Olieprijs daalt verder, maar van dividenduitkering zien grote concerns niet zomaar af

Olieprijs Nadat een groot beleggingsfonds besloot termijncontracten voor juni te verkopen ging de prijs van Amerikaanse olie weer verder omlaag. Geen goed nieuws voor de olieconcerns, die deze week hun kwartaalcijfers presenteren.

Een trein met olievaten nabij Odessa, Texas. De verwachting is dat door de lage olieprijs de Amerikaanse productie van schalieolie terugloopt.
Een trein met olievaten nabij Odessa, Texas. De verwachting is dat door de lage olieprijs de Amerikaanse productie van schalieolie terugloopt. Foto Paul Ratje/AFP

Een dreigend gebrek aan opslagmogelijkheden, een aanhoudend lage vraag en wantrouwen bij beleggers hebben de druk op de olieprijs verder verhoogd. Een vat Amerikaanse olie WTI (West Texas Intermediate) kostte in de loop van dinsdag nog zo’n 10 dollar. Vier maanden geleden lag de prijs nog op 60 dollar. Ook de olie in Europa werd nog goedkoper. Een vat Brentolie zakte onder de 20 dollar.

Maandag zorgden beleggers voor extra druk op de prijs. Toen maakte een Amerikaans beleggingsfonds, United States Oil Fund, bekend zijn olietermijncontracten voor juni te verkopen. Na deze bekendmaking daalde de prijs voor een vat WTI met bijna een derde. Door de beperkte opslagruimte wordt het aanleggen van voorraden steeds duurder en groeit de angst bij handelaren dat zij hun olie niet kwijtraken.

Al maanden zijn vraag en aanbod van olie uit balans. Door de economische en maatschappelijke stagnatie als gevolg van het coronavirus is de vraag naar olie met een derde teruggelopen. Productieafspraken die door het oliekartel OPEC en Rusland zijn gemaakt gaan pas op 1 mei in, en over het algemeen wordt verwacht dat de afspraken tekortschieten. Tegenover een vraagdaling van naar schatting 30 miljoen vaten per dag, wordt de productie door OPEC+ (inclusief Rusland) met bijna 10 miljoen vaten teruggebracht. De verwachting is wel dat door de lage olieprijs met name de Amerikaanse productie van schalieolie terugloopt, omdat veel bedrijven in financiële problemen zullen komen.

Onder nul

Vorige week zorgde het verstrijken van termijncontracten ervoor dat de prijs van Amerikaanse olie voor het eerst in de geschiedenis negatief werd. Door een nijpend gebrek aan opslagmogelijkheden wilden handelaren op de laatste dag voor het aflopen van termijncontracten van hun olie af.

De nieuwe prijsval vindt plaats in de week dat veel olieconcerns hun resultaten over het eerste kwartaal bekendmaken. BP beet dinsdag de spits af en maakte een winstval bekend. Over de eerste drie maanden boekte het bedrijf een winst van 791 miljoen dollar (727 miljoen euro) tegen 2,4 miljard in dezelfde periode vorig jaar. De coronacrisis was vooral voor maart, de laatste maand van het kwartaal, desastreus.

„Onze bedrijfstak is getroffen door nooit eerder voorgekomen schokken in vraag en aanbod”, zei de pas aangetreden bestuursvoorzitter Bernard Looney. Hij kondigde „beslissende” maatregelen aan om de financiële kracht van het bedrijf te versterken, zoals het snel terugbrengen van uitgaven en kosten. De topman maakte in februari bekend dat BP duurzamer moet worden. Zo moet het concern uiterlijk in 2050 CO2-neutraal opereren, ook wat betreft de uitstoot die vrijkomt wanneer klanten BP-brandstof gebruiken.

Tegenover de Financial Times liet Looney dinsdag weten deze ambitie overeind te houden, ondanks de pandemie. „Ik zie het klimaatdebat niet verdwijnen (…), het kan aangemoedigd worden door wat we nu zien.”

Lees ook: Waarom de olieprijs geen bodem lijkt te kennen

Dividend intact

Ondanks de winstval keert BP een iets hoger dividend – 10,5 cent – uit dan een jaar eerder (10,25 cent). Het bedrijf, dat dit kwartaal ruim 2 miljard dollar aan zijn aandeelhouders uitkeert, stelt in het lopende kwartaal zijn dividendbeleid tegen het licht te houden. Eerder verlaagde het Noorse Equinor als eerste zijn winstuitkering. Vanwege de marktomstandigheden besloot het voormalige Statoil het dividend met twee derde naar beneden te brengen.

Donderdag presenteert Shell zijn eerstekwartaalcijfers en ook bij dit concern zal de aandacht uitgaan naar het dividend. Ondanks de dalende winstcijfers vorig jaar hielden de grote concerns tot nog toe vast aan hun dividend om zo aantrekkelijk te blijven voor aandeelhouders. Oliebedrijven zien zich niet alleen geconfronteerd met de coronacrisis, maar voor de langere termijn speelt ook de roep om verdere verduurzaming mee. Dividend straalt vertrouwen naar de toekomst uit, maar daar zit wel een prijskaartje aan. Shell betaalde over het afgelopen jaar bijna 16 miljard dollar aan zijn aandeelhouders.

De koers van het aandeel BP bleef dinsdag stabiel, en mogelijk speelt het gehandhaafde dividend daarin een rol. Ook een ruime kaspositie kan vertrouwen wekken. BP maakte dinsdag bekend over 32 miljard dollar aan liquide middelen te beschikken. Daarnaast, en dat zien aandeelhouders ook graag, kocht het voor 776 miljoen dollar aan eigen aandelen in.