Delen is vermenigvuldigen

Hassnae & Nadia Wie deelt, leeft voort. En wát gedeeld wordt ook, schrijft Hassnae Bouazza. Het bijbehorende recept voor misobietjes is van Nadia Zerouali.

Nadia Zerouali (links) en Hassnae Bouazza.
Nadia Zerouali (links) en Hassnae Bouazza. Foto Lars van den Brink

Delen is vermenigvuldigen. Eigenlijk gaan alle sprookjes waar we mee zijn opgevoed daarover. Egoïsme is slecht. Goed zijn loont. Wat je zaait, oogst je. Karma is nooit ver weg. Een schoon geweten geeft rust. Inhaligheid is fout. Gierigheid een vloek. Een lelijke kikker kan zomaar in een begeerlijke prins veranderen. Noem de talloze variaties maar op, ze komen in alle culturen voor. Ieder verhaal waarschuwt kinderen dat achter iedere verfoeide, arme persoon een slim, zelfs wonderlijk figuur schuil kan gaan die je wereld kan veranderen en je dromen waarmaken.

Zo is er het Zuid-Afrikaanse verhaal over de halsbandkraai die een kinderloos en arm boerenechtpaar vraagt hun zaden aan de kraaien te geven in plaats van te zaaien, en hen beloont met acht kinderen en een boomgaard vol vruchtdragende bomen.

In een Marokkaans verhaal over een jongeman die de erfenis van zijn rijke vader verkwanselt en zich vervolgens in de schulden steekt, is het de schuldeiser, die een kilo van zijn vlees wil als straf, die het onderspit delft. Zijn advocaat, in werkelijkheid een prinses die verliefd op de jongeman is geworden, eist voor de rechter dat de schuldeiser precíes een kilo vlees afsnijdt, geen gram meer of minder. Een onmogelijke taak; de schuldeiser geeft zich gewonnen.

Aina-Kizz is in het centraal-Aziatische sprookje Aina-Kizz and the Black-Bearded Bai de slechterik die haar vader wilde oplichten te slim af en troggelt hem een fortuin af.

De schuldeiser in het Marokkaanse verhaal had niet zo wreed hoeven zijn. De prinses gaf hulp en won de liefde. De oplichter in het Aziatische sprookje had de arme vader kunnen betalen, maar zijn inhaligheid nam het over en hij werd gestraft.

Wie niet deelt, verliest, is steeds de boodschap.

Ergens gaat er dus iets mis. Ondanks een jeugd vol wijze verhalen die ons in slaap susten, groeien veel mensen uit tot egoïstische wezens. Misschien heeft dat met de welvaart te maken: hoe beter het gaat, hoe nonchalanter je wordt en minder gevoelig voor het lot van anderen. Ieder voor zich en God voor de verstotenen – tot het noodlot aanklopt.

Maar delen is vermenigvuldigen, juist in tijden van nood. Het is de kern van het bestaan. Deel de zaden met de aarde en de grond zal je belonen met vruchten. Deel je water met je buren en hun oogst zal de jouwe zijn. Zorg niet alleen voor jezelf, maar ook voor de ander en iedereen zal het beter hebben.

Wat is de liefde meer dan het ultieme delen van lichaam en geest. Wie deelt, leeft voort.

Wat gedeeld wórdt ook. Dat is wat recepten doen: ze houden de levenscyclus gaande. Of ze nu oraal zijn doorgegeven of in onleesbaar schrift opgesteld: ze reizen met mensen mee, passen zich aan tijd en omgeving aan en nemen bij iedere andere ontvanger een nieuwe vorm aan, zich eindeloos vermenigvuldigend terwijl ze de mensheid voeden en verbinden.