Opinie

Nederlandse aversie tegen Europa is niet in ons belang

Europese integratie Nu de coronacrisis de wereld op zijn kop zet, moet het kabinet met de Kamer in debat over een nieuwe visie op de EU, adviseert
Het Berlaymontgebouw, hoofdkwartier van de Europese Commissie in Brussel.
Het Berlaymontgebouw, hoofdkwartier van de Europese Commissie in Brussel. Foto Stefan Cristian Cioata/Getty Images

In Brussel is vorige week een compromis over een financieel-economische corona-aanpak bereikt. Naast het steunprogramma van de Europese Centrale Bank (ECB) van 750 miljard euro is er nu een noodpakket van 540 miljard van drie economische vangnetten. De Europese Commissie gaat nog advies geven over de inhoud en financiering van een aanvullend herstelfonds en wil daarbij een relatie leggen met de EU-begroting en het Meerjarig Financieel Kader. Ook al zal dat advies zeker een compromis-karakter dragen, toch zal er daarna nog wel wat politiek duw-en-trekwerk nodig zijn.

De gang van zaken geeft aanleiding de eurosceptische houding van de betrokken Nederlandse bewindslieden, premier Rutte (VVD) en minister Hoekstra (Financiën, CDA), nog eens kritisch te bezien. De afstandelijke houding is niet nieuw. Nederland heeft altijd vooral belang gehecht aan de interne markt en het had weinig interesse voor de politiek-bestuurlijke integratie.

Stevige aversie

De laatste jaren is er zelfs een stevige aversie tegen Europa gekweekt, versterkt door de invloed van de populistische stromingen in de Nederlandse politiek. Bewindslieden en Kamerleden hebben vaak een anti-EU-houding aangenomen, zonder te erkennen dat de nationale regeringen gezamenlijk verantwoordelijk zijn voor het in Brussel gevoerde beleid. Dat heeft het draagvlak voor een krachtige Europese politiek aangetast.

Lees ook: Partij-ideoloog ChristenUnie: ‘Thierry Baudet schreef rake analyses’

Tekenend is dat aan het Europese front vanuit Nederland al langer vooral de premier en minister van Financiën opereren en zich daar concentreren op de begrotingsbewaking. De aversie tegen de Europese politiek bleek ook nog eens duidelijk tijdens het overleg van minister Hoekstra met de Kamercommissie, voorafgaande aan de besluitvorming over het financieel-economische corona-pakket. De eurosceptische houding van de minister werd door een Kamermeerderheid ondersteund.

Drie scenario’s

Voor de toekomst van Europa op langere termijn dringen zich drie scenario's op:

1- Gelet op het snel veranderende mondiale krachtenveld (China, VS, Brexit, etc.) streven naar een drastische versterking van de huidige Europese Unie.

2- Gezien de grote verschillen van de economische structuur van de lidstaten kiezen voor een unie van de Noordelijke landen

3- Doormodderen met de huidige constellatie, met het gevaar van het uiteenvallen van de Unie.

Ik kies vooral op geopolitieke gronden voor de eerste optie: een versterkt Europa.

En daarbij stel ik vast, dat het Nederlandse taboe op verdere overdracht van bevoegdheden aan het Europese niveau op een verkeerde benadering stoelt. Het gaat er niet om taken exclusief aan het Europese niveau toe te kennen en te ontnemen aan het nationale niveau.

Het gaat om een evenwichtige verdeling van elkaar aanvullende instrumenten over de verschillende niveaus. Zo was de volksgezondheid geheel voorbehouden aan het nationale niveau, maar de corona-crisis heeft laten zien, dat ook voor dit onderwerp coördinatie op Europees niveau nodig is, maar dan wel verweven met essentiële instrumenten op nationaal en lokaal niveau.

Pragmatische wijze

Nu de wereld door de corona-crisis op zijn kop is gezet, zal de Europese aanpak voor de langere termijn opnieuw op een pragmatische en open wijze moeten worden doordacht voor strategische onderwerpen, zoals veiligheid, terrorismebestrijding, migratie, informatietechnologie, klimaatpolitiek en financieel-economisch beleid. Voor dit laatste beleidsonderdeel zal de vraag zijn welke economische politiek de duurzame groei en investeringen zodanig kan stimuleren, dat na de herstelfase het disproportionele ECB-beleid overbodig wordt.

Voor de toekomst van Europa is het van belang ondogmatisch over de inrichting van de Europese Unie na te denken. De coronacrisis heeft ons daar met de neus op gedrukt. Te hopen valt dat de negatief-eurosceptische houding verandert in een positievere benadering. De natiestaat is een niet weg te denken fenomeen en de Nederlandse belangen dienen ook goed te worden bewaakt, maar we moeten royaal erkennen dat die belangen vaak ook een versterking van het Europese niveau moeten inhouden. Natuurlijk dienen we kritisch te blijven, maar dat kan ook zonder dat we de EU als een min of meer vijandige organisatie zien, zoals maar al te vaak gebeurt.

Staatssecretaris Europese Zaken

Gezien de fundamentele veranderingen als gevolg van de coronacrisis is een nieuwe kabinetsvisie op de inrichting van Europa nodig. Bij de voorbereiding van deze visie ligt een voortzetting van een belangrijke rol van premier en minister van Financiën voor de hand, maar hun te grote dominantie moet verdwijnen door een actieve bemoeienis van de andere ministers bij de strategische onderwerpen. In elk geval zal de minister van Buitenlandse Zaken veel actiever moeten worden aan het Europese front. Van een onorthodoxe tussentijdse benoeming van een staatssecretaris voor Europese Zaken, die al sinds 2012 ontbreekt, zou een belangrijke signaalwerking uitgaan.

Bij de voorbereiding van de kabinetsvisie en de daaropvolgende discussie in het parlement is de belangrijkste vraag hoe daarvoor bij de bevolking draagvlak te verkrijgen. Daar kunnen alle partijen met hun verkiezingsprogramma’s op worden aangesproken. Juist door de alomvattende crisis is een politieke meerderheid zeker mogelijk. De mensen hebben behoefte aan een nieuw perspectief en staan meer open voor redelijke argumenten dan politici en beleidsambtenaren vaak denken. Maar daarvoor is wel een politiek debat nodig.

Een eerdere versie van dit artikel verscheen in De Hofvijver, maandblad van het Montesquieu instituut

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.