‘Zelfbeheersing is een deugd die we zijn kwijtgeraakt’

Social distancing We vinden het maar knap lastig: de discipline opbrengen die nodig is in deze nieuwe samenleving. Hoe komt dat?

Wijkagenten in een park in Den Haag controleren of mensen zich aan de coronamaatregelen houden.
Wijkagenten in een park in Den Haag controleren of mensen zich aan de coronamaatregelen houden. Foto Robin van Lonkhuijsen/ANP

De politie was afgekomen op een anonieme melding: in de tuin van een groot, vrijstaand huis in Tilburg was een mogelijk vuurwapengevaarlijk persoon gesignaleerd. Maar toen de agenten zondagnacht binnenvielen, werden enkel snacks en salades en 12.000 euro aan contant geld aangetroffen, en 23 mensen die bezig waren met een pokertoernooi. Tegen de organisator, een 31-jarige Tilburger, werd proces-verbaal opgemaakt. Het was uit verveling, zei hij, dat hij het feest voor zijn vrienden had georganiseerd.

Binnenblijven en anderhalve meter afstand houden lijken moeilijker te worden nu de maatregelen tegen de verspreiding van het nieuwe coronavirus ruim zes weken duren en het einde nog niet in zicht is. Uit een steekproef van Omroep Brabant bleek deze week dat er vergeleken met het begin van de coronacrisis bijna een kwart meer auto’s op de snelwegen rijden, vooral tijdens de spits. „Op straat zie je het weer drukker worden”, zei Mark Rutte dinsdag tijdens de persconferentie. Een dag eerder schreef het Outbreak Management Team aan het kabinet dat het „een uitdaging zal zijn om gedragsverandering voor een langere tijd vast te houden”.

Rutte toonde begrip voor het ongeduld van mensen die weer naar de kapper, een terras of hun grootouders willen. Ook deed de premier een moreel appel op alle Nederlanders. Hou vol, zei hij, doe dit voor elkaar. „De spagaat waarin we nu komen, is dat elke versoepeling, hoe klein ook, nog meer zelfbeheersing, nog meer discipline en nog meer geduld vraagt van iedereen.”

Lees ook ‘Het ligt niet aan mij, het is het virus’, zucht Rutte

Maar hoe werkt dat, jezelf in toom houden? NRC vroeg het drie filosofen.

‘Explosie van vrijheid’

Zelfbeheersing is een deugd die we langzaam maar zeker zijn kwijtgeraakt, zegt hoogleraar ethiek en lector bildung Joep Dohmen. „In de loop van de jaren zestig en zeventig ontstond er een emancipatie waarin mensen loskwamen van kerk en staat, en steeds meer aan zichzelf werden overgeleverd.” Het gevolg: „een explosie van vrijheid en blijheid”. Maar met het neoliberalisme kwam eind jaren negentig ook de keerzijde: de uitwassen van het kapitalisme lieten een groeiend gebrek aan zelfbeheersing zien.

Door de coronacrisis is er in één klap een eind gekomen aan de grenzeloosheid. Er zijn volgens Dohmen drie dominante emoties in de samenleving ontstaan: angst, woede en verdriet. „Woede is er bijvoorbeeld bij ondernemers: mensen die jarenlang een zaak hebben opgebouwd. Hun levenswerk wordt nu vernietigd.”

Zelfbeheersing betekent dat je die emoties onder controle moet zien te krijgen. „Dat is de collectieve taak die de overheid bij ons neerlegt.”

Een immense opgave, erkent Dohmen. „Ik denk dat het alleen lukt als er sprake is van intrinsieke motivatie. Dat we inzien dat zich een grote tragedie afspeelt, die nog veel groter wordt als wij ons niet beheersen, en daarnaar handelen. Ik denk dat veel mensen nog steeds niet geloven in die noodzaak.”

Dat de premier een beroep doet op onze zelfbeheersing past bij de strategie van een ‘intelligente lockdown’, zegt Paul van Tongeren, emeritus hoogleraar ethiek. „Er zijn minder strenge regels opgelegd door de overheid dan in andere landen, de premier zoekt naar een manier waarop wij onszélf kunnen dwingen.”

Er zit altijd iets gewelddadigs in zelfbeheersing, zegt Van Tongeren, en in die zin is het geen klassieke deugd – eerder een kenmerk van iemand die probéért deugdzaam te leven. Want wie deugdzaam is, heeft dat soort verlangens al in de hand. „Het is jezelf in de tang houden, de tanden op elkaar. Je vecht ergens tegen, in dit geval de drang weer vrijer te gaan leven.”

Zelfbeheersing is dus een stapje op weg naar deugdzaamheid, een optimale kwaliteit. Er is volgens Van Tongeren maar één manier om dat te bereiken: „Eindeloos oefenen terwijl we ons voorbeelden voorhouden van mensen die het al lijken te kunnen.” Elke deugd is een midden tussen te veel en te weinig. Neem bijvoorbeeld moed: „Wie voor elk gevaar wegloopt is evenmin moedig als degene die zorgeloos op elk gevaar afstormt. Hamsteren om een eventueel tekort voor te zijn, is even dwaas als geen rekening houden met besmettingsgevaar bij het winkelen.”

Het lastige met deugden is, zegt Joep Dohmen, is dat ze niet „los verkrijgbaar” zijn. Zelfbeheersing vraagt om verstandigheid, moed en geduld, vriendelijkheid en inlevingsvermogen. „Dat moet je dus óók allemaal oefenen. En dat kost tijd.”

Oud-Denker des Vaderlands Marli Huijer, die een boek schreef over discipline, denkt dat de zelfbeheersing die van ons gevraagd wordt onmogelijk in een week of een maand valt aan te leren. „Het is net als met sport: hoe langer mensen trainen, hoe beter ze erin worden.” Dat in onze samenleving relatief weinig discipline van bovenaf is opgelegd, maakt de huidige situatie volgens haar extra moeilijk. „De terrasjes die met rood-witte linten zijn afgezet, zijn voor veel mensen een tantaluskwelling.”

Wat we kunnen doen, zegt Huijer, is zoeken naar manieren om het makkelijker te maken. Bijvoorbeeld door discipline uit te besteden aan onze omgeving: „Spreek met vrienden af dat ze jou erop aanspreken wanneer je te weinig afstand houdt.” Zelf loopt ze in het park af en toe met een tak. „Zo weet ik zeker dat hardlopers niet tegen me aan botsen.”

Maak werk van de anderhalve metersamenleving, zegt Huijer, geef er creatief vorm aan. „Nederland heeft geweldige ontwerpers, dat is onze kracht. Ik ben bijvoorbeeld erg blij met al die strepen en pijlen op de stoep, ze zorgen dat je niet meer na hoeft te denken. Niets is zo disciplinerend als hoe iets is ingericht.”