Reportage

Na weken eindelijk je oude moeder weer zien in de ‘quarantainer’

Ouderenzorg Verpleeghuizen sloten in maart voor bezoekers om de bewoners te beschermen tegen het coronavirus. In containers zijn ontmoetingen nu toch mogelijk. „Ik zal zeggen dat je er mooi uitziet!”

Ans Bovet krijgt bij het verpleeghuis waar ze woont in Nieuw-Vennep in de ‘quarantainer’ bezoek van haar dochter Marianne Bovet.
Ans Bovet krijgt bij het verpleeghuis waar ze woont in Nieuw-Vennep in de ‘quarantainer’ bezoek van haar dochter Marianne Bovet. Foto Olivier Middendorp

‘Dáááág. Daar zijn we weer hè.” Marianne Bovet leunt in de richting van de microfoon en probeert duidelijk te articuleren. Haar moeder was al slechthorend en de doorzichtige zuurstofslangetjes in haar neus zorgen ook nog voor geruis op het gehoorapparaat. „Je moet de groeten hebben. Iedereen leeft erg mee. Astrid. Henri. Rick. Ik zal zeggen dat je er mooi uitziet!”

„Ik voel me bevoorrecht!”, zegt Ans Bovet (91) vanachter het plexiglas. Ze heeft rode lippenstift opgedaan. Ans woont in verpleeghuis In het Zomerpark in Nieuw-Vennep.

„Hoe is het verder op de afdeling? Geen zieken meer hè?”

„Nee, nee. Koos zingt ook weer.”

Sinds een paar dagen worden de honderdtachtig bewoners van In het Zomerpark één voor één door de verpleegkundigen mee naar buiten genomen, zo door het deurtje de witte ‘quarantainer’ in. Aan de andere kant van het plexiglas wachten hun geliefden, maximaal twee per keer. Ze hebben elkaar al weken niet gezien.

Half maart gingen de verpleeghuizen dicht voor bezoekers, om de bewoners te beschermen tegen het coronavirus. Nu duidelijk is dat ze tot zeker 20 mei dicht blijven, worden op steeds meer parkeerplaatsen of in tuinen van de hermetisch afgesloten zorginstellingen containers neergezet. Het bezoekhuisje of ‘kletshuis’, noemen ze het in de zorg. Daar kunnen mensen elkaar zonder besmettingsgevaar toch nog ontmoeten.

Op het tafeltje in Nieuw-Vennep liggen appelgroene kleedjes. „Het moet niet op een kantoor lijken”, zegt locatiemanager Mathilde Minderhoud. „Maar het is ook geen huiskamer. We moeten alles na elk bezoek kunnen ontsmetten.”

Minderhoud blijkt ook in crisistijd een ‘we maken er het beste van’-type. Nadat het „coronagedoe” begon, liet ze de tuin van het verzorgingshuis omheinen. Ze wilde zeker weten dat niemand bij de bewoners kon komen, maar dat ze nog wel naar buiten zouden kunnen. „Ik hou van ondernemen.” Dus toen ze van de quarantainer hoorde, heeft ze er „meteen een aangeschaft”.

Meer de diepte in

De instelling, Cordaan, betaalde er eenmalig 6.000 euro voor, en daarbij nog 75 euro per week. In de container, zegt Minderhoud, kunnen de bewoners „meer de diepte in” dan tijdens het videobellen. Veel bewoners, met name die met dementie, weten helemaal niet hoe ze een smartphone bedienen. De verzorgers moeten de telefoon vaak voor ze omhoog houden als ze willen videobellen.

Lees ook Worden de kwetsbaarste mensen wel genoeg beschermd?

Ans Bovet woont nog geen jaar in In het Zomerpark. Ze brak haar heup al eens bij een val en sinds de zuurstofbehoefte is ze soms bang dat ze stikt. In het verpleeghuis komt elke nacht iemand bij haar kijken, dat stelt haar gerust. Voor ze trouwde, maakte ze als ‘comptometrice’ berekeningen voor KLM. Haar man, hij overleed in 2013, ontmoette ze in de bus naar Schiphol-Oost. Hij was boordwerktuigkundige, de derde man in de cockpit, een beroep dat nu ook niet meer bestaat.

Foto Olivier Middendorp

Twee van hun vier kinderen zijn ook voor KLM gaan werken. En voor de coronacrisis kwam elke dag zeker één van hen bij hun moeder langs. Nu vult Ans Bovet haar dagen met puzzelen en knutselen, en de verpleegkundigen zijn lief, maar „de eenzaamheid is niet te doen”, zegt Marianne Bovet. De grijns op het gezicht van haar moeder toen ze haar voor het eerst in weken achter plexiglas zag maakte haar aan het huilen. „Ik ben ook een emotionele tut.”

De eenzaamheid is niet te doen

Marianne Bovet dochter van Ans Bovet

De quarantainer in Nieuw-Vennep was een idee van een zieke medewerker van het Amsterdamse evenementenbureau Eventcare, die zijn moeder graag weer wilde zien. Er zijn inmiddels meerderde aanbieders van zulke containers, afkomstig uit de evenementenbranche. In Rotterdam heeft zorginstelling Laurens ‘quarantainers’ geplaatst van het bedrijf Flexotels. Ze zijn normaal gesproken bestemd voor festivalbezoekers die niet in tentjes willen slapen. Nadat bekend werd dat er deze zomer geen festivals zijn, is het bedrijf „als een haas gaan omschakelen”, zegt directeur Hubert von Heyden aan de telefoon. Flexotels leverde aan meer dan honderd zorginstellingen, ook in België, Duitsland en Luxemburg.

‘Ze raakte helemaal overstuur’

Voor het verpleeghuis van Laurens in de Rotterdamse wijk Schiebroek staat Anja Patings te wachten tot ze haar moeder na weken weer kan zien. Haar 94-jarige moeder „zit een beetje op de wip”, zegt Anja Patings. Ze is aan het dementeren, maar haar kleinkinderen herkent ze vaak nog wel. Patings ging een paar keer per week langs. Soms met boodschappen, of de schone was. Maar corona heeft contact haast onmogelijk gemaakt. Het lukt haar moeder niet meer om zelfstandig te bellen. Met behulp van de verpleging konden ze wel een paar keer videobellen. „Dat was geweldig”, zegt Patings. „Dan ziet ze je, herkent ze je, en zegt ze: óóóh.”

Patings wordt gewenkt door een medewerkster. Ze mag met haar man de container in. Dan klinkt er gehuil. Patings staat al snel weer buiten. „Het gíng gewoon niet”, zegt ze. „Ze raakte helemaal overstuur.” Buiten zwaaien ze nog even naar elkaar, op afstand. De tranen lopen over haar wangen. Haar moeder vroeg nog of ze niet gewoon mee naar boven kon komen, vertelt Patings. „Nee schat, antwoordde ik. Dat gaat niet. Zelfs een kus of een knuffel kan nu even niet. Het is heel moeilijk.”

Ze heeft het in elk geval geprobeerd, zegt ze. „De volgende keer gaan we weer videobellen.”

Foto Olivier Middendorp

Voor de meeste families werkt de quarantainer wel. Bestuursvoorzitter Hans Huizer ziet dat er „enorm veel behoefte” aan is. Bij het verpleeghuis in Schiebroek loopt familie af en aan, volgens een speciaal gemaakt rooster. „Mensen zijn emotioneel en blij. Ik zou eigenlijk de hele dag wel mee willen kijken.” Dat laatste gebeurt natuurlijk niet. De deur gaat dicht als de bewoner en familie binnen zijn, om even een half uurtje privacy en rust te hebben.

Laurens blijft intussen zoeken naar andere manieren om geliefden elkaar te kunnen laten ontmoeten. Vanaf deze week kunnen bezoekers op een aantal locaties in de ‘Kom op Visite-kar’ het verpleeghuis binnen worden gereden. Een oplossing voor bewoners die niet naar buiten durven of bij verpleeghuizen waar geen plek is voor een bezoekhuisje.

Niet meer met de luchtballon

Locatiemanager Minderhoud staat op de parkeerplaats van In het Zomerpark. Ze kijkt op naar het gebouw dat bakstenen heeft in drie verschillende kleuren bruin. Ze zegt dat mensen van een bepaalde leeftijd „niet meer met een luchtballon hoeven”. Maar de ouderen hadden er wel andere activiteiten en rituelen die hun dagen waardevol maakten. „De Albert Heijn was een geliefd uitje.” Nu is het zelfs in de gang beneden stil.

„Het is echt niet zo dat mensen hierbinnen zitten te verpieteren”, zegt ze. Maar elke keer als ze de situatie zo nuchter mogelijk probeert te benaderen, voegt ze er ook aan toe: „We moeten het niet mooier maken dan het is.” En: „Ik wil echt niet zeggen dat de bewoners het nu leuk hebben. We maken er het beste van.”

Ans Bovet is misschien niet van de generatie die snel klaagt, maar na de laatste persconferentie van premier Rutte verzuchtte ze tegen haar dochter Marianne dat „haar huisarrest” weer was verlengd.

Haar moeder kan wel zelf videobellen. Maar als dat niet in één keer lukt zoals ze het heeft geleerd, raakt ze in paniek. Het snoertje van haar oplader werkte niet zo goed meer; laatst was haar telefoon niet goed opgeladen.

„Ze werd er ontzettend verdrietig van”, zegt haar zoon Rick. Hij is ook even langs In het Zomerpark komen fietsen om naar zijn moeder te zwaaien. Ans is al door de medewerkers naar binnen gereden. Ze woont driehoog, zegt haar zoon. Kijk, daar, achter een nep-orchidee.

Op zijn telefoon kan hij niet met zijn moeder videobellen. Zijn computer staat daarom nu de hele dag aan, voor het geval ze even wil praten.

„Jij kan volgende week bij haar langs in de container”, zegt Marianne Bovet.