Frauderen? ‘In tijden van crisis nog verwerpelijker’

Steunmaatregelen Het kabinet keert veel en snel steungeld uit. Dat werkt fraude in de hand. „Voor zorgvuldigheid was nu eenmaal minder ruimte.”

V.l.n.r.: tolk gebarentaal Irma Sluis en ministers Wouter Koolmees (Sociale Zaken en Werkgelegenheid), Wopke Hoekstra (Financiën) en Eric Wiebes (Economische Zaken) bij de persconferentie over steun voor bedrijven in coronacrisis.
V.l.n.r.: tolk gebarentaal Irma Sluis en ministers Wouter Koolmees (Sociale Zaken en Werkgelegenheid), Wopke Hoekstra (Financiën) en Eric Wiebes (Economische Zaken) bij de persconferentie over steun voor bedrijven in coronacrisis. Foto’s PHIL NIJHUIS/ANP

Liever meteen steun toekennen, dan te laat, besloot het kabinet halverwege maart. En dus wordt tijdens de coronacrisis véél en snél geld uitgekeerd.

Meer dan 114.000 aanvragen voor de Noodmaatregel Overbrugging Werkgelegenheid (NOW) ontving uitkeringsinstantie UWV tot nu toe, 1,9 miljard euro keerde ze al aan voorschotten uit. Zo’n 350.000 zelfstandig ondernemers vroegen inmiddels steun aan, voor hen is in totaal 3,8 miljard euro beschikbaar.

Voorschotten worden alvast uitgedeeld, definitieve subsidies pas later vastgesteld. Maar zo’n afrekening achteraf is niet zonder risico op misbruik. Bovendien betekent die haast dat er minder tijd was om onvolkomenheden uit de regelingen te vissen. En ook daarmee loopt het aantal aanvragers dat fraudeert, gemakkelijk op. „Voor zorgvuldigheid was nu eenmaal minder ruimte dan in een normaal, langdurig wetgevingsproces”, zegt Marcel Pheijffer, hoogleraar accountancy aan Nyenrode Business Universiteit.

Bij de presentatie van de steunpakketten deed minister Koolmees (Sociale Zaken en Werkgelegenheid, D66) daarom al een moreel appèl op zelfstandig ondernemers en bedrijven: maak géén gebruik van steunmaatregelen zoals de tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) en de NOW-regeling, wanneer je het geld niet werkelijk nodig hebt. Want met de keuze voor snelle subsidieregelingen, weet natuurlijk ook het kabinet: er zal onherroepelijk misbruik van worden gemaakt.

Niet netjes

Nu bestaat er wel een grijs gebied tussen fraude en misbruik. Bij een steunaanvraag voor zelfstandig ondernemers wordt nu bijvoorbeeld niet gecontroleerd op vermogen en partnerinkomsten. Je kúnt dus een riant leven leiden, en zonder inkomsten toch aanspraak maken op steun op bijstandsniveau. Dat is misschien misbruik, en het is zeker niet netjes. Maar het mag wel – en dat is dus geen fraude.

Zelf je omzetdaling rapporteren geeft ruimte voor creativiteit

De NOW-regeling biedt ook enige interpretatieruimte, al neigt sjoemelen daarbinnen al wél snel naar boekhoudfraude. Om in aanmerking te komen voor doorbetaling van loonkosten, moeten bedrijven hun omzetdaling over een periode van drie maanden opgeven. De hoogte van de tegemoetkoming is afhankelijk van het omzetverlies.

Loonkosten kan het UWV controleren aan de hand van een eigen administratie, bovendien kunnen er ook gegevens worden opgevraagd bij de Belastingdienst. Maar voor het percentage waarmee de omzet is gedaald, is het UWV afhankelijker van de gegevens van bedrijven. En dat geeft iets meer ruimte voor creativiteit.

Bedrijven zouden hun facturen over deze drie maanden nu bijvoorbeeld buiten die periode kunnen versturen, om zo hun inkomsten uit te stellen en de omzet kunstmatig laag te houden. Zo maken zij aanspraak op méér loonkostensubsidie. „Als bedrijven nu, in hun huidige boekhouding, anders handelen dan zij in voorgaande jaren deden, puur en alleen om steun binnen te halen – dan is dat inderdaad frauduleus te noemen”, zegt hoogleraar Pheijffer.

Lees ook: Vooral jongeren met flexcontract melden zich voor bijstand

Terugvorderen

Of de teruggang in inkomsten die bedrijven en zelfstandig ondernemers opgeven wel klopt, controleren gemeenten (Tozo) en UWV (NOW) achteraf. Onterecht uitgekeerd geld kunnen zij dan terugvorderen, en van daadwerkelijke fraude – een strafbaar feit – kunnen zij aangifte doen.

Voor deze fraudemeldingen zijn de Inspectie SZW en de fiscale opsporingsdienst FIOD inmiddels ook ingeschakeld. Ziet het UWV of een gemeente iets geks, dan kan bijvoorbeeld de Inspectie SZW onder gezag van het Openbaar Ministerie een opsporingsonderzoek instellen.

„Al vanaf het moment dat het geld op rekeningen wordt gestort, kun je opvallende dingen gaan zien”, zegt Hennie Verbeek-Kusters, hoofd van de Financial Intelligence Unit (FIU), het overheidsmeldpunt voor ongebruikelijke financiële transacties.

Haar organisatie zat onlangs met het OM, de FIOD en de Inspectie SZW om de tafel, om na te denken over bekende vormen van fraude, die je ook nu kunt verwachten. „Een voorschot is betaald, en wordt direct daarna in zijn geheel contant opgenomen”, zegt Verbeek-Kusters bijvoorbeeld. „Dat is een fraudeconstructie die we al vaker zijn tegengekomen in de zorg. Zorgbudgetten blijken dan aan zaken te worden besteed die heel weinig met zorgverlening te maken hebben.”

Of er wordt loonkostensubsidie op een rekening gestort waarvandaan nooit eerder loon aan werknemers is uitbetaald, vervolgt Verbeek-Kusters. „Ook dat hebben we eerder gezien in gevallen van arbeidsuitbuiting. Van zo’n rekening worden dan wel loonsommen uitbetaald, maar in plaats van het te storten op rekeningen van werknemers, sluizen fraudeurs het geld meteen door naar een partner van het eigen bedrijf.”

Vanuit de FIU onderzoeken drie analisten dagelijks dit soort fraudeconstructies bij de huidige steunmaatregelen. Accountants en bijvoorbeeld ook banken hebben een meldplicht; zij moeten ongebruikelijke transacties altijd bij de FIU rapporteren. De dienst onderzoekt die meldingen en brengt ze weer onder de aandacht van opsporingsinstanties als de FIOD.

De FIU heeft tot nog toe geen concrete gevallen van fraude kunnen halen uit meldingen die het kreeg over de steunmaatregelen. Wel gebeurde dat vorige maand met een partij mondkapjes. „We werden daarover door een bank gebeld”, zegt Verbeek-Kusters. „Een ziekenhuis had voor tientallen miljoenen aan mondkapjes besteld. Maar aan de betaling die de bank moest uitvoeren, klopte volgens hen iets niet. Uiteindelijk bleek de partij mondkapjes niet te bestaan.”

Economie stimuleren

Was iets minder snelheid en iets méér zorgvuldigheid met die steunregelingen wenselijk geweest? Hoogleraar accountancy Marcel Pheijffer vindt van niet. Natuurlijk, het risico op fraude is aanzienlijk hoger dan normaal, zegt hij.

„Daar kun je nu verontwaardigd over doen, maar het aantal bedrijven dat níét omvalt omdat ze zo snel geholpen zijn, is ook wat waard. Het is een afweging die je als overheid maakt. En wat mij betreft rechtvaardigt de huidige situatie het stimuleren van de economie met een verhoogd risico op fraude.”

Al moet je die fraude volgens hem ook weer niet wegpoetsen of simpelweg incalculeren. „Zo’n apart opsporingsteam is goed. Want frauderen is in tijden van crisis nog veel verwerpelijker dan het al was.”