tegen een rotswand als generale repetitie gelden voor de Tour de France, die twee weken later (op 29 augustus) begint in Nice, en duurt tot 20 september. Renners die aan de Tour willen meedoen, kunnen door de herziene kalender niet starten in de meerdaagse wedstrijd Tirreno-Adriatico (7 tot 14 september). Ze kunnen ook een streep zetten door hun ambities op het WK tijdrijden, want de finish op de Champs-Elysées valt op dezelfde dag als de tijdrit in Aigle, Zwitserland. Voor de loodzware wegwedstrijd op het WK krijgen ze een week hersteltijd.

De echte moeilijkheid van de kalender zat ’m in oktober, voor de UCI de grootste puzzel, zei voorzitter David Lappartient. Omdat er een grote ronde, de Giro, én vier monumenten in zijn gepropt, plus nog tien dagen van die andere grote ronde, de Vuelta, en andere klassiekers. Renners die van 3 tot 25 oktober de Giro gaan rijden kunnen Luik-Bastenaken-Luik (4 oktober), de Amstel Goldrace (10 oktober), Gent-Wevelgem (11 oktober), Dwars door Vlaanderen (14 oktober), de Ronde van Vlaanderen (18 oktober) en Parijs-Roubaix (25 oktober) vergeten, of ze moeten vroegtijdig afstappen. De Ronde van Lombardije kunnen ze op 31 oktober wel doen, tenzij ze aan de Vuelta willen meedoen, die niet langer in Utrecht begint maar op 20 oktober in het Baskenland, en duurt tot 8 november, drie dagen korter dan normaal. Tegen die tijd kan het in Noord-Spanje onder invloed van de Golf van Biskaje beestenweer zijn.

Lees ook: De Tour laat het wielrennen nog niet stilvallen

Op papier lijkt het gekkenwerk, maar tot veel keuzestress hoeft de nieuwe kalender niet te leiden. In een normaal seizoen hebben de klassiekerspecialisten hun kruit in maart en april verschoten, en laten ze de Giro in mei ook al schieten. Ze zouden nu de Tour kunnen gebruiken om op etappenjacht te gaan of stevig te knechten voor hun kopmannen, als ware het een veredeld trainingskamp, om dan hun topvorm door te trekken tot het begin van het klassiekerseizoen in oktober. Als ze Roubaix en Lombardije willen rijden, moeten ze de Vuelta schrappen. Zo vol zit het. Tussen de Tour en de Vuelta zit een maand. Knappe jongen die top is in beide.

Wat was het dus mooi geweest als de grote rondes dit jaar met een week waren ingekort, om te zien wat er gebeurt, betoogt de Belgische wielercommentator Michel Wuyts. De roep om kortere rondes en minder wandeletappes klinkt al langer.

„Drie weken is lang in moderne tijden”, zegt Wuyts. „Ik voer al vijftien jaar een pleidooi om rondes twee weken te laten duren. Het zou de actie in de koers vergroten, je kan eens stoppen met die vlakke ritten waar alleen diehards nog naar kijken. Het had bovendien ruimte gemaakt op de kalender. Maar men heeft er geen oren naar, wielrennen is na sumoworstelen de meest conservatieve sport ter wereld.”

Zorgen om jongeren

Meer zorgen maakt hij zich om de groep renners voor wie nog niets lijkt geregeld, de jongste categorieën, de nieuwelingen, junioren, beloften. Die vallen onder auspiciën van de nationale wielerfederaties en rijden vooralsnog alleen een WK. Achter de schermen is de UCI ook druk bezig met een kalender voor die groep renners, zegt Yoeri IJnsen van wielerflits.nl.

Drie grote rondes en de klassiekers in een paar maanden

En de vrouwen dan, die bij de eerste geruchten over een nieuwe wielerkalender werden genegeerd, zo leek het tenminste? Nou, voor hen is er voorlopig niets dan goed nieuws. Ook zij beginnen op 1 augustus met de Strade Bianche, rijden La Course in Nice op 29 augustus, behouden de Giro Donne (11 tot 19 september), en hebben er in de klassiekermaand oktober een pracht van een wedstrijd bij. Op 25 oktober rijden ze voor het eerst in de geschiedenis Parijs-Roubaix, is het idee.

Anna van der Breggen, olympisch kampioen, is blij dat ze nu een leidraad heeft waarmee ze kan gaan plannen, maar ze vraagt zich wel af hoe wedstrijden in de buitenlucht er vanaf augustus uit gaan zien. „Kan ik in een peloton rijden met zwetende meiden? Alles hangt af van de ontwikkeling rond het virus. We willen allemaal heel graag, maar het kan alleen als die anderhalve meter afstand niet meer nodig is.”