Genua heeft zijn brug terug – een schandvlek is uitgewist

Italië In recordtijd en binnen het budget is ruim anderhalf jaar na de ineenstorting van de oude (betonnen) brug de nieuwe (stalen) brug gereed. „Dit viaduct is symbool voor de herstart van het land.”

Het laatste verbindingsstuk van de nieuwe brug in Genua is dinsdagmidddag op zijn plaats gezet.
Het laatste verbindingsstuk van de nieuwe brug in Genua is dinsdagmidddag op zijn plaats gezet. Foto Marco Bertorello/AFP

Dit had Italië nu even nodig. Dinsdagmiddag om twaalf uur loeien de scheepsirenes in de haven van Genua en beginnen de kerkklokken te luiden. Een schandvlek is uitgewist. In augustus 2018 zag heel de wereld verbijsterd hoe een van de belangrijkste bruggen van het land in een zomerse stortbui zomaar instortte, auto’s mee de diepte in sleurend. Nu staat er een nieuwe brug: het laatste verbindingsstuk in de ruim een kilometer lange overspanning is rond het middaguur op zijn plaats gezet.

Het is druiliger weer, maar het voelt feestelijk. Nu kan het asfalteren beginnen, en deze zomer kan de brug worden opengesteld voor verkeer. In recordtijd en binnen het budget van 202 miljoen euro wordt een van de belangrijkste verkeersaders van Genua, een essentiële schakel ook tussen Italië en de Franse zuidkust, hersteld. „Dit geeft heel Italië hoop”, zegt premier Conte. Hier zien we een land „dat de mouwen opstroopt, niet terneergeslagen raakt en zich niet laat overmannen door zo’n trieste tragedie.”

Met dat laatste herinnert Conte aan de 43 mensen die bij de ramp zijn omgekomen, maar als hij niet een bouwhelm scheef op het hoofd had gehad, had hij dit ook kunnen zeggen in een coronatoespraak. Italië is zwaar aangeslagen door het coronavirus en kijkt met angst en beven naar wat nog komen gaat – niemand durft te voorspellen wanneer het weer echt druk zal worden op de nieuwe brug.

Model Genua

Net als in augustus 2018 staat Italië voor „ongelooflijke moeilijkheden’’, zegt Conte. „Iedereen heeft de beelden gezien van de brokstukken. Nu zien we hier de Italiaanse energie en creativiteit. We moeten proberen het model Genua na te doen.”

Dat ‘model Genua’ is een combinatie van factoren. Technische kennis en beroepstrots, ingebracht door scheepsbouwer Fincantieri en bouwondernemer Impregilo, twee Italiaanse kolossen die wereldwijd opereren. Keihard werken: aan de nieuwe brug is 24 uur per dag doorgewerkt – alleen met Kerst vorig jaar heeft het werk even stilgelegen. Stijlgevoel: architect Renzo Piano, die uit Genua komt, heeft de nieuwe brug gratis ontworpen, in de sobere stijl die Genovezen eigen is. Vasthoudendheid: de stroperige bureaucratie die vaak zo verlammend werkt, werd geconfronteerd met lokale en regionale bestuurders die speciale bevoegdheden hadden gekregen de ambtenarij onder tijdsdruk te zetten.

‘Dit viaduct is symbool voor de herstart van het land’

„En dat allemaal terwijl we nog nooit een brug hadden gebouwd”, gniffelt Giuseppe Bono in een videogesprek maandag met buitenlandse journalisten. Hij is de baas van scheepsbouwer Fincantieri, de grootste ter wereld, met een belangrijke werf in Genua. De ingestorte brug was van gewapend beton, en hij vertelt dat hij direct na de ramp had voorgesteld een nieuwe brug van staal te maken. Het wegdek van staal wordt gedragen door 44 meter hoge zuilen van gewapend beton.

„Het was een buitengewoon complex project, waarin 18.000 ton bewerkt staal is verwerkt”, zegt Bono. „We waren aan iets begonnen waarvan het ondenkbaar leek het zo snel af te hebben. Het is gelukt. Dat is het bewijs dat ons land, dat zoals we weten zoveel gebreken heeft maar ook zoveel goede kanten, erin slaagt de doelen te bereiken die het zich stelt, als het maar wil.”

Lees ook: De nieuwe brug is af

Dat is ook de toon in de toespraakjes deze dinsdag. Daarin overheersen woorden als plicht, inzet, verantwoordelijkheidsgevoel, opoffering, samenwerking: ronkende woorden die de emotionele impact van dit project onderstrepen, en tegelijk de nervositeit in Italië laten zien.

Eén werknemer positief getest

Zelfs de pandemie heeft niet voor vertraging gezorgd. In een ander videogesprek vertelde Pietro Salini, baas van Impregilo, dat er al snel voorzorgsmaatregelen waren getroffen, nog voordat die nationaal verplicht werden. Eén werknemer werd positief getest, maar het was meteen duidelijk met wie hij in contact was geweest, dit groepje is in quarantaine gezet.

De bouw van de nieuwe brug gaf ook veel logistieke problemen. Eerst moesten de resten van de oude brug worden opgeblazen en afgevoerd; in juni vorig jaar werden de twee tientallen meters hoge pylonen die nog overeind stonden, opgeblazen. Dat alles in een vallei waar vier belangrijke wegen lopen, de spoorlijn naar de belangrijke haven, en de rivier de Polcevera.

De projectleiding was in handen van het bedrijf Rina. Topman Roberto Carpaneto zei dinsdag in een verklaring: „Dit laat zien dat Italië een land is dat zelfs op de moeilijkste momenten kan blijven functioneren en sterk kan zijn. Dit viaduct is een belangrijk symbool voor de herstart van het land en een referentiepunt voor iedereen.’

Onder de pijlers, langs de rivier, komen een park, een museum en een monument, ontworpen door de Milanese architect Stefano Boeri. Hij heeft lang nagedacht over een gedenkteken, vertelt hij in een Facebookgesprek. In oktober was hij bij het magazijn op het bouwterrein waar in opdracht van justitie de enorme brokstukken van de ingestorte brug worden bewaard. „Toen wist ik: het monument is er al. Deze brokstukken zijn de krachtigste manier om te vertellen wat hier is gebeurd.”

Lees ookDeze reportage na de ramp

Boeri wil, met die brokstukken en veel foto’s, in deze vallei aan de westkant van Genua een stukje naoorlogse geschiedenis van Italië zichtbaar maken. De tijd van de wederopbouw na de Tweede Wereldoorlog, gesymboliseerd door monumentale openbare werken als de naar ingenieur Morandi vernoemde brug van voorgespannen beton bij Genua. Maar ook het verval in de jaren daarna, „de schuld die ons als land treft omdat we dit niet goed hebben onderhouden”. En, hoopt hij, het vermogen van Italië een ramp te boven te komen.