Reportage

Chinese voetballers gaan na vier maanden weer het veld op. Met mondkapjes

Voetbal In China is de voorbereiding op het nieuwe voetbalseizoen begonnen. Het is niet zonder risico, maar er zijn strenge voorzorgsmaatregelen. „En ze moeten elkaar niet gaan knuffelen.”

Rustig aan voor de jeugdvoetballers van Guoan, ze zijn heel kwetsbaar voor blessures na lange tijd thuis te hebben gezeten.
Rustig aan voor de jeugdvoetballers van Guoan, ze zijn heel kwetsbaar voor blessures na lange tijd thuis te hebben gezeten. Foto’s Ruben Lundgren

Het is behoorlijk zweten als je met een mondkapje op moet voetballen, je krijgt veel minder adem binnen. Toch rent het elftal van onder 15 jaar zonder morren met een mondkapje rond als ze op een zonnige donderdag voor het eerst weer op het veld staan. Ze houden de kapjes de hele training van anderhalf uur netjes op. Hoogstens hangt het af en toe even op hun kin, of ze doen het even af als ze op adem staan te komen. Op hun voorhoofd glinstert het zweet.

De jeugd van Beijing Guoan traint voor het eerst sinds vier maanden weer samen in de buitenlucht. Het eerste elftal van Guoan, voluit Beijing Sinobo Guoan geheten, speelt in de Chinese Super League, de hoogste competitie.

Bij de jeugdopleiding van de topclub is sinds 2018 een groep buitenlanders actief die de trainingen op een hoger niveau moeten brengen. Het zijn vooral Nederlanders die vroeger voor ADO Den Haag en Ajax werkten. De jeugdopleiding van Guoan wordt inmiddels in China erkend als een van de vier beste van het land. Het initiatief om weer met de gezamenlijke trainingen te beginnen kwam ook van Nederlandse kant.

De trainingen vinden plaats op een kunstgrasveld in een sportpark in het oosten van de stad. Zonder mondkapje mag je het terrein niet op. Langs de kant staat een oudere man toe te kijken. Het is Yang Pu, het Chinese hoofd van de jeugdopleiding van Guoan. Hij is een beroemdheid in China. In 2002, het enige jaar dat China zich wist te plaatsen voor een WK-eindronde, speelde hij in het nationale team.

Naar die WK-wedstrijden, die werden gespeeld in Zuid-Korea, keken zo’n driehonderd miljoen mensen. Chinese voetbalfans schaften 170 miljoen nieuwe televisies aan om alles zo goed mogelijk te kunnen zien. Maar China scoorde niet en verloor alle drie zijn groepsduels, een nationale blamage.

Sinds Xi Jinping in 2012 aan de macht kwam, doet China er alles aan om het voetbal te stimuleren. Tot nu toe heeft zich dat nog niet vertaald in internationaal succes.

Zomerse start

Het Chinese voetbalseizoen loopt normaal van eind maart tot begin november. Yang Pu denkt dat, als de situatie rond Covid-19 het toestaat, de nationale competitie op zijn vroegst eind juni, begin juli weer kan beginnen. Tot die tijd is het trainen om weer op krachten te komen. „Daarna kunnen we onderling wedstrijdjes spelen. Dan volgen nog de oefenwedstrijden tegen andere clubs”, zegt Yang.

Op het veld zijn de spelers in groepjes bezig met oefeningen die hun balans, coördinatie en conditie moeten verbeteren. Wel rustig aan, ze hebben vier maanden binnen gezeten, dus ze zijn heel kwetsbaar voor blessures. Op het veld mogen alleen de voetballers en trainers komen, ouders staan buiten het veld door een hekwerk te kijken naar hun kinderen.

„We waren van plan om op 1 februari weer te beginnen met een trainingskamp in Zuid-China, maar het is 23 april geworden. En dus gewoon hier in Beijing”, vertelt Paul van Lith, ex-ADO. Hij is verantwoordelijk voor de administratie en de organisatie van de jeugdopleiding.

Alle spelers op het veld komen uit Beijing. Daarom hoefden ze niet verplicht twee weken in quarantaine. Die regel geldt voor iedereen die vanuit andere delen van China of het buitenland terugkomt naar de hoofdstad; eerst veertien dagen binnenzitten, dan pas de straat op. Met een app moet je aantonen dat je de stad niet uit bent geweest.

Contactsport

Bij binnenkomst hebben alle spelers die app laten zien. Ook is hun temperatuur gemeten, ze hebben hun telefoonnummer achtergelaten en ze hebben verklaard dat ze niet verkouden zijn en geen andere symptomen van Covid-19 hebben.

Maar voetbal is wel een contactsport Als de jongens een partijvorm spelen waarbij ze elkaar de bal proberen af te pakken, komen ze dicht bij elkaar in de buurt. Is dat niet riskant? „Dat is heel lastig als je een voetbalspelletje speelt”, zegt Patrick Ladru, ex-Ajax en het Nederlandse hoofd van de jeugdopleiding. „Ik ben benieuwd hoe ze dat in Nederland gaan doen, zeker met Nederlandse kinderen.”

Ladru vertelt dat de temperatuur en gezondheid van de spelers steeds gemeten wordt. „Een risico is er altijd, maar zo moet je niet gaan denken”, zegt hij. „ Het belangrijkste is dat we weer starten, in ieder geval met een mondkapje werken en elkaar niet onwijs knuffelen. Hoe de reactie is, moeten we afwachten. Dat moeten we goed evalueren.”

De jeugdspelers van Guoan hebben in de vier maanden dat ze thuis zaten wel groepsgewijs getraind, maar dan voor de webcamera, onder leiding van de Britse trainer Luke Theakston. Hoe nuttig die trainingen ook waren, ze kunnen een gezamenlijke veldtraining niet vervangen. Ze lopen na anderhalf uur moe en bezweet van het veld af. Over twee dagen is de volgende training, daarna wordt het vier keer per week. Eindelijk kan het seizoen beginnen.

Gao Han (14 jaar) ‘Bang om ziek te worden ben ik niet’


„De oefeningen die we thuis deden, hadden elke week een andere focus. Soms trainden we op explosieve kracht, soms op zelfbeheersing en uithoudingsvermogen, soms op evenwicht en coördinatie.

Ik woon met mijn ouders en mijn tante. Dat ging heel goed. Je moet elkaar respecteren en elkaar de ruimte geven, dan krijg je geen ruzie.

„Bang om ziek te worden ben ik niet: we worden elke dag heel streng gecontroleerd. Niet alleen je temperatuur, maar ook waar je bent geweest.

„Anderhalve meter afstand houden tijdens een wedstrijd is misschien moeilijk, daarom is het belangrijk dat je steeds een mondkapje draagt. Daarmee gaat het ademen veel zwaarder. Je hebt dus een nóg betere conditie nodig dan normaal om goed te spelen. Maar ik geloof wel dat het kan.

„Als ik later geen profvoetballer kan worden, wil ik zo lang mogelijk doorstuderen en een PhD halen.”

Wei Jia’ao (14 jaar) ‘Contact via de sociale media is toch anders’


„Ik merkte tijdens de training dat ik minder conditie heb, en ook minder kracht. Het is heel fijn om weer buiten te mogen trainen. Dit is een mooie omgeving. Ik ben heel blij om mijn vrienden weer te zien. We hebben wel contact gehouden via de sociale media, maar dat is toch anders.

„Thuis woon ik met mijn ouders en mijn oudere zus. Het was niet vervelend om zo lang met elkaar binnen te zitten. We hebben veel spelletjes op internet gedaan en ook lekker gegeten. Maar thuis trainen is lang niet zo leuk als hier. Hier kan je pas weer echt voetballen.

„Ik zit al twee jaar bij de jeugdopleiding van Guoan. Als ik later geen profvoetballer of trainer kan worden, wil ik graag naar een hogere beroepsopleiding. Dan word ik sportleraar.”

Zhu Chen (14 jaar) ‘Juist omdat ik veel train, heb ik een goede weerstand’


„Elke week kregen we oefeningen op van onze trainer, die deden we tegelijkertijd voor de webcamera. Dat was ’s middags. ’s Ochtends volgden we via internet onze gewone lessen voor school. ’s Avonds keek ik televisie, en de volgende dag ging het weer precies zo. Ik ben heel blij dat we nu weer echt samen kunnen trainen.

„Ik ben nooit bang geweest om zelf Covid-19 te krijgen. Juist omdat ik veel train, heb ik een goede weerstand. Daardoor is de kans dat ik die ziekte krijg maar heel klein. Ik ken ook niemand die ziek is geworden. Ik ben niet bang dat ik hier alsnog de ziekte oploop, want alles wordt heel streng gecontroleerd.

„Ik wil later graag profvoetballer worden. Maar als dat niet kan, dan word ik trainer. Als dat ook niet kan, wil ik een eigen zaak beginnen. Of een restaurant.”