Nederlanders zijn weer vaker op pad, maar meer te voet dan met de auto

Mobiliteit Vooral inwoners van steden en 65-plussers trekken er weer meer op uit, blijkt uit mobiliteitsdata van het Nederlands Verplaatsingspanel. Is de ‘intelligente lockdown’ aan het versloffen?

In de rij voor bouwmarkt en tuincentrum op bedrijventerrein Sloterdijk in Amsterdam op Koningsdag 2020.
In de rij voor bouwmarkt en tuincentrum op bedrijventerrein Sloterdijk in Amsterdam op Koningsdag 2020. Foto Bram van de Biezen / ANP

Nederland heeft zich de afgelopen weken goed aan de ‘intelligente lockdown’ gehouden, maar het gevaar voor „verrommeling” ligt op de loer, waarschuwde minister-president Mark Rutte (VVD) woensdag tijdens een persconferentie. Dat wil volgens hem zeggen: we gaan weer meer naar buiten. Misschien zelfs te veel.

Dat het drukker wordt op straat is duidelijk. Dat ziet ook Sander van der Drift van mobiliteitsbureau DAT.Mobility terug in het Nederlandse Verplaatsingspanel (NVP), waar alle verplaatsingen van zo’n vijfduizend Nederlanders via een smartphone-app bijgehouden worden. „Je ziet in alle databronnen dat het sinds enkele weken weer wat drukker wordt.”

Zeker in de laatste drie weken stijgt het aantal, de afstand en de duur van verplaatsingen van Nederlanders, blijkt uit een analyse van de verplaatsingsdata uit het panel. Er zijn wel verschillen tussen bevolkingsgroepen. De ‘intelligente lockdown’ had niet op iedereen hetzelfde effect en dat geldt óók voor de verrommeling.

Historische veranderingen

De maatregelen hebben tot historische veranderingen geleid in verplaatsingspatronen, zegt Van der Drift. „Vijf van de afgelopen zes zondagen waren we meer aan het lopen dan dat we in de auto zaten. Dat is sinds de oliecrisis niet meer voorgekomen.” De spits is verdwenen en na een dag thuiswerken gaat de gemiddelde Nederlander ’s avonds even een blokje om.

Lees ook Optimisme burgers bezorgt politici kopzorgen

Verplaatsingen per auto stijgen recentelijk het sterkst, blijkt uit de paneldata, maar liggen in de regel tot de helft lager dan in de weken voor de maatregelen. Het gebruik van het openbaar vervoer neemt ook toe, maar blijft „gemarginaliseerd”, zegt Van der Drift.

Omdat het NVP ook de demografische kenmerken van de panelleden weet kunnen verplaatsingen uitgesplitst worden naar verschillende bevolkingsgroepen. Wat dan opvalt is dat mensen in sterk stedelijke gebieden in de laatste week – de geanalyseerde paneldata lopen tot en met 26 april – relatief meer afstand zijn gaan afleggen dan mensen in meer landelijke gebieden.

In de week van paasmaandag werd in de meest stedelijke gebieden per dag gemiddeld 16,3 kilometer gereisd door de panelleden. Een week later was dat gemiddeld 19,7 kilometer, een stijging van 21 procent. Die stijging wordt deels verklaard door tweede paasdag, toen veel mensen thuis bleven. Daardoor valt het aantal afgelegde kilometers die week gemiddeld lager uit. Als paasmaandag buiten beschouwing wordt gelaten, is er alsnog sprake van een stijging van 12 procent.

Inwoners van de minst stedelijke gebieden reisden voor de maatregelen al verder, maar ook zij vertoonden een stijging in de afgelopen weken: van 23,8 naar 26,2 kilometer, een toename van circa 10 procent. De stijging valt dus lager uit dan in stedelijke gebieden, maar is al wel twee weken langer gaande.

Splits je de verplaatsingen naar inkomen, dan zie je dat iedere groep minder is gaan reizen. Maar panelleden die minder dan modaal verdienen zijn relatief gezien het meest blijven reizen. In de derde week van april zaten zij op 63 procent van het niveau van begin maart. Mensen die twee keer modaal of meer verdienen, reizen ruim de helft minder (46 procent).

Mogelijk hebben mensen met lagere inkomens vaker werk dat niet thuis uitgevoerd kan worden. Mensen met een hoger inkomen leggen in absolute zin nog wel de grootste afstanden af, maar leveren relatief gezien de meeste kilometers in. De afgelegde afstand van mensen met een modaal inkomen steeg het sterkst: 20 procent meer in de derde week van april dan een week daarvoor.

Ander fietsgebruik

Ook alle leeftijdsgroepen gaan weer meer de straat op. Bij 65-plussers is de stijging relatief gezien het sterkst. Zij legden in de derde week van april 16 procent meer afstand af. In de week van 20 april ging het om gemiddeld 14,3 kilometer per dag.

De nieuwe situatie verschilt voor hen het minst van de oude. In absolute zin verplaatsten de 65-plussers zich ook al voor de crisis het minste, omdat zij minder deelnemen aan het woon-werkverkeer. 18- tot 35-jarigen legden in de derde week van april gemiddeld 26,4 kilometer af, een stijging van ongeveer 13 procent ten opzichte van een week eerder.

65-plussers stappen met name op de fiets, soms zelfs meer dan in de week voor de coronamaatregelen. Van der Drift: „Waarschijnlijk zijn zij met de fiets recreatieve ritjes gaan maken. Ook het goede weer speelt een rol.” De afstanden die ze afleggen zijn sterk gestegen. In de laatste week lagen die 80 procent hoger dan voor de crisis. Het fietsgebruik is ook in stedelijke gebieden veranderd, zegt Van der Drift. „Mensen in de stad fietsten voor de coronamaatregelen meer, ook omdat zij met hun fiets naar het openbaar vervoer, werk en onderwijs gaan. Nu is het omgedraaid: buiten de stad zijn ze meer gaan fietsen.”

Lees ook Toch maar naar de Ikea want, ja, wie gunt zich niet dat ene uitje?

Het woon-werkverkeer met elk vervoersmiddel stijgt de afgelopen weken weer iets en het gebruik van het openbaar vervoer krabbelt lichtjes op. Verplaatsingen naar winkels stijgen, zegt Van der Drift. „Vooral in de weekenden en afgelopen zaterdag zagen we een sterke toename.” Op zaterdag 25 april was het in winkels 36 procent drukker dan gemiddeld op een zaterdag sinds de lockdown.

Of de verminderde naleving van de lockdown doorwerkt op de verspreiding van het coronavirus, wordt pas later duidelijk. Dat is ook afhankelijk van andere afspraken zoals het houden van voldoende afstand en thuisblijven bij klachten. De gevolgen zijn mogelijk verstrekkend, waarschuwde Rutte woensdag al. „Dan zijn we als het ware als samenleving bezig die zwaarbevochten ruimte van de afgelopen weken weer in te nemen.”