Necrologie

Zijn bewogen leven werd de bestseller ‘De stamhouder’

Alexander Münninghoff 1944-2020 Journalist/schrijver Alexander Münninghoff werkte vijftien jaar aan De stamhouder, een boek over zijn wonderbaarlijke familiegeschiedenis, en werd er op zijn zeventigste plotseling beroemd mee. Voor zijn vader had hij geen goed woord over.

Alexander Münninghoff, 2014
Alexander Münninghoff, 2014 Foto Merlijn Doomernik

Zoals hij schreef, zo sprak hij ook: beeldend, barok, vol bravoure, en toch bescheiden, geméénd bescheiden. „Moreel had ik van mijn grootvader geen hoge pet op”, zei hij in oktober 2014 in een interview in NRC. Waarna hij zijn ogen neersloeg, verontschuldigend glimlachte en eraan toevoegde: „Nou ja, van mezelf ook niet.” Alexander Münninghoff, de schrijver die na een lange loopbaan als oorlogsverslaggever en correspondent in Moskou plotseling beroemd werd met de familiekroniek De stamhouder, is afgelopen dinsdag in zijn woonplaats Den Haag gestorven. In december vorig jaar bleek hij aan kanker te lijden. Aan vrienden en intimi liet hij weten dat hij de dood als een „organisch deel” van het leven beschouwde. „Ik schik me daarin.” Hij is 76 jaar oud geworden.

Weinig mensen met zo’n wonderlijke familiegeschiedenis als Münninghoff. Zijn grootmoeder was een Russische gravin die in 1916 verpleegster werd aan het front en later als getrouwde vrouw regelmatig voor een week of zes naar Nice afreisde om zich te verliezen in losbandigheid. Zijn grootvader, geboren in het Gooi, was door slim zakendoen een van de rijkste mannen van Letland geworden, maar vluchtte vlak voor de Tweede Wereldoorlog met vrouw en kinderen naar Nederland, met achterlating van al zijn huizen en fabrieken. Hij spioneerde voor de geallieerden terwijl zijn zoon, de vader van Münninghoff, zich op zijn twintigste bij de Waffen-SS had aangesloten om tegen de Sovjets te vechten.

Alexander Münninghoff, 2014

Foto Merlijn Doomernik

Ontvoerd

Alexander Münninghoff werd op 13 april 1944 geboren in Posen, nu het Poolse Poznan, en op dat moment een Duitse stad die in brand stond door aanhoudende bombardementen. Zijn moeder vluchtte met hem naar Nederland en trok in bij haar schoonouders in hun villa in Voorburg. Ze merkte al snel dat die haar niet accepteerden. Haar man, Münninghoffs vader, bleek ook niets meer van haar te willen weten toen hij in juni 1945 terug in Nederland was. Ze vertrok en een paar jaar later ontvoerde ze de kleine Alexander naar Duitsland. Twee maanden later lokte een zogenaamde tante hem met een chocoladereep naar haar Volkswagen, bedwelmde hem met chloroform en ontvoerde hem terug naar Nederland. Zijn moeder liet niets meer van zich horen. Alexander zag haar pas achttien jaar later weer terug. Ze was volkomen verloederd.

In 2014 vertelde Münninghoff in NRC dat hij met zijn familiekroniek was begonnen na de dood van zijn vader. Bij het opruimen van diens huis had hij documenten gevonden, onder andere de verslagen van de rechtszittingen na de oorlog – zijn vader was aangeklaagd wegens toetreding tot vreemde krijgsdienst – en ook van de rechtszaken die zijn grootvader tegen zijn moeder had aangespannen om haar de voogdij over Alexander te ontnemen. „Ik dacht: daar moet ik wat mee.” Hij werkte vijftien jaar aan het boek en in die tijd, zei hij, was de „appreciatie” voor zijn vader „erg eh… negatief” geworden.

Het succes De stamhouder was voor Münninghoff zowel een verrassing als een troost, na een moeilijk leven waarin hij en zijn vrouw Ellen drie kinderen verloren: één jongetje werd te vroeg geboren, één jongetje kreeg als baby van vier weken hersenvliesontsteking, de derde overleed met acht maanden in Moskou. De meeste huwelijken lopen daarna op de klippen, zei Münninghoff in NRC, maar Ellen en hij waren juist veel hechter geworden. Ze hadden drie kinderen die bleven leven, twee jongens en een adoptiefdochter.