Hij had zijn woning in bewaring gegeven

Deze rubriek belicht elke week kwesties uit het bedrijfsleven waarover de rechter zich onlangs uitsprak. Ditmaal fiscaal recht.

Foto Getty

Hij werkt voor Defensie en wordt voor minimaal drie jaar uitgezonden naar de Verenigde Staten. Maar wat dan te doen met het eigen huis? De man en zijn vrouw kiezen ervoor om een koppel hun woning te laten „bewaren door middel van bewoning”. Ze stellen een bewaringsovereenkomst op, waarin onder meer staat dat het stel enkel voor het verbruik betaalt en dat het direct uit de woning gaat als de eigenaren terugkomen. Het echtpaar vertrekt naar de VS.

Over de belastingaangifte over 2015 krijgt het echtpaar het aan de stok met de fiscus omdat het de hypotheekrente voor de eigen Nederlandse woning aftrekt. Onterecht vindt de Belastingdienst: de Nederlandse woning is geen eigen woning meer nu er anderen in wonen.

Onlangs diende het hoger beroep, nadat het bezwaar op de aanslag ongegrond was verklaard door de rechtbank. Voor het hof in Den Bosch betoogt de man dat sprake is van kraakwacht: zo wordt er geen huur geheven en de tijdelijke bewoners genieten geen huurbescherming zoals in het bewaringscontract is overeengekomen. De fiscus ziet het anders: er was geen noodzaak tot kraakwacht, de tijdelijke bewoners hadden een substantieel inkomen, waren geen studenten meer, maar bekenden van het echtpaar. Bovendien: nergens in de afspraken staat kraakwacht genoemd, er gold een opzegtermijn en een zeer groot deel van de woning kon worden gebruikt – allemaal niet passend bij kraakwacht.

Het hof denkt daar anders over. „Het hof ziet niet in waarom slechts studenten, onbekenden en mensen met een bescheiden inkomen als kraakwacht kunnen dienen.” Bovendien, dat de tijdelijke bewoners een groot deel van het huis konden bewonen „staat een kraakwachtsituatie niet in de weg”. En dat nergens kraakwacht genoemd staat, is ook niet relevant: de overeenkomst rept heel duidelijk over bewaring. De woning is een eigen woning en de hypotheekrente mag worden afgetrokken.