Stuurloos CDA snakt naar leider

Formatie Noord-Brabant Samenwerken met FVD is een groot risico voor het CDA. Het spook van 2010, toen de PVV een handreiking werd gedaan, is terug.

In 2010 koos het CDA voor samenwerking met de PVV.
In 2010 koos het CDA voor samenwerking met de PVV. Foto Phil Nijhuis

Het is al bijna een jaar geleden dat Sybrand Buma opstapte als fractievoorzitter en partijleider van het CDA. Al die maanden is de op twee na grootste partij in de Tweede Kamer (na VVD en PVV) stuurloos. Interim-fractievoorzitter Pieter Heerma bemoeit zich niet met interne koersdiscussies. Het partijbestuur houdt zich op de vlakte. Het CDA, schreef oud-Kamerlid Jan Schinkelshoek in het aprilnummer van Christen-Democratische Verkenningen maakt „een gedesoriënteerde, twijfelmoedige en zelfs tobberige indruk”. Waar dat toe kan leiden? Schinkelshoek: „Ik houd mijn hart vast.”

Het antwoord is dat alles tegelijk kan gebeuren. Terwijl het CDA op landelijk niveau afstapt van het cultureel conservatisme van de afgelopen jaren, gaan de christen-democraten in Noord-Brabant in zee met Forum voor Democratie. Een omstreden ledenraadpleging met onduidelijke uitkomst gaf deze week de doorslag. Zoals een CDA’er in de partijtop verbijsterd opmerkt: „Het is een chaos.”

Heerma en partijvoorzitter Rutger Ploum hebben de laatste maanden „oorverdovend gezwegen”, zegt de Brabantse partijprominent Paul Rüpp. De ex-gedeputeerde en lijsttrekker nam mede het initiatief tot een open brief, die onder meer ondertekend werd door Brabantse prominenten als de oud-ministers Hanja Maij-Weggen en Ernst Hirsch Ballin. Rüpp schreef: „Doe het niet, doe het niet!”

Déjà vu

Voor CDA’ers als Rüpp roept de aanstaande coalitie van CDA, FVD, VVD en Lokaal Brabant herinneringen op aan een andere periode dat het CDA stuurloos was: 2010. Toen koos het CDA voor samenwerking met de PVV, die ruim had gewonnen bij de Tweede Kamerverkiezingen. De samenwerking kwam tot stand na een grimmig partijcongres en een rommelige stemprocedure. In 2012 viel Rutte I. Maxime Verhagen, in 2010 de facto partijleider, betuigde onlangs spijt voor de minderheidscoalitie waarin de PVV gedoogsteun gaf.

Geen leider, gedoe met stemprocedures, een flirt met rechts-populisme – voor Rüpp is er weinig veranderd. „Ik proef alleen maar angst bij de partijtop dat ze de boerenachterban van zich vervreemden. Het gevolg is dat het CDA nu álles goed vindt. We gaan nu samenwerken met een partij die de democratische rechtsstaat ter discussie stelt.” De landelijke top heeft de Noord-Brabantse afdeling in de steek gelaten, zegt Rüpp. „Er wordt geen enkele visie uitgedragen. Wat mij betreft hadden ze ook kunnen zeggen: we vinden het uitstekend wat Thierry Baudet zegt. Dan weten leden tenminste waar ze aan toe zijn, en kunnen ze de partij verlaten.”

Ik proef alleen maar angst voor de boerenachterban

Paul Rüpp ex-gedeputeerde

Een lid van het partijbestuur zegt dat interne discussies door voorzitter Ploum werden „afgekapt”. „Wie vragen stelde, werd kort gehouden. Terwijl er inhoudelijk en tactisch veel aan te merken is op deze stap.” Ploums woordvoerder zegt dat de keuze bewust aan de Brabantse afdeling is gelaten. Wel zou de kwestie tijdens vergaderingen in de rondvraag besproken zijn. Heerma wil niet reageren.

FVD-leider Thierry Baudet zei eerder deze maand nog dat onder meer het CDA „uit [is] op de vernietiging van Nederland: massa-immigratie, EU, klimaat, al die andere zaken”. Een lid van de landelijke CDA-partijtop vraagt zich af of het CDA nog wel grenzen trekt als zelfs dit soort uitspraken samenwerking niet in de weg staan.

Meerdere prominenten wijzen naar de gestuurde vraagstelling in de ledenraadpleging. De leden moesten reageren op vijf stellingen, zoals: „Regeren met (..) FVD is acceptabel mits de inhoud van het coalitieakkoord herkenbaar is voor het CDA, past binnen onze kernwaarden, en recht doet aan de uitgangspunten in ons verkiezingsprogramma.” Stem daar maar eens tegen, zeggen zij.

Overigens deed maar 16 procent van de bijna 5.000 CDA-leden in Noord-Brabant mee. Van die groep was 56 procent voor samenwerking. Het provinciale CDA-bestuur schrijft: „We hebben besloten deze ledenraadpleging desondanks als geldig te beschouwen.” Wel moeten de fractieleden „een echte dialoog” voeren met de achterban over het bestuursakkoord (dat nog geheim is). Dit moet „een groot wantrouwen vanuit onze achterban richting FVD” wegnemen.

Dus 457 leden hebben het CDA landelijk met een groot probleem opgezadeld. De partij staat bloot aan tegengestelde krachten. Een bestuurslid merkt dat op partijavondjes steeds conservatievere leden komen. Vooral onder jongere leden leven ideeën over klimaat en nationale identiteit die je ook bij FVD tegenkomt. Ook de boerenachterban is sterk aanwezig.

Tegelijkertijd heeft de partijtop voorzichtig een andere koers ingezet. Eind vorig jaar presenteerde een commissie onder leiding van Leonard Geluk het discussiestuk Zij aan Zij. Het stuk neemt afstand van de cultureel-conservatieve jaren van Sybrand Buma, en laat het CDA terugkeren naar het midden, naar gemeenschapszin en kleinschaligheid.

Ideologie zonder leider

Maar het is een ideologie zonder leider. De partij draalt met het aanwijzen van een lijsttrekker voor de verkiezingen van maart 2021. Twee ministers worden veel genoemd: Wopke Hoekstra (Financiën) en Hugo de Jonge (Volksgezondheid). Het bestuur wil op zijn vroegst na de zomer iemand aanwijzen.

Probleem is dat de coronacrisis beide bewindslieden afwachtend heeft gemaakt. Hun hoofd staat nu niet naar partijgedoe. Een andere uitleg: ze zien dat premier Mark Rutte populair is als crisismanager, en zien op tegen verkiezingen met Rutte als VVD-lijsttrekker. De CDA-top kijkt hier bezorgd naar: is de „machtshonger” (zoals iemand het zegt) van Hoekstra en De Jonge groot genoeg? Hoe langer dit machtsvacuüm voortduurt, wordt er geredeneerd, des te groter de kans op nieuwe ongelukken.

Lees ook deze column van Tom-Jan Meeus: Laat de CDA-voorzitter dit zomaar passeren?