Geen volledige dag naar school, maar elke dag een halve

Onderwijs Sommige scholen geven vanaf 11 mei alleen halve dagen les. Tegen de wens van het kabinet in.

Leerlingen van basisschool ’t Talent in Schijndel komen aan op het schoolplein.
Leerlingen van basisschool ’t Talent in Schijndel komen aan op het schoolplein. Foto Rob Engelaar/ANP

Voor sommige ouders was de brief van school met het rooster voor na de meivakantie een teleurstelling. Halve dagen school? Hoe combineer je dat met thuiswerken, zeker als voor broertjes en zusjes weer andere roosters gelden? Of: drie dagen per week naar het speciaal onderwijs, terwijl die scholen toch weer helemaal open zouden gaan?

De meeste basisscholen hebben hun roosters bedacht in de paar dagen tussen de persconferentie van dinsdag 21 april – waarin premier Mark Rutte (VVD) bekendmaakte dat ze vanaf 11 mei weer voor de helft opengaan – en de meivakantie. Tijdens die persconferentie zei Rutte dat scholen de 50 procent onderwijstijd naar eigen inzicht mogen invullen.

Maar onderwijsorganisaties en de ministeries van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, en die van Sociale Zaken en Werkgelegenheid kwamen een dag later met een protocol waarin ze hele dagen adviseerden. Dan zijn er minder ‘verplaatsmomenten’ van leerlingen en ouders – twee in plaats van vier – en de aansluiting op de buitenschoolse opvang is beter.

Minister Arie Slob (Basis- en Voortgezet Onderwijs, ChristenUnie) heeft zijn voorkeur vaak herhaald. Na de ministerraad vrijdag riep hij ouders zelfs op naar de medezeggenschapsraad te stappen als hun school blijft vasthouden aan de halve dagen.

Lees ook: 'Het is ontzettend belangrijk dat ouders zeggen: kom op, we gaan aan de slag’

Toch zijn er basisscholen die voor halve dagen kiezen. Volgens een tussenstand van een peiling die de Algemene Vereniging Schoolleiders en de PO-Raad (de koepelorganisatie voor basisschoolbesturen) maandag naar buiten brachten, gaat het om 14 procent van de scholen; de rest gaat voor hele dagen, met halve of hele klassen.

Arnold van Ooijen is schoolleider van twee basisscholen in het Noord-Brabantse Dussen en Nieuwendijk en bovenschools directeur van drie scholen in de Alblasserwaard. Op een na gaan ze volgende week halve dagen open. De voornaamste reden is de onderwijskwaliteit, legt hij uit.

Instructiemomenten

„Nu de kinderen weer naar school mogen, willen we die tijd gebruiken voor zoveel mogelijk instructiemomenten. Je vraagt veel van leerlingen als je ze daar de hele dag mee volstopt. Halve dagen vinden we dan beter: kleine blokken uitleg op school en thuis verwerkingsopdrachten.”

Behalve voor leerlingen is dat ook voor docenten prettiger, vindt hij. „Die hoeven dan niet voor een hele dag thuiswerkopdrachten te regelen.” Dat het voor ouders en opvang onhandiger is, vindt hij van ondergeschikt belang. „Ik heb tegen de mr gezegd: als de bso-organisatie en ouders het niet kunnen organiseren, regelen we eventueel opvang op school. Maar onze prioriteit ligt bij onderwijs.”

Van Ooijen is niet te spreken over de communicatie van minister Slob. „Ik ben een CU-man, dus ik zeg het niet graag, maar ik kan hem niet steunen in hoe hij dit heeft aangepakt.” Toen bij de persconferentie werd gezegd dat de regie bij scholen ligt, is Van Ooijen direct gaan puzzelen: woensdagochtend de teams bij elkaar, donderdag de mr. „En dan spreekt Slob opeens zijn voorkeur uit voor hele dagen. Dat heeft mij best wel gestoken. Als je vrijheid krijgt, moet je daarna niet in een keurslijf worden geduwd. Dat maakt het onduidelijk.”

Veel ouders zijn tevreden over het rooster, denkt hij. „Ik heb met drie ouders mailverkeer gehad, ze wilden de onderbouwing weten.” Klassen zijn op alfabet opgedeeld. „Maar we zorgen dat broertjes en zusjes tegelijk naar school gaan.”

Het speciaal onderwijs in de basisschoolleeftijd moet volgende week weer helemaal open: dat is een verplichting, geen advies. Toch zijn er scholen die hier nog niet voor kiezen en „trapsgewijs” opengaan, om kinderen te laten wennen. „We hebben ze op het hart gedrukt om dat niet al te lang te laten duren”, zegt Wim Ludeke, voorzitter van het Landelijk Expertise Centrum Speciaal Onderwijs. Een paar dagen wennen is volgens hem het maximum.

De scholen van stichting Orion voor speciaal onderwijs in Amsterdam gaan deels open, er is wel vijf dagen noodopvang. Bestuurder Annette van der Poel is daar blij mee. „We hebben gekeken wat mogelijk is met het beschikbare personeel voor de leerlingen die willen komen”, zegt ze.

Sommige ouders willen vanwege het coronavirus liever niet dat hun kind naar school gaat, bijvoorbeeld door een chronische ziekte. Daarnaast zit een flink deel van het personeel in de risicogroep. Zij hoeven niet naar school te komen, heeft premier Rutte gezegd. Van der Poel: „De komende weken blijkt of ik voor hen invallers moet regelen.” 

Uit onderzoek van DUO Onderwijsonderzoek & Advies bleek maandag dat ruim een derde van de basisschoolleraren het onverantwoord vindt dat de scholen weer opengaan. 65 procent is bang om zelf besmet te raken en 53 procent om leerlingen te besmetten, ook al zijn er volgens het RIVM relatief weinig kinderen met Covid-19.

Brussee Lindeboom Advocaten stellen op hun website dat bezorgde leraren die niet in de risicogroep zitten, door hun bestuur verplicht kunnen worden naar school te komen. Premier Rutte heeft gezegd dat zij met de school in gesprek moeten gaan.