Vingerafdrukken verraden sekse van pottenbakkers

Archeologie Op potscherven uit het Israël van de Bronstijd werden veel vaker mannelijke dan vrouwelijke vingerafdrukken gevonden.

Pottenbakken was vooral een mannenwerkje in het Israël van de vroege Bronstijd. Dat concluderen antropologen van de universiteit van Winnipeg na onderzoek van 4.700 jaar oude potscherven die zijn gevonden in het kustgebied ten westen van Jeruzalem. Met behulp van de vingerafdrukken die op het keramiek zijn achterbleven, konden de onderzoekers geslacht en leeftijd bepalen van de mensen die bij de productie van de potten betrokken waren. Ze publiceerden hun resultaten onlangs in PLOS ONE.

De lijnen die over het oppervlak van de binnenkant van een hand lopen zijn bij ieder mens verschillend, maar er zijn wel algemene kenmerken die het mogelijk maken iets te zeggen over de persoon die een vingerafdruk heeft achtergelaten. Bij mannen zijn de lijnen op de hand dikker dan bij vrouwen, terwijl bij vrouwen de dichtheid van de lijnen op de hand groter is dan bij mannen. Het formaat van een vingerafdruk zegt iets over de leeftijd van de hand waarvan hij afkomstig is. De onderzoekers corrigeerden voor dit onderzoek hun metingen voor het feit dat vingerafdrukken in klei krimpen als de potten gebakken worden.

Bij mannen zijn de lijnen op de hand dikker dan bij vrouwen

De Canadese antropologen gebruikten voor hun analyse 122 vingerafdrukken die ze aantroffen op potscherven uit Tell es-Sâfi/Gath, een vindplaats die al veel archeologisch materiaal heeft opgeleverd en die in de Bijbel wordt genoemd als een van de vijf Filistijnse stadstaten. De Filistijnen arriveerden pas rond 1200 voor Christus, maar de voor deze studie gebruikte potscherven zijn veel ouder. Ze zijn afkomstig uit een laag in de grond die duidt op bewoning tussen 2700 en 2600 voor Christus. Ook toen was hier al sprake van stedelijke behuizing.

Uit een eerdere, voorlopige analyse met een kleine hoeveelheid potscherven was naar voren gekomen dat er een verschil in sekse was als het ging om de soorten keramiek die werden vervaardigd. Alleen mannen maakten eetkommen, mannen en puberjongens maakten kookpotten en vrouwen en pubermeisjes maakten enkel opslagpotten, zo leek het. Het nieuwe onderzoek trekt deze conclusies onderuit. Op alle vormen van aardewerk werden vingerafdrukken van mannen én vrouwen aangetroffen, behalve op de scherven van een drinkkan, waarop alleen mannelijke vingers te zien waren.

Opkomst van stadstaten

Wel waren mannelijke vingerafdrukken op veel meer keramiekresten aanwezig: ongeveer 70 procent van alle onderzochte scherven. Op tweederde van de scherven werd meer dan één afdruk aangetroffen. Uit deze gecombineerde vingerafdrukken valt af te leiden dat vooral jongens in hun adolescentie bij het proces van pottenbakken betrokken waren, waarschijnlijk als leerling. De vingerafdrukken die zij achterlieten, ontstonden op het moment dat het aardewerk werd vormgegeven. Vrouwen en meisjes waren minder betrokken bij deze fase en werden pas ingezet bij het afwerken en bakken, zo lijkt het.

Dat mannen én vrouwen tijdens deze fase van de Bronstijd een rol hadden bij het vervaardigen van aardewerk, gaat in tegen de conclusies uit een eerder onderzoek dat is gedaan in het noorden van het huidige Irak. Daar verdwenen vanaf het midden van het derde millennium v.Chr. alle vingerafdrukken van vrouwen van het keramiek. Dit zou te maken kunnen hebben met de opkomst van de stadstaten in dit gedeelte van Mesopotamië. Pottenbakken in de stad was er kennelijk anders georganiseerd dan in een dorp. In de Levant lijkt deze ontwikkeling zich dus niet te hebben voltrokken. Dit zou een verder bewijs kunnen zijn, aldus de auteurs van de nieuwe studie, dat de urbanisatie zich hier anders ontwikkelde dan in het gebied tussen de Eufraat en de Tigris, waar de grootste steden van het Nabije-Oosten vorm kregen.

Lees ook Mesopotamiër dronk bier met een rietje