Analyse

Brexit-onderhandelaars ruziën opnieuw over Noord-Ierland

Afronding Brexit Voor 1 juli moet blijken of er dit jaar nog een deal komt of dat de onderhandelingen over de toekomstige relatie worden verlengd. De gesprekken verlopen bijzonder stroef. „Een nieuw crisismoment dreigt.”

Brexiteers in Londen op 31 januari dit jaar, de dag dat het VK officieel de EU verliet.
Brexiteers in Londen op 31 januari dit jaar, de dag dat het VK officieel de EU verliet. Foto Henry Nicholls/Reuters

Er zijn van die slepende kwesties die maar niet uit te roeien zijn, ongeacht hoeveel mankracht en politieke topbijeenkomsten je er tegenaan gooit. De afronding van de Brexit is zo’n geval.

De Ierse vicepremier Simon Coveney slaat alarm. Hij is bezorgd dat de EU en het Verenigd Koninkrijk afstevenen „op een nieuw crisismoment” in de Brexit-saga. De tijd dringt en „er is geen goede voortgang in de laatste onderhandelingsronden”, aldus Coveney.

De coronacrisis vertraagde de onderhandelingen over een nieuw akkoord dat handel in goederen en diensten, uitwisseling en bescherming van data, politiesamenwerking, visserij en veel meer dient te dekken. Het was de bedoeling de complexe gesprekken op te knippen in spurts van weken. Volgens de aanvankelijke planning had de vijfde ronde gesprekken er op moeten zitten. Maar door de coronabesmettingen van Michel Barnier, hoofdonderhandelaar namens de Europese Commissie, en van Britse sleutelfiguren, zoals onderhandelaar David Frost, premier Boris Johnson en zijn rechterhand Dominic Cummings, begint de derde ronde gesprekken pas volgende week, vanaf 11 mei, wederom via beeldbellen.

Inhoudelijk draaien de onderhandelingen om evergreens. De twee kanten ruziën over de rol van het EU-Hof als arbiter van een samenwerkingsakkoord. Er is conflict over de wijze waarop de Britten beloven gelijk op te trekken met Europese milieuregels, sociale normen en regels voor staatssteun, het zogenoemde gelijke speelveld. De EU wil niet dat het VK een gedereguleerde economie wordt pal naast de Europese voordeur. De Britten willen maximale vrijheid.

Er is strijd op zee. Visserij is voor zowel de EU als het VK economisch van gering belang, maar politiek gevoelig. De EU wil met de Britten afspraken over quota maken die voor langere tijd geldig zijn. De Britten willen behandeld worden als Noorwegen, dat ieder jaar opnieuw met de EU onderhandelt. De Britten willen ook niet dat de huidige verdeling van de quota als uitgangspunt gelden, maar dat de omvang van de Exclusieve Economische Zone op de Noordzee wordt meegewogen. Gezien de uitgestrekte Britse kust zou dat meer rechten voor Britse vissers opleveren.

Brexiteers hopen dat de coronacrisis in hun voordeel uitpakt, dat de EU door onenigheid over gebrekkige solidariteit geen gesloten front meer weet te vormen

Brexiteers hopen dat de coronacrisis in hun voordeel uitpakt, dat geruzie over de aanpak van de economische gevolgen van de pandemie en ophef over gebrek aan solidariteit ervoor zorgen dat de overgebleven 27 EU-lidstaten geen gesloten front meer vormen in de tweede fase van de Brexit-onderhandelingen. In the Daily Telegraph, invloedrijk in het denken van de brexiteers bij de Conservatieven, schrijft journalist Ambrose Evans-Pritchard dat corona laat zien dat de Europese heiligverklaring van het gelijkheidsprincipe van de interne markt in de praktijk weinig voorstelt. „Het riedeltje over het gelijke speelveld is een zieke grap geworden”, schrijft Evans-Pritchard. Het rijke noorden van Europa komt snel in actie, leent met puike creditratings tegen lage tarieven op de obligatiemarkt en verstrekt staatssteun aan bedrijven en werknemers, terwijl de zuidelijke EU-lidstaten economisch ten onder gaan, aldus de eurosceptische journalist. „Om de woorden van Thucydides te lenen: de sterken doen wat zij kunnen en de zwakken lijden wat zij moeten.”

Michel Barnier liet op Twitter weten dat van paniek geen sprake is. „De EU blijft kalm en verenigd”, meldde hij. Juist in tijden van existentiële twijfel over de toekomst van de EU kunnen EU-leiders ervoor kiezen de basisbeginselen van integratie, zoals de integriteit van de interne markt, fel te verdedigen tegen ondermijnende manoeuvres van buitenstaanders, wat de Britten sinds de Brexit zijn.

Weer bonje over de Ierse grens

Niet alleen de onderhandelingen over toekomstige afspraken, ook de uitwerking van gemaakte deals wekt irritatie. In de herfst van vorig jaar forceerde Johnson een doorbraak door te beloven dat de Britse provincie Noord-Ierland onderdeel zou blijven van zowel de Britse als de Europese douane-unie en relevante Europese handelsregels zou volgen. Dit betekent dat er een handelsgrens verrijst in de Ierse Zee, tussen Noord-Ierland en de rest van het VK. De EU en de Britten spraken af in een gezamenlijk comité toe te zien op de nadere uitwerking van deze complexe oplossing. Binnen dat comité is ruzie uitgebroken tussen de Britse minister Michael Gove en Eurocommissaris Maros Sefcovic, die de gesprekken leiden.

Sefcovic en de Commissie vinden dat zij, op basis van de afspraken recht hebben op een kantoor in Belfast, zodat de EU dagelijks kan toezien dat de afspraken nagekomen worden. Gove en de Britse regering weigeren dat toe te staan. De Europese instellingen hebben een diplomatieke delegatie in Londen, gehuisvest aan 32 Smith Square, het voormalige partijbureau van de Tories, en dat is voldoende vertegenwoordiging, aldus de Britten. Zij wijzen erop dat volgens de afspraken de EU het recht heeft toe te zien dat de deal van vorig jaar wordt nageleefd en dat kan ook, na de lockdown, via bliksembezoeken. Achter deze ruzie gaat een meningsverschil schuil. De Commissie vindt dat de EU een fundamentele rol heeft in Noord-Ierland als vredestichter, als financier van projecten die stabiliteit bevorderen. Londen ziet Noord-Ierse vrede als een bilaterale kwestie tussen Ierland en het VK.

Lees ook: Noord-Ierse Larne voelt zich verraden door Boris Johnson

Tevens is er twijfel of de Britse regering van plan is de toegezegde controles uit te voeren op de handel tussen de rest van het VK en Noord-Ierland. Premier Johnson wekt de indruk dat er geen grens zal verrijzen die het VK opdeelt. Formeel staan de gesprekken tussen Gove en Sefcovic los van de onderhandelingen over de toekomst. Eerst scheiden en pas daarna weer samenwerking, was altijd het Europese devies. Als de Commissie en de Ierse regering het idee krijgen dat de Britten terugkrabbelen, is de kans groot dat de gesprekken over de toekomst klappen.

No Deal of uitgeklede deal?

Voor 1 juli moeten de EU en het VK besluiten of ze de gesprekken dit jaar willen afhandelen of dat ze de transitiefase willen uitsmeren tot maximaal twee jaar na eind 2020. Na die datum alsnog verlengen is niet mogelijk. Betrokkenen aan beide kanten denken dat een uitgeklede deal over de belangrijkste onderwerpen, voor het eind van het jaar mogelijk is, met het risico dat de gesprekken vastlopen en een nieuwe vorm van No Deal opdoemt.

In Londen wordt inmiddels geopperd de ambities bij te stellen. Gove zei deze week dat de Britten wellicht hun „vraag moeten bijstellen”. Wellicht is het volgens hem mogelijk wel een akkoord te sluiten, maar te aanvaarden dat tariefvrije markttoegang te hoog gegrepen is, zonder aan de eisen voor het gelijke speelveld te voldoen.

Er zijn theorieën dat Johnson daar op een No Deal aanstuurt en dat de coronarecessie de perfecte dekmantel biedt om economische schade van een harde Brexit te verdoezelen, als een druppel in de oceaan. Toch is het twijfelachtig of die aanpak realistisch is. Oppositiepartij Labour wordt inmiddels geleid door dossiervreter en Brexit-expert Keir Starmer. Hij zal de kans niet onbenut laten de Conservatieven af te schilderen als roekeloze partij die de economische belangen verkwanselt. Als de werkloosheid oploopt tot 10 of 15 procent, zal Johnson er alles aan moeten doen om iedere arbeidsplaats te redden. En hoe minder makkelijk Britse bedrijven toegang hebben tot de interne markt hoe groter de economische schade.

Vooralsnog wijst Johnson de mogelijkheid van de hand de gesprekken te verlengen. Tegelijkertijd wijzen opiniepeilingen uit dat een ruime meerderheid van Britten een verlenging van de transitiefase logisch vindt.

In zijn corona-aanpak heeft Johnson al getoond dat pragmatisme het in crisistijd bij hem wint van ideologie, liever een lockdown invoeren dan met zijn liberale principes verantwoordelijkheid te moeten nemen voor mogelijk een kwart miljoen doden. Als het politiek opportuun is en het zijn imago als serieuze bestuurder goed doet, kan hij voorstander worden van meer tijd om de Brexit af te handelen.