Opinie

In Terminal 4 eindigt de Amerikaanse eeuw

Het perfecte lichaam Niet de Chinese of Russische eeuw komt eraan maar de Californische eeuw, schrijft . Het perfectioneren en schoonhouden van het lichaam zal onze raison d’être worden.
Een hal van John F. Kennedy Airport (JFK) in New York City op 16 april.
Een hal van John F. Kennedy Airport (JFK) in New York City op 16 april. Foto Spencer Platt/AFP

Terminal 4 van JFK lag er op zondagmiddag 19 april als een grafsteen bij. Ooit werden massa’s reizigers door deze terminal geperst als varkens door een slachthuis, al was de eindbestemming dan niet de dood maar Europa, Californië of Zuid-Amerika. Deze zondagmiddag vertrokken er nog maar vier vluchten, naar Detroit, Atlanta, Bangor (Maine) en Amsterdam. Het handjevol reizigers naar Amsterdam bestond merendeels uit Aziaten die onderweg waren naar Shanghai en zich in het kader van de totale bescherming hadden gehuld in een soort witte maanpakken inclusief capuchons die ze over hun gewone kleding hadden aangetrokken.

De massa is niet alleen een vorm van overlast, maar ook een geruststelling. In de massa kun je verdwijnen, aan de massa kun je je spulletjes kwijt. De massamens – een archaïsch en pejoratief begrip – is een ideaal. Van de economie (hoeveelheid verkochte producten (massa) maal winstmarge bepaalt de omvang van het succes), van de democratie (zonder massa geen verkiezingsoverwinning), van de kunst (bezoekersrecord voor museum x), bestsellerlijsten etcetera. In het diepst van de gedachten vind je nog een hoopje reflecties, wat angst, vier ons verlangen, twee soeplepels ambitie, dat noemen we individualiteit. Men kijkt op de massamens neer, juist vanwege het angstige vermoeden er stiekem toch zelf een te zijn.

Welk tijdperk werd onder deze grafsteen, die eens terminal 4 was, begraven? Een tijdelijke grafsteen uiteraard, binnen afzienbare tijd zullen er weer onuitputtelijke stromen reizigers door de terminal worden geperst.

Bewijs van rampspoed

„Het bewijs van de rampspoed bestaat uit overweldigende afwezigheid,” schreef Geoff Dyer in The New Yorker in een stuk over de invloed van het virus op het leven in Californië waar ondanks het sluiten van eerst de parkeerplaatsen naast de stranden en toen ook de stranden zelf, mensen doorgingen met het ‘perfectioneren van hun perfecte lichamen’.

Het woord ‘afwezigheid’ trof me. Geen gebombardeerde huizen, geen ruïnes zoals men die aantreft na aardbevingen, geen kraters waar eens twee torens hadden gestaan, niet de geur van kerosine aangevuld met iets wat vaag deed denken aan barbecue, zoals die na 9/11 nog dagenlang in Manhattan hing, wat nu bleef was leegte: lege straten, gesloten musea, tot opvangruimte voor daklozen verworden stations, verlaten restaurants. De mens had zich noodgedwongen teruggetrokken uit de openbare ruimte, waardoor de economie in slaapstand was gezet, en die ruimte, uitzonderingen daargelaten, het ontluisterende gezicht van de naakte doelmatigheid liet zien.

De god van de doelmatigheid was decennia gediend met een ijver die maar weinig gelovigen aan de dag leggen.

De god van de doelmatigheid was decennia gediend met een ijver die maar weinig gelovigen aan de dag leggen. Vliegvelden verteren passagiers, ziekenhuizen draaien bedden, musea verwerken bezoekers, winkels verslijten klanten, pleinen en straten behandelen passanten. De flaneur veinst de doelmatigheid achter zich te hebben gelaten.

Dyer had het over Los Angeles, het anti-New York, het centrum van de ideologie dat leven neerkomt op het reeds genoemde perfectioneren van betrekkelijk perfecte lichamen, waarbij onderscheid kan worden gemaakt tussen nuttige en minder nuttige lichamen, tussen lichamen die het perfectioneren waard zijn en de alleroudste lichamen die dat stadium gepasseerd zijn. Geen wonder dat de ideologie van de onsterfelijkheid, die dit keer niet via religie bereikt dient te worden maar via de sluiproute van de technologie, eveneens uit Californië komt. Het perfecte lichaam is pas waarlijk perfect als het ook eeuwig perfect kan blijven.

Onbesmet lichaam

Het virus heeft burgers over de hele wereld eens te meer gereduceerd tot lichamen, heeft als het ware het Californische gedachtegoed razendsnel verspreid, al ging het nu niet zozeer om het perfectioneren als wel om het in stand houden van het lichaam, om het besef potentieel besmettelijk te zijn, potentieel besmet te kunnen worden. Het lichaam diende onbesmet te blijven en was daarmee wederom ontmaskerd als obstakel – konden wij maar zonder lichamen bestaan – en toch bleek het lichaam het allerhoogste doel.

De obsessie met wc-papier die in veel landen in het Westen om zich heen greep, illustreerde slechts de obsessie met het lichamelijke, die we gewoon ook regressie zouden kunnen noemen. De perfectionering van het eigen lichaam begint en eindigt met de strijd tegen excrementen, zweet en andere lichaamssappen. Geen kwaad woord over hygiëne, maar even leek het alsof wij op de wereld waren om hygiënisch te zijn. Gezien de idealen uit het verleden een karig ideaal, een nederlaag eigenlijk.

Op 18 april jongstleden werd op de Rosa-Luxemburg-Platz in Berlijn voor de vierde keer een zogenoemde ‘Hygienedemo’ gehouden waarbij circa vijfhonderd mensen, voornamelijk bestaande uit aanhangers van samenzweringstheorieën uit beide zijden van het politieke spectrum en sympathisanten van de AfD, demonstreerden tegen de diverse ‘hygiënische maatregelen’.

De strijd tegen die maatregelen werd in Duitsland, Amerika en vermoedelijk ook elders voornamelijk gevoerd door mensen die de bestaande orde sowieso radicaal omver wensten te werpen, oftewel schuchtere en minder schuchtere aanhangers van het reëel bestaande fascisme en het reëel bestaande marxisme. Dat laat onverlet dat het woordje ‘biopolitiek’ nauwelijks recht doet aan de tot lichamen gereduceerde burgers, die de staat en zichzelf dienen door hygiënisch te zijn.

Lees hier de columns van Arnon Grunberg over het leven in New York City tijdens de coronacrisis terug

Kookluchtjes

De Californische roes, die met ongekende kracht over ons kwam, liet het anti-Los Angeles in een merkwaardige positie achter. Voornamelijk omdat New York altijd al de stad bij uitstek was waar men op, onder, naast, en ongeveer in elkaar leefde, waar het vrijwel ondoenlijk was de lichaamssappen van de ander te vermijden, de kookluchtjes van de buren niet te ruiken.

De stad waar zelfs de duurste appartementen geen tuin met zwembad hebben, hooguit trof men in het luxueuze appartementengebouw ergens een zwembad aan dat men met andere bewoners diende te delen. Als wij op deze wereld zijn om het ideaal van de hygiëne in praktijk te brengen, dan is New York een van de minst geschikte plekken daarvoor. Het had ons niet moeten verbazen dat juist die stad zo ongeveer het centrum van de pandemie zou worden. Al jaren geleden schreef The New York Times dat in sommige buurten de ratten het van de mensen hadden gewonnen en toen de afwezigheid van mensen het symbool werd van de rampspoed werden de ratten nog brutaler.

Noodgedwongen allicht, de soort die leeft van de afvalresten van mensen is niet gebaat bij het verdwijnen van die mensen.

En zij die konden, verdwenen razendsnel uit New York, naar hun tweede huisje, naar ouders met een riant huis elders in het land of in Europa, of ze huurden huizen upstate New York of op het puntje van Long Island, zoals een bevriende schrijver dat deed. De New Yorkers die achterbleven, waren de sloebers, de nieuwsgierigen, de ongelukkigen, die niet vanuit huis konden werken omdat ze conducteur, verpleegkundige of verkoper in een deli waren. Ook vluchten is als bekend een kwestie van sociale klasse, en sociale klasse is zeker in Amerika tevens een raciale aangelegenheid.

Lees ook: Wij offeren alles op voor een gevoel van veiligheid

De elite vertrekt

De leegte, die feitelijk de afwezigheid van de welgestelde klasse betekende, maakte het New York dat er altijd al was schrijnend zichtbaar. De slecht onderhouden straten, de nauwelijks beter onderhouden huizen met elektriciteitsdraden langs de muren die daar illegaal leken te zijn opgehangen en die de indruk wekten dat je niet op Manhattan was maar op de hoogvlakte van Bolivia, waar de verlichte staat zijn strikte regels nog niet doelmatig had weten af te dwingen.

En dan waren er de net opgeleverde luxueuze appartementengebouwen met opschriften als ‘appartementen vanaf 3,8 miljoen dollar’. Je wist dat voorlopig geen hond zelfs maar 2,5 miljoen dollar voor een dergelijk appartement zou betalen. De stad was razendsnel veranderd van het mekka voor gelukszoekers en andere reizigers in een getto voor minder gelukkige zielen, die ondanks verplicht gesteld mondkapje nauwelijks in staat waren het menselijk ideaal du mois na te leven.

New York was hét symbool van Amerika als immigratieland, niet alleen omdat decennialang emigranten uit Europa daar aankwamen maar ook omdat de stad zelf leek te hechten aan de mythe dat er voor alle paria’s ter wereld daar een tweede, derde en ook wel vierde kans was. New York bood die kansen, en mits je bereid was keihard te werken zou het lukken. ‘If I can make it there/ I’ll make it anywhere,’ zong Frank Sinatra in 1979 al.

Het verlaten New York betekent ook een op zijn minst tijdelijke ontmanteling van die mythe, die al vóór het virus aan het verslijten was. Gedurende tientallen jaren is de loonontwikkeling voor lagere en middeninkomens in Amerika en dus ook in New York grotendeels gestagneerd, wat de mythe schrijnend maakt. Mensen houden hun hoop echter niet in leven met statistieken en analyses van economen, maar met hardnekkige verhalen, oftewel geloof.

City of stars

In het voorjaar van 2020 eindigde eindelijk de Amerikaanse eeuw. Aha, dat werd dus begraven in terminal 4 van JFK: de Amerikaanse eeuw. Het was een lange eeuw, ik geef het toe; wat komt zal niet de Chinese, Indiase of Russische eeuw zijn, maar de Californische eeuw. Perfectioneren en schoonhouden van het lichaam als onze raison d’être, en tussendoor yoga, therapie, seks – feitelijk ook een vorm van therapie – en joggen om zo doelmatig mogelijk bij te komen van andersoortige doelmatigheid.

City of stars/ Are you shining just for me,’ zongen Ryan Gosling en Emma Stone in de film La La Land uit 2016 en brachten daarmee een ode aan Los Angeles. Onze lichamen zullen meer dan ooit voor elkaar schijnen, elk lichaam een individueel LA.

Ook in de Californische eeuw zal New York herrijzen. Er zullen namelijk altijd paria’s en gelukszoekers zijn en lang niet alle paria’s zijn geschikt voor LA. Toch naar de stad waar hygiëne een illusie is, waar de ratten en de kakkerlakken het vaak winnen van de mensen, waar mythe en cynisme moeilijk van elkaar te scheiden zijn, maar waar het desondanks beter is dan elders, al was het maar in het diepst van de gedachten van de inwoners van die stad.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.